Review

Onmogelijke herinneringen uit de holocaust

Honderden mensen, verspreid over de hele wereld, geloven dat zij als joden in de holocaust zijn gestorven en nu zijn teruggekeerd - geïncarneerd in een ander lichaam. In twee boeken, waarvan het eerste - 'Onmogelijke herinneringen' - recent in het Nederlands is vertaald, verzamelde de Amerikaanse chassidische rabbijn Yonassan Gershom de reïncarnatie-verhalen die deze mensen hem hebben toevertrouwd en beschrijft hij hoe zij, door bij hem hun hart te luchten, vaak genezing vonden en weer verder konden met hun leven.

Gershom (49), voor de dagelijkse kost kippenboer in Minnesota, is er persoonlijk van overtuigd dat zielen reïncarneren - het reïncarnatiegeloof maakt deel uit van het chassidisch-joodse geloofsgoed. Hij is een volgeling van de achttiende-eeuwse chassidische rebbe Nachman uit Breslov in de Oekraïne, de oprichter van de Breslov'er chassidische beweging. Nachman op zijn beurt is de achterkleinzoon van de Baül Sjem Tov, de stichter van het chassidisme. Ook veel sefardische joden hangen het geloof in reïncarnatie aan, in tegenstelling tot liberale en conservatieve joden, die doorgaans geen weet hebben van het bestaan van joodse leringen over reïncarnatie.

“Jitschak Loeria, een rabbijn uit de zestiende eeuw die gezien wordt als een van de grootste joodse mystici aller tijden, leerde niet alleen over reïncarnatie, maar werd ook beschouwd als iemand die heel gedetailleerd vorige levens kon zien. Hetzelfde,” schrijft Gershom, “is gezegd van Israel Ben Eliezer - de Baül Sjem Tov. Reïncarnatieverhalen van deze beide leraren en hun leerlingen zijn overvloedig aanwezig in geschreven en mondelinge vorm.”

Omdat hij deze klassieke verhalen al kende, was Gershom niet verbaasd toen mensen hem hun eigen herinneringen aan vorige levens vertelden, die eindigden in de holocaust. “Als zielen uit de Spaanse Inquisitie in de zestiende eeuw of van slachtpartijen door Chemielnicki in de zeventiende eeuw konden reïncarneren, waarom dan niet uit de holocaust in deze eeuw?” Hij beschouwde de geschiedenissen die hem werden verteld als een voortzetting van deze traditie en interpreteerde ze in een joods-religieuze context, als reizen van de ziel (door verschillende levens) terug naar God.

Gershom heeft de herinneringen die mensen hem vertelden over de vaak verschrikkelijke omstandigheden waaronder zij zouden zijn gestorven tijdens de holocaust, zeer gedetailleerd beschreven. Voor Nederlanders, die doorgaans goed zijn geïnformeerd over de tweede wereldoorlog, bevatten deze verhalen geen nieuwe informatie. Waarom heeft Gershom ervoor gekozen om de grenzen af te tasten van wat nog kies is? Hij schrijft dat hij niet onbetamelijk wil zijn en niet sensationeel, maar lijkt daarin toch niet steeds te slagen.

De goedgebekte rabbijn verweert zich onmiddellijk tegen dit verwijt. “Verzonnen deze mensen eenvoudig hun verhaal, zagen ze het in Hollywood, of was het echt? Ik denk dat het juist erg belangrijk is voor mensen die onderzoek doen naar de holocaust, dat ze deze gedetailleerde beschrijvingen kunnen herkennen als werkelijk authentiek. Ik ben mij ervan bewust dat men in Europa goed op de hoogte is van wat er in de holocaust is gebeurd, maar buiten Europa - mijn boek is primair geschreven voor een Amerikaans publiek - zijn die details níet zo bekend. Het algemene beeld van de holocaust is dat van de gaskamers. Veel mensen weten niets van de andere vernietigingsmethoden waarvan de Duitsers zich bedienden, bijvoorbeeld het levend begraven van mensen in massagraven.”

“Een andere reden waarom u die details moet weten, is dat de mensen die mij hun holocaust-herinneringen vertelden, hun ervaringen herbeleven. Ze beleven opnieuw hoe het was om daar te liggen en langzaam te stikken, doodgedrukt te worden onder een golf van lichamen. Dat mag verschrikkelijk klinken, maar een feit is dat zulke mensen in hun huidige leven last hebben van deze herinneringen. Ze zijn in dít leven nooit opgesloten geweest in kleine ruimten, er is niets gebeurd, maar toch zijn ze bang, claustrofobisch en raken ze in paniek als ze niet genoeg lucht krijgen. Dit is niet te begrijpen, tenzij je weet hoe iemand in een vorig leven is gestorven en hoe traumatisch en absoluut afschrikwekkend dat was.”

“Veel van de angsten, fobieën en ziekten waarmee deze mensen nú kampen, houden verband met de wijze waarop zij zijn gestorven. Je kunt deze verbinding niet begrijpen en niet beginnen aan de genezing, als je de details niet kent. Alleen door de verbinding te leggen tussen de herinneringen aan een vorig leven en dít leven kan ik laten zien dat vervolgingen van het kaliber holocaust mensen niet alleen traumatiseren op een fysiek niveau maar ook op een spiritueel niveau. Velen hebben geen zelfrespect, vinden zichzelf waardeloos, hebben moeite staande te blijven in de wereld en hebben angsten - voor mensen, geluiden, politie, sirenes.”

“Het is nooit mijn bedoeling geweest om sensationeel te zijn, maar juist om deze mensen empathisch tegemoet te treden, om te voelen waar zij doorheen zijn gegaan. Wanneer je een zitting bijwoont bij een regressietherapeut en je ziet zo'n persoon teruggaan in het verleden, met een schokkend lichaam en snakkend naar adem, dan is dat echt. Dan zit je niet te kijken naar een banale new age-gril, maar naar iets wat reëel is. En dat heb ik, zo goed als ik kon, proberen over te brengen in mijn boek: dit zijn geen verhalen die mensen in zichzelf opmaken, dit is geen fantasie, dit is niet iets wat ze in een film zagen, dit is - integendeel - iets wat van heel diep in hen komt.”

“Ik kan mij voorstellen dat mijn boek sommige mensen tegen de borst stuit, maar anderen, die ook herinneringen hebben aan de holocaust, en mijn boek lezen, voelen zich juist opgelucht en bevrijd, mede dankzij mijn gedetailleerde beschrijvingen. Zij hebben dezelfde angsten als de mensen die ik beschrijf, maar durven er met niemand over te praten, omdat ze vrezen dan voor gek te worden uitgemaakt. Het lezen van dit boek brengt hen verlichting en geeft hen de moed naar een therapeut te gaan.”

In de afgelopen jaren heeft Gershom vijf Anne Franks ontmoet. “Als mensen claimen een beroemd persoon te zijn geweest, ben ik ook achterdochtig. Die verhalen zijn zó bekend. Van de vijf Anne Franks die ik heb ontmoet is één het misschien werkelijk geweest. De andere vier maken verbinding met een archètype. Maar ik wil graag benadrukken dat verreweg de meeste mensen die ik heb gesproken níet claimen een beroemd persoon te zijn geweest. De beschrijvingen die zij geven van de wijze waarop ze zijn gestorven, zijn zo bizar, dat zijn geen zaken die ze ooit op televisie hebben kunnen zien. Neem bijvoorbeeld de beschrijvingen van kinderen - veel van de mensen die ik heb gesproken waren 5, 6 jaar oud toen ze hun ouders voor het eerst vertelden van hun herinneringen. Daarna praatten ze er nooit meer over, totdat ze als volwassenen in therapie gingen. Een kind verzint zulke verschrikkelijke beelden niet, normaal gesproken.”

De lezingen die Gershom geeft naar aanleiding van zijn boek worden over het algemeen bezocht door een niet-joods en seculier-joods publiek. “Joden die al deel uitmaken van de orthodox-joodse gemeenschap zoeken doorgaans geen contact met mij. Zij kennen en begrijpen de joodse leringen over reïncarnatie al, daarvoor hebben ze mij niet nodig. Stel, er wordt in uw stad een workshop gehouden over de kersttraditie: 'hoe vieren christenen kerstfeest?' Zou u dan de behoefte gevoelen daarnaartoe te gaan? Waarschijnlijk niet.”

“Chassidische joden gaan ook nooit naar een therapeut met hun reïncarnatie-ervaringen. Zij vertellen hun verhalen aan de sabbatstafel. De meeste joden die naar mij toekomen zijn dus geen religieuze joden, maar veelal joden die de verbinding met de joodse gemeenschap zijn kwijtgeraakt. Zij willen eigenlijk graag weer aansluiting vinden, maar hun holocaust-herinneringen blokkeren hen daarbij, omdat die hun het gevoel geven dat je maar beter geen jood kunt zijn.”

Zelfs al zóuden de mensen, die rabbijn Gershom heeft gesproken, hun herinneringen aan de holocaust hebben opgemaakt in hun geest - wat hij zelf overigens absoluut niet gelooft - dan nog is het de moeite waard hen aan te horen en te helpen genezen van deze obsessies, vindt hij. “Want het zijn getraumatiseerde personen. Die trauma's zitten zo diep dat sommige levens er totaal door zijn verwoest. Anderen kunnen nauwelijks functioneren, willen niet hier zijn, lijden onder depressies, gebrek aan zelfrespect of hebben zelfmoordneigingen.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden