Onorthodoxe jazzstandards

Hans Teeuwen: 'Als je, zoals ik, perfectionistisch eerzuchtig bent, dan wil je niet dat mensen 'tevreden' zijn. Je wilt dat ze weggeblazen worden.' (Trouw) Beeld
Hans Teeuwen: 'Als je, zoals ik, perfectionistisch eerzuchtig bent, dan wil je niet dat mensen 'tevreden' zijn. Je wilt dat ze weggeblazen worden.' (Trouw)

Na een meer dan glanzende cabaretcarrière heeft Hans Teeuwen (43) zich gestort op het zingen. Met zijn band Hans Teeuwen & The Painkillers maakte hij de cd ’How It Aches’.

’Het begon ermee dat ik gegrepen werd door de songs van Frank Sinatra. Daarna heb ik een paar keer in Toomler, het Amsterdamse comedycafé, meegedaan met bandjes. Toen ben ik er weer een hele tijd niet mee bezig geweest en op een gegeven moment heb ik op een huwelijk weer eens twee nummers gezongen.

„Mijn drang komt in eerste instantie voort uit het feit dat ik het lekker vind om te luisteren naar muziek van anderen. Ik wil dan voelen hoe het is om het zelf te doen. Als dat eenmaal zo ver is, vind ik dat het zich verder moet blijven ontwikkelen. Als je de liedjes in de auto meezingt, moet je het daarna zelf gaan doen. Dan is het een logische stap dat je muzikanten gaat vragen. De volgende stap is dan weer dat je eigen materiaal gaat schrijven, daarmee gaat optreden en er uiteindelijk een cd van maakt, zoals nu het geval is.

„Nummers die van jezelf zijn, geven een meerwaarde. Ik merk dat ik meer vrijheid durf te nemen in de interpretatie, ik voel me vrijer omdat ik niet hoef te concurreren met illustere voorgangers. Ik merk ook dat het publiek er beter op reageert, het is meer up-tempo, meer rock-’n-roll en meer blues dan de standards die ik zing.

„Het schrijven van de liedjes was makkelijker dan het schrijven van een cabaretprogramma omdat ik muzikaal veel meer hulp had. Ik word ondersteund door muzikanten als saxofonist Benjamin Herman en gitarist Jesse van Ruller. Het is weer moeilijker omdat het schrijven van een songtekst regel voor regel gaat. Bij een cabaretnummer of een conference kun je doorassociëren, het ene lokt het andere uit. Een lied is meestal gebaseerd op één goed idee, één goede zin. Dan weet je: ik heb de goede insteek, maar het blijft puzzelen om te zorgen dat het allemaal mooi blijft kloppen. Het krijgen van een idee voor een lied kun je niet afdwingen, je moet soms gewoon lang wachten en alert zijn.

„Ik heb me zeker ook laten inspireren door het repertoire, de jazzstandards uit het Great American Songbook, dat ik al zong. Ik heb echt geprobeerd om een paar keer zo’n soort nummer te maken. Nauwkeurig qua tekst, geen woord te veel en met een mooi kloppend rijmschema. Mijn poging om een klassieker te schrijven. Andere nummers op de nieuwe cd hebben meer rauwheid, maar dat komt ook omdat je je in deze tijd veel meer kunt permitteren. Ze dragen wel allemaal onmiskenbaar mijn handtekening en mijn vaste thema’s – nihilisme, goddeloosheid, seks en geweld – komen er in terug. In die zin is het een onorthodoxe versie van de jazzstandards.

„Ik zie het zingen en songs schrijven niet als een tweede carrière. Het is een nieuw ding ’erbij’. Ik doe heel veel dingen. Ik speel shows in het Engels, ik heb een uitgebreide website, ik heb een film gemaakt. Maar het zingen is wel iets wat ik serieus neem. Ik kan het publiek er direct mee aanspreken. Ik heb al een verstandhouding met het publiek, terwijl jazzmuzikanten over het algemeen wat introverter zijn. Toch moest ik scepsis overwinnen, het publiek ervan overtuigen dat het echt goed is. Mensen zijn er niet dol op om iemand iets anders te zien doen dan waar ze hem van kennen. Helemaal niet zelfs. Dus ik was enorm gedreven en ik kan me voorstellen dat ik de muzikanten met wie ik speel daarmee heb aangestoken: we zullen ze eens wat laten zien!

„Optreden is heel leuk. Ik wil het altijd perfect doen, dus het is een proces dat nooit ophoudt. Het kan altijd beter. De mooiste momenten zijn, net als bij cabaretoptredens trouwens, de momenten dat je niet nadenkt. Je lijkt te zweven, stijgt boven de materie uit. Dat overkomt je, er is geen recept voor om dat te laten gebeuren. Het fijne is dat het nu collectief gebeurt, dan is zijn die momenten nog mooier. Het is leuk om te zien dat een muzikant soms net iets wakkerder is dan de rest en daarmee ons allemaal ’infecteert’.

„Ik ben nog steeds zenuwachtig voor een optreden. Maar wel steeds minder manisch. Minder alsof het leven ervan afhangt. Omdat ik het beter onder de knie krijg. Als je, als ik, perfectionistisch bent en als artiest eerzuchtig, dan wil je niet dat mensen ’tevreden’ zijn, je wilt dat ze weggeblazen worden. Maar ik heb door te gaan zingen onbekend terrein betreden, dat is heel eng. Ik streef naar een bovenmenselijke inzet, mijn hele instinct wil daar naartoe. Dat is moeilijk als je net begint. Je bent nog wankel en onzeker omdat je het materiaal en het métier nog niet tot in de puntjes beheerst. Dan is het energievretend en zenuwslopend. Maar hoe vaker je het doet, hoe makkelijker het wordt.

„De manier van leven die aan het cabaret hing begon voor mij eentonig te worden. Ik draaide steeds hetzelfde rondje dat ik al kende. Muziek maken jeukte gewoon, daar moest ik iets mee doen. Anders vond ik het zonde. Niet dat ik het gevoel heb dat ik het aan iemand – een hogere macht of een ander – verplicht ben om met mijn talenten te woekeren, ik ben er gewoon achter gekomen dat dit is wat ik graag wil. Ik word ongelukkig als ik niks doe. Dus ik wil stappen nemen. Ook stappen in het onbekende. Dingen die ik nog niet goed kan wil ik onder de knie krijgen en daar het hele traject voor doorlopen. Met de finish in zicht, als je het technische gedeelte in je vingers hebt, wordt het expressie en kan ik communiceren met mijn muziek.”

null Beeld
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden