Ons belang

Een ideaal, een ergernis, of gewoon de wens betrokken te zijn. Mensen hebben allerlei motieven om zich te organiseren. Martijn de Rijk volgt hen. Een tocht door het maatschappelijk middenveld.

Martijn de Rijk

Karel van Broekhoven was tien jaar geleden alleen nog maar actief voor de fietsersbond. Op een gegeven moment bedacht hij dat het hem een hoop gesoebat zou besparen als hij zelf in de politiek zou gaan, en binnen de kortste keren was hij wethouder voor GroenLinks, een partij die het beste voor heeft met het milieu en dus ook met de fiets.

Daar zat hij dan, als een echte belangenvertegenwoordiger. De anderen in de partij hadden daar niet zoveel mee, die waren meer met het onrecht in de wereld bezig. Karel heeft het idee dat hij tussen die mensen zijn belang vanzelf ruimer ging stellen - hij kreeg gevoel voor rechtvaardigheid. Zo kwam het dat hij, inmiddels wethouder af, dit jaar bij Palestina betrokken raakte.

Het Haarlemse Palestinaplatform vergadert waar je het zou verwachten, in het plaatselijke Mondiaal Centrum. Ze zijn met z'n zessen; vertegenwoordigers van werkgroepjes die allemaal een taak hebben gekregen.

Karel is voorzitter. Hij wil beginnen met het opstellen van de agenda, maar Matth is nog bezig te zeggen dat hij het niet meer wil weten, al die ellende in de wereld. Wat hier niet allemaal in die kale kop zit, roept hij gepijnigd, en kijkt even rond, zich half verontschuldigend voor zoveel emotie. Geeft niet Matth, maar nu de agenda.

Eerst de handtekeningenactie - vijf zaterdagen lang, met een kraampje in de Grote Houtstraat. Muhammed, die uit Jemen gevlucht is, legt uit dat ze niet zo maar op de tekst 'Eindig de bezetting nu' zijn gekomen. Daar kan namelijk niemand tegen zijn. Als ze hadden gezegd 'Vrede voor de 'Palestijnen' of 'Stop de oorlog tegen de Palestijnen' dan kunnen de mensen altijd zeggen: ja, maar dan moeten de Palestijnen ook ophouden. Muhammed glimlacht van oor tot oor.

Of er nog rare dingen zijn gebeurd, vraagt Karel. Iemand heeft 'terrorist' naar ze geroepen vertelt Eddy. Nou, als het niet erger is; in Amsterdam maken ze wel anders mee. Ja, maar daar staan ze dan ook met sandwichborden met 'Boycot Israël' erop, weet Eddy. Heel onverstandig, bromt Karel, je moet niet zo veel weerstand oproepen. Vooral informatie geven, dat is het beste.

En dan zwaait Joke met een papier: ze heeft een nieuwe samenvatting gemaakt van het boek Kinderen van één vader - nu past het op een A-viertje. Ze wou het al een paar keer zeggen. Het was een heel werk geweest.

Tweeduizend handtekeningen hebben ze al opgehaald. De vraag is nog even wat ermee moet gebeuren, maar je ziet toch maar wat een succes zo'n actie heeft. Het leeft meer onder de mensen dan onder de politici, concludeert Eddy bitter - de politici weten niet wat de mensen op straat denken.

Fortuyn schreef het toch duidelijk zat, zegt Matth, maar het dringt niet door; je snapt het niet. Hij begint er weer over dat hij de krant niet durft te lezen, dat we ons druk maken over nul-komma-nul-nul-zes procent premiestijging of zoiets terwijl er zoveel verschrikkelijks is gebeurd in de oorlog, met de Joden bijvoorbeeld, maar dat we er niets van geleerd hebben en alles maar laten doorgaan. Wir haben es nicht gewusst, zeggen we straks zeker weer.

Ja Matth, je hebt gelijk, maar nu nog even de andere punten.

Muhammed heeft nog een voorstel voor de handtekeningenactie: de eis aan allebei, aan Israël en Hamas: Maak geen burgerslachtoffers.

Nee, zeggen ze allemaal, Karel voorop, dat zou onverstandig zijn. Muhammed snapt het niet en legt het allemaal nog eens glimlachend uit, in zijn beste Nederlands. Het is toch een eis aan beide partijen? Daar kan toch niemand het mee oneens zijn?

Maar nee, ze willen het niet. In mijn kring, zegt Tiny, moet je niet over Hamas beginnen, dan klapt iedereen meteen dicht.

Tiny is in de politiek een liberaal. En ze is streng. Als blijkt dat er bij een herdenking van twee jaar intifada Palestijnse en Marokkaanse bands zullen spelen, zegt ze met verachting: reuze gezellig. Van haar hoeft het niet, zo'n feestje. Ze is ook niet zo'n actievoerder. Maar het was met de inval in Jenin, begin dit jaar, dat ze dacht: ik doe geen moeite meer om dit te begrijpen - dit moet ophouden.

Ze kent een citaat van Maarten Lu-ther King uit haar hoofd: Wij moeten voortdurend dijken van moed opwerpen tegen de stormvloeden van de angst.

Er is veel ellende in de wereld, maar om je daar over uit te spreken is politiek gezien niet zo heikel. Hier moet je echt je nek voor uit steken. Dat was gebleken, zegt ze afgemeten. De weerstand, de woede die ze tegen is gekomen. Sociaal voelende mensen, mensen die normaal gesproken heel redelijk zijn, die willen er niet eens over práten. Dat komt natuurlijk door schuldgevoel. Maar wij hebben die schuld, zegt ze, de Palestijnen toch niet?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden