Ongewenste homo won zijn militaire eer terug

Hij was zich van geen kwaad bewust toen de militaire politie hem uit het leslokaal plukte en gevangenzette. Pas toen een psychiater hem ging ondervragen, begreep hij dat zijn liefdesbrieven waren onderschept. Zijn beginnende verhouding met een andere militair van begin twintig was ontdekt.

De jongens hadden allebei dienst genomen toen de Verenigde Staten in 1942 besloten mee te doen in de oorlog tegen Duitsland en Japan. Melvin Dwork werd bij een marinehospitaal in South Carolina geplaatst, zijn vriend duizend kilometer ver weg in New Orleans. Ze schreven elkaar brieven en telefoneerden soms kort. In twee jaar tijd ontmoetten ze elkaar één keer in het geheim.

Melvin had van vrienden gehoord dat geneeskundige onderdelen niet zo moeilijk deden over homoseksualiteit, en dat was ook zo in de eerste oorlogsjaren toen er snel veel rekruten nodig waren. In 1944 waren de normen aangescherpt en Melvin deed een officiersopleiding toen hij werd gearresteerd en overgebracht naar de psychiatrische afdeling van de militaire gevangenis.

"Dat was geen pleziertje, dat verzeker ik je", vertelde hij zeventig jaar later. "De dokters waren engerds. De psychiaters stelden zulke stomme vragen. Dat was walgelijk. Ze hadden geen idee wie ik was en waarom ik daar was."

De psychiaters bestempelden hem als 'abnormaal' en de marine ontsloeg hem oneervol als 'ongewenst'. Melvin Stork keerde terug naar New York City, waar hij zijn opleiding als binnenhuisarchitect afmaakte. Zijn ontwerpen boekten succes bij rijken en beroemdheden. Zijn moderne stijl paarde hij aan antiek met een vleugje Aziatisch. Hij werd bejubeld in glanzende tijdschriften. Maar dat stempel van ongewenst kon hij nooit vergeten.

Ruim dertig jaar lang was hij samen met choreograaf en voormalig danser John Butler, tot diens dood in 1993. Toen besloot Melvin de vlek op zijn verleden te bestrijden.

Een halve eeuw na zijn ontslag werd het verbod op homo's in de strijdkrachten ondergraven toen president Bill Clinton een moeizaam compromis met de topgeneraals bereikte. De nieuwe richtlijn was 'don't ask, don't tell', vraag niets en vertel niets. Stilzwijgend zouden homo's in dienst kunnen blijven.

Dat gaf Melvin moed om alsnog zijn ontslag aan te vechten. Ook zocht hij zijn vriend van vroeger voor het eerst weer op. Melvin kwam te weten dat het niet die liefdesbrieven waren geweest, maar dat zijn vriend zijn naam had genoemd toen hij werd opgepakt en in verhoren onder druk werd gezet.

Melvin heeft altijd zijn mond gehouden over wie zijn vriend was, want de man was getrouwd en had kinderen. Zijn gezin wist niets over zijn vroegere liefde. Melvin zei tegen hem: "Vertel het toch, ze zullen echt wel van je blijven houden." Maar dat kon hij niet. "Ik heb hem vergeven, maar we spreken elkaar niet meer."

Het beleid van 'don't ask, don't tell' bleef achttien jaar van kracht. Toen het van de baan was, kreeg Melvin als eerste in oorlogstijd ontslagen homo herstel van zijn eer in 2011, met de aantekening dat zijn diensttijd "voorbeeldig" was geweest.

Ook kreeg hij het recht op een begrafenis met militaire eer. Van dat voorrecht zag hij toch maar af.

Melvin Dwork werd geboren op 9 februari 1922 in Kansas City, Verenigde Staten. Hij stierf op 14 juni 2016 in New York City.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden