Ongewenste mest verstikt de duinen

Maanden van hakken, klepelen en plaggen waren ervoor nodig om de Zeepeduinen op Schouwen- Duiveland te ontdoen van ongewenste begroeiing. De oorzaak: vervuiling door stikstof. Nog 116 andere natuurgebieden gaan 'onder het mes'.

De graafmachines, trekkers, klepelmaaiers, bijlen en zagen zijn net vertrokken uit de Zeepeduinen. Het uitgestrekte duingebied bij Burgh Haamstede op Schouwen-Duiveland heeft een ingrijpende hersteloperatie achter de rug. "Een ware metamorfose", noemt Gert de Groot het resultaat, tevreden in het rond kijkend. Hij loopt langs enkele van de vele duinmeertjes in de vochtige duinvalleien. Het heldere water weerspiegelt een flets winterzonnetje. Vóór de herstelwerkzaamheden kon je nauwelijks meer zien dat dit vochtige duinvalleien waren, vertelt hij. "Ze waren volledig dichtgegroeid met pitrus, pijpestrootje en Amerikaanse vogelkers." Van die ongewenste vegetatie is niets meer terug te vinden. De valleien zijn rigoureus leeggehaald en de oevers kaal geschraapt.

Na de Tweede Wereldoorlog, toen de Duitsers hun tientallen bunkers aan dit stukje Zeeuwse kust hadden verlaten, was dit stokoude, voormiddeleeuwse duingebied nog open, met weidse uitzichten over de blonde duintoppen. "Maar met de toenemende industrialisering en de intensivering van de landbouw veranderde dat beeld in rap tempo", vertelt De Groot. Sinds 2001 is hij regiobeheerder bij Natuurmonumenten, op de Kop van Schouwen, Goeree en Voorne. "In Nederland is altijd sprake van successie in de natuur van open gebied naar uiteindelijk bosvorming. In de duinen gaat dat proces normaal gesproken langzaam. Maar de afgelopen decennia zijn de duinen in een onwaarschijnlijk hoog tempo dichtgegroeid. De voornaamste oorzaak hiervan is de neerslag van stikstof."

Meegenomen door de wind kan deze ongewenste 'mest' overal vandaan komen: uit het Duitse Ruhrgebied, uit Engeland, Brabant, van de Maasvlakte - uit fabrieksschoorstenen, automotoren, uit de verbranding van stookolie in zeeschepen en uit de intensieve veehouderij. "Bij stil weer zie je zelfs een bruine band boven de zee hangen", zegt De Groot. "Natuurmonumenten heeft altijd het doel gehad de duinen open te houden, voor het behoud van de bijzondere plant- en diersoorten die in dit landschap thuishoren." Voordat het geld voor de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS) er was, heeft de natuurorganisatie subsidie aangevraagd in het kader van het Europese natuur- en milieuprogramma LIFE. "Op Goeree en Voorne hebben we daarmee veel herstelwerk gedaan en duinterreinen open kunnen maken."

Daar is de PAS (zie kader), gekoppeld aan de beschermende Natura 2000-status van het Zeeuwse duingebied, nu bijgekomen. "Wij stappen alleen in deze regeling, is het standpunt van Natuurmonumenten, als er ook garanties zijn dat de stikstoflast daadwerkelijk afneemt. Die kraan moet dicht, anders hebben herstelwerkzaamheden geen zin. Totdat er bij de bron maatregelen zijn genomen, waardoor de stikstofdepositie structureel afneemt, doen we herstelwerkzaamheden en proberen we de natuurkwaliteit te behouden en te verbeteren." De grote schoonmaak in de Zeepeduinen - hakken, frezen, klepelen en plaggen - waarvan nu de tweede van drie fasen is afgerond, is daar een voorbeeld van.

Een van de pijlers van de stikstofaanpak is dat er door vermindering van de stikstofuitstoot ook weer ruimte komt voor economische activiteiten. Voor de Zeepeduinen betekent dat volgens De Groot overigens niet dat er straks in het duingebied campings en vakantieparken gebouwd worden. "Reductie van de stikstofemissie hier, geeft bijvoorbeeld bedrijven op de Maasvlakte en in het Sloegebied weer de mogelijkheid om uit te breiden. Als hier niet wordt ingegrepen, lopen hun milieuvergunningen gevaar." Of de stikstofuitstoot in de nabije toekomst werkelijk zal afnemen, weet De Groot uiteraard niet, maar een beetje hoop put hij wel uit het onlangs gesloten ambitieuze klimaatakkoord van Parijs.

Granaten

In de Zeepeduinen is de afgelopen maanden veel werk verzet. De Groot somt op: "Houtige gewassen zijn met wortel en al verwijderd en afgevoerd. Lage gewassen zijn met een klepelmachine tot poeder geslagen en met een afzuigmachine afgevoerd. Alle dikke bomen zijn eerst afgezaagd. Daarna is de metaaldetector eroverheen gegaan. Dat was geen overbodige luxe, want er zijn heel wat granaten gevonden uit de Tweede Wereldoorlog. Pas daarna konden de bomen veilig worden gerooid."

Shetlandpony's, Schotse hooglanders en exmoorpony's moeten na de grote schoonmaak het duingebied openhouden. "Maar alleen begrazing is niet voldoende", zegt De Groot. "We zullen ook aanvullend moeten maaien. Een intensief karwei, maar we kunnen hier rekenen op veel vrijwilligers. Onder hen zijn ook vrijwillige bosmaaigroepen." Ook damherten, die talrijke sporen in het duinzand hebben achtergelaten, helpen mee aan het openhouden van het gebied. "Halverwege de jaren negentig is er ergens een aantal damherten ontsnapt. Inmiddels lopen er op de hele Kop van Schouwen ongeveer 550 rond. Ze worden wel beheerd, want er zijn jaren geweest dat ze, net als de herten uit de Amsterdamse Waterleidingduinen, in bosjes hier door het dorp liepen, maar wij zijn blij met ze."

Inwaaiend zand

De duingraslanden dichter bij zee worden beheerd door Staatsbosbeheer. Ook daar is de boel behoorlijk dichtgegroeid. "Stikstof dempt de dynamiek van het duinzand", legt De Groot uit. "Maar Staatsbosbeheer gaat in zijn duingraslanden ook plaggen, zodat het zand weer in beweging kan komen. Dat is belangrijk voor de grijze duinen - de duinen die meer landinwaarts liggen. Want die zijn afhankelijk van de aanvoer van zand uit de duinstrook. Met dat inwaaiende zand kan de duinvegetatie weer echt tot zijn recht komen."

Over twee jaar hoopt De Groot weer groene, met oeverkruid begroeide, oevers te zien langs de meertjes in de duinvalleien. En soorten te verwelkomen, die steeds zeldzamer zijn geworden, zoals duinviooltje, walstro, salomonszegel, wintergroen, dwergbloem, dwergzegge, verschillende orchideeënsoorten en bijvoorbeeld de blauwvleugelsprinkhaan, zandhagedis en boomleeuwerik. "Plantjes in de duinen zijn vaak kleine soorten, die je snel over het hoofd ziet. Maar wat is er nu leuker dan, samen met de boswachter, op je knieën naar van die miezepietjes te zoeken?"

Schadelijk voor natuur en economie

In Natura 2000-gebieden is al jaren een overschot aan stikstof (ammoniak en stikstofoxiden) uit landbouw, verkeer en industrie. Dat is schadelijk voor de natuur in deze gebieden, waarvoor Nederland een bijzondere verantwoordelijkheid draagt in Europees verband. Nederland heeft de plicht de habitats in Natura 2000-gebieden in stand te houden en dus achteruitgang van de kwaliteit van de leefgebieden voor flora en fauna te voorkomen.

Stikstof is niet alleen schadelijk voor de natuur, het belemmert ook vergunningverlening voor economische activiteiten. Om die beide redenen heeft het Rijk het initiatief genomen om de stikstofproblemen aan te pakken. Daarvoor is de PAS bedoeld, de Programmatische Aanpak Stikstof. In de PAS werken Rijk, provincies en natuurorganisaties samen om de stikstofuitstoot te verminderen en daarmee ook economische ontwikkelingen mogelijk te maken.

De natuurbeschermingswet 1998 bepaalt dat nieuwe (of uitbreiding van bestaande) economische activiteiten in en rond Natura 2000-gebieden moeten worden getoetst op hun effect op de natuur. Stikstof speelt daarbij een belangrijke rol. In 117 van de 148 aangewezen Natura 2000-gebieden is de actuele afzetting van stikstof - dikwijls veel - hoger dan de habitats kunnen verdragen. Voor economische activiteiten waarbij (nog meer) stikstof neerslaat, wordt dan ook niet snel een vergunning gegeven. Het Rijk ziet de PAS als het antwoord op de vanaf 2008 vastgelopen vergunningverlening.

De uitvoering van de PAS houdt in: maatregelen bij de bron van de stikstofemissie plus herstelmaatregelen in stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden. Een deel van de daling van de stikstoflast mag vervolgens weer worden ingezet voor nieuwe projecten of projecten waarbij uitbreiding van de bestaande stikstofafzet aan de orde is.

De herstelmaatregelen in de 117 met een overmaat aan stikstof belaste Natura 2000-gebieden kunnen bestaan uit het verwijderen van stikstofrijke grondlagen door te plaggen of te maaien. Ook het beter bestand maken van de gebieden tegen te hoge stikstofafzet, door verbetering van de algehele toestand van de habitats, behoort tot de mogelijkheden. Daarbij denkt het ministerie van economische zaken, dat het voortouw heeft in de PAS, aan maatregelen als het weer laten stuiven van duinen of het verbeteren van de waterhuishouding binnen en buiten de natuurgebieden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden