Onrust stoken voor een 'groot Rusland'

Veel separatisten die de macht grepen in Oost-Oekraïense steden hebben eerder in andere voormalige Sovjet-republieken gestreden. Maar hun droom van een eigen republiek, die al was verzwakt in de gevechten met Kiev, lijkt vervlogen na de ramp met vlucht MH17.

Jonge medewerkers van de persdienst van de 'Volksrepubliek Donetsk' dromen hardop van de lichtende toekomst die hun door niemand erkende staat wacht. "Kijk naar Israël! Zo'n klein land, en hoeveel mensen wonen er nou helemaal. Er is daar niks, alleen woestijn, maar wat ze daar hebben klaargespeeld! Kunnen wij dat soms niet? Wij zijn groter dan Israël, hebben meer mensen en veel meer economisch potentieel."

Enkele verdiepingen hoger in het door pro-Russische opstandelingen bezette provinciale bestuursgebouw van Donetsk zetelt het kabinet van de Donetskrepubliek. Boven de secretaresses aan de muur hangt naast het portret van de eigen premier, Aleksandr Borodaj, een foto van de Russische president Poetin. Een kilometer verderop staan langs de hoofdstraat van Donetsk pantservoertuigen die de Russische vlag voeren.

De stemming in Donetsk roept een sterk gevoel van déjà vu op. Langs de westgrens van Oekraïne ligt Transdnjestrië, een strook land in het oosten van Moldavië, waar in 1992 fel werd gevochten tussen regeringstroepen van de nog jonge staat Moldavië en Russisch-sprekende separatisten. Er zijn opvallende parallellen met het conflict dat zich nu in Oost-Oekraïne afspeelt. Transdnjestrië was een van de economisch meest ontwikkelde gebieden van Moldavië. De separatisten daar voerden strijd tegen wie zij steevast aanduidden als nietsontziende Moldavisch-Roemeense 'fascisten'. En de 'republiek' werd geleid door een Russische staatsburger, Igor Smirnov.

In de straten van Tiraspol zag je in die dagen Russische kozakken. De separatisten kregen er actieve steun van het Russische leger. Smirnov beloofde gouden bergen, maar veranderde de regio in plaats daarvan in een maffiastaatje dat leefde van smokkel en corruptie. Transdnjestrië werd een vergeten strook niemandsland, een soort Sovjetmuseum waar alle ontwikkeling tot stilstand kwam, als lag het in de verboden zone rond Tsjernobyl.

Igor Girkin liep er ook rond, indertijd. Volgens de schaarse gegegevens over zijn levenswandel vocht de huidige militaire leider van de 'Donetskrepubliek' in zowel Transdnjestrië als Bosnië, alvorens deel te nemen aan Russische militaire operaties in Tsjetsjenië. Ook Vladimir Antjoefejev maakte begin jaren negentig zijn opwachting in Tiraspol. De in Novosibirsk geboren Rus had er onder het pseudoniem Vadim Sjevtsov jarenlang de geheime dienst onder zijn hoede. Sinds kort is hij vice-premier van de 'Volksrepubliek Donetsk'. Antjoefejev is een op het oog beminnelijke, weinig spraakzame man die, in tegenstelling tot veel andere separatistenleiders in Donetsk, keurig in het pak is gestoken.

Premier Borodaj is volgens sommige bronnen ook in Transdnjestrië geweest, begin jaren negentig. In 1993 nam hij - en met hem veel Transdnjestrië-veteranen - deel aan de opstand tegen het bewind van de Russische president Boris Jeltsin, die werd gesmoord toen Jeltsin tanks inzette tegen het parlement.

De overwegend Russische leiders van de 'Volksrepubliek Donetsk' zijn dus door de wol geverfd. Aanvankelijk leek het hun voor de wind te gaan. Met nog enkele groepen grepen ze de macht in de provincies Donetsk en Loegansk, op de golven van jarenlang groeiende onvrede onder de bevolking met het beleid uit Kiev, de vooral door de Russische media willens en wetens gezaaide angst voor brandschattende 'fascisten' uit het westen van Oekraïne, plus breed enthousiasme over de bliksemsnelle en betrekkelijk vreedzame annexatie van de Krim door Rusland. Zelfs al betreurden veel pro-Russische Oekraïners het verlies van de Krim, het idee van nauwere banden met het rijkere grote buurland sloeg bij een deel van de bevolking aan.

De perspectieven voor de 'volksrepublieken' leken gunstig: relatief brede steun onder de bevolking (met een zwijgende meerderheid die weliswaar pro-Oekraïens was maar zich met het oog op toenemend geweld tegen 'andersdenkenden' wijselijk gedeisd hield) en een lange gemeenschappelijke grens met Rusland, waardoor steun in mankracht en materieel gemakkelijk konden worden aangevoerd. Plus een Oekraïens leger dat slecht was uitgerust en georganiseerd, en dat nog nooit een echte oorlog had gevochten, dit in tegenstelling tot diverse rebellenleiders en hun volgelingen die al menig slagveld hadden overleefd, van Transdnjestrië tot Tsjetsjenië. Oekraïne stuurde pantservoertuigen naar de stad Slavjansk toen daar gewapende opstandelingen de macht grepen. Maar de onervaren soldaten werden eenvoudig omsingeld en ontwapend door aanhangers van de separatisten.

Voor de Russische president Poetin was de buit in feite al binnen. De geslaagde operatie op de Krim had zijn lang tanende populariteit weer tot grote hoogte opgestuwd. De Krim was ferm in Russische handen en het spookbeeld van Navotroepen op het schiereiland was verdwenen. Tegelijkertijd had Poetin de nieuwe machthebbers in Kiev, die Moskou beschouwt als marionetten van het Westen, een hak gezet. Honderden mensen die, in de optiek van het Kremlin, hadden bijgedragen aan de inlijving van de Krim, werden in het diepste geheim onderscheiden.

Vingers in de pap

Onrust stoken in het oosten van Oekraïne was een logisch vervolg en zonder noemenswaardig risico, zeker gezien de lauwe Oekraiense reactie op de annexatie van de Krim. Oost-Oekraïne als een reuzenversie van Transdnjestië, Zuid-Ossetië of Abchazië - allemaal Russische spaken in het wiel en dus vingers in de pap van de ex-Sovjetrepublieken Moldavië en Georgië - leek een alleszins reëel perspectief. Tot annexatie hoefde het wat Moskou betreft waarschijnlijk niet te komen, al zal ook dit scenario in bepaalde kabinetten wel zijn overwogen. Sommigen bleven dromen van een 'groot Rusland'. Onder hen Aleksandr Borodaj, die nog in april pleitte voor aansluiting van Oekraïne bij Rusland.

De realiteit bleek weerbarstiger. Waarschijnlijk hadden noch de Russen, noch de separatisten in de oostelijke provincies gerekend met enige serieuze militaire tegenstand. Het Oekraïense leger maakte zich met vallen en opstaan het métier van oorlogvoeren eigen. Daarnaast verschenen er paramilitaire groepen in Oekraïne waarbij sterk gemotiveerde burgers zich aansloten. De eerste schoten vielen, daarna spraken de artillerie en de luchtmacht. Er vielen doden. Het was oorlog.

Dat besef drong waarschijnlijk voor het eerst goed door toen opstandelingen eind mei meenden zonder noemenswaardige problemen het vliegveld van Donetsk te bezetten. Kort ervoor hadden ze met veel bravoure geparadeerd in de straten van Donetsk. Het was voor het eerst dat in de stad zoveel wapentuig openlijk werd getoond. De stemming was vrolijk. Vrouwen die sympathiseerden met de separatistische zaak poseerden met tot de tanden bewapende Tsjetsjeense en Osseetse strijders die deel uitmaakten van het zogeheten 'bataljon Vostok'. De meesten van hen waren binnen enkele dagen dood. Het Oekraïense leger verdreef de opstandelingen met veel vertoon van macht van de luchthaven.

In het nachtelijk duister gingen de eerste koelwagens met lijkkisten de grens over naar Rusland. De Russische televisie zweeg erover in alle talen. Het slechtste scenario voor Rusland leek op dat moment een directe, openlijke militaire betrokkenheid bij de gevechten in Oost-Oekraïne, een situatie waarin het ook voor het eigen publiek niet langer te verhullen zou zijn dat Russische militairen massaal sneuvelen in een strijd tegen het buurland. Het zou funest zijn voor Poetins rating.

Samen met onder meer de dreiging van meer en meer westerse sancties verklaart het de terughoudendheid van Rusland al te openlijk betrokken te raken bij de strijd in Oekraïne. Op last van Poetin werden Russische troepen teruggetrokken van de grens en de Federatieraad trok de eerder gegeven toestemming in zo nodig troepen in te zetten in Oekraïne om de Russisch-sprekende bevolking daar te beschermen. Een formele daad, die snel weer ongedaan gemaakt kan worden, maar toch een duidelijk signaal dat Rusland pas op de plaats wilde maken, of althans die indruk wilde wekken.

Dat bleek ook uit het uitblijven van openlijke militaire steun voor de rebellen in Slavjansk, die onder aanvoering van 'oppperbevelhebber' Girkin twee maanden lang de Oekraïense troepen op een afstand hadden gehouden. Zijn soms dramatische oproepen aan het adres van Moskou vonden geen gehoor, waarna hij zich gedwongen zag zich met zijn resterende manschappen terug te trekken naar Donetsk.

De Russische media gingen intussen onverdroten door met het zwart maken van alles wat Oekraïens was. Wat Kiev een 'anti-terroristische operatie' noemde, heette in Rusland een 'strafexpeditie' tegen 'ongewapende burgers'. De Russische televisie berichtte van Oekraïense soldaten, die in het heroverde Slavjansk voor de ogen van zijn ouders en de bijeengedreven bevolking een kind zouden hebben gekruisigd. Het zoveelste bakerpraatje, bleek al gauw, en opnieuw een déjà vu van lang vervlogen tijden, toen in Transdnjestrië soortgelijke verhalen de ronde deden over de gruweldaden van de 'Roemeense fascisten'.

Bombardementen

Ook voor de inwoners van de provincies Donetsk en Loegansk kwam de oorlog als een schok. De droom van een 'feest der hereniging' à la de Krim werd wreed verstoord. Niemand had gerekend met een echte oorlog, met burgerdoden en verwoestende bombardementen. De woede over een droom die een nachtmerrie werd richt zich zowel op de regering in Kiev als op de separatisten. Na twee maanden van zware strijd snakt de bevolking in de getroffen gebieden bovenal naar vrede, ongeacht wie er aan de macht is, en naar betrouwbare informatie over wat er eigenlijk aan de hand is, zonder bakerpraatjes en verzinsels. Het huidige Slavjansk laat zien hoe Oost-Oekraïne eruit ziet als de oorlog voorbij is.

Met de ramp met het toestel van Malaysia Airlines lijkt het lot van de 'volksrepublieken' Donetsk en Loegansk bezegeld. Er zijn talrijke aanwijzingen voor de waarschijnlijke betrokkenheid van de separatisten en van Rusland bij het neerhalen van het toestel. Maar ook zonder harde bewijzen daaromtrent hebben de leiders van de 'Volksrepubliek Donetsk' zich al in hoge mate in diskrediet gebracht, door het dwarsbomen van de bergingsoperatie en de plunderingen ter plekke die ze niet hebben kunnen of willen voorkomen.

Met buitenissige verklaringen voor de ramp - bijvoorbeeld dat de inzittenden van het toestel al enkele dagen dood waren en dat het waarschijnlijk een provocatie van Kiev was - suggereren de leiders van de separatisten dat ze ieder gevoel voor de realiteit kwijt zijn. Het is waarschijnlijk niet toevallig dat de 'parlementsvoorzitter' van de Donetskrepubliek, Denis Poesjilin, de dag na de ramp ontslag heeft genomen, tijdens een bezoek aan Moskou, zonder opgaaf van redenen. Poesjilin was wellicht de meest 'representatieve' separatistenleider, die geregeld in net pak in Moskou verscheen om daar tekst en uitleg te verschaffen over de gebeurtenissen in de 'Volksrepubliek Donetsk'.

Oekraïense legerleiders zeiden kort voor de ramp met de Boeing-777 dat de gevechten nog wel twee tot drie maanden zouden duren. Het is niet uitgesloten dat het sneller zal gaan, zeker nu alles wat er in de regio gebeurt met argusogen zal worden gevolgd door een buitenwereld die tot afgelopen donderdag maar weinig oog had voor deze oorlog aan de oostflank van Europa.

tekst

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden