Oneerlijke verkiezingen - in alle openheid

Marona van den Heuvel was waarnemer bij, bepaald niet eerlijk verlopen, verkiezingen in Kazachstan. „Niemand heeft ooit uitgelegd gekregen wat dat eigenlijk inhoudt, een democratie.” Een voorpublicatie uit haar boek, dat morgen verschijnt.

Bij School nummer Achttien aan de Zjambulstraat in Almaty komt een magere man in groen uniform haastig op ons afgebeend. „Wat komen jullie doen?”, vraagt hij niet bepaald vriendelijk, terwijl hij wijdbeens de toegang tot het schoolplein verspert. Wij komen waarnemen, leggen wij uit en ik hou mijn speciaal voor de verkiezingsdag gekregen identiteitskaart voor zijn gezicht. Hij werpt er een korte blik op. „En zij dan?” Met een benige vinger wijst hij op een van mijn metgezellen. „Zij is vertaalster, kijk maar, zij heeft ook een speciale brief van de OVSE (Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa).” Die komt er niet in, dreigt de man en zwaait met zijn wijsvinger in de lucht, terwijl de tolk zenuwachtig lacht. „Maar meneer, zij heeft ook toestemming van de OVSE om alle stembureaus binnen te gaan.” Hij aarzelt. „Nou vooruit dan, maar niet te lang.”

„Wie is die meneer?”, vraag ik eenmaal binnen aan twee dames van het stemcomité. „Bewaker”, zegt de een, „leraar”, zegt de ander precies tegelijkertijd. De man zelf noemt zich ’hoofd van het stembureau’.

Vandaag worden er verkiezingen gehouden voor Mazjilis, de Kazachstaanse Tweede Kamer. Ruim driehonderd verkiezingswaarnemers voor de OVSE, onder wie ikzelf, zijn vanaf zes uur vanmorgen op pad om het reilen en zeilen op de verkiezingsdag van dichtbij te bekijken. Met ons team voor vandaag – de Duitse waarneemster Anja, vertaalster Masja, chauffeur Victor en ik – lopen we de hele dag stembureaus af. Vanmorgen om zeven uur waren we bij het eerste bureau, ondergebracht in een kleuterschool. Aan de muur hingen blauw-gele Kazachstaanse vlaggen, op een tafeltje bij de ingang lag een exemplaar van de Kieswet. Plechtig werd de dag geopend met het krakende volkslied uit een oude sovjetcassetterecorder, een korte toespraak van de voorzitter en het verzegelen van de transparante stembus.

In de loop van de dag bezoeken we zo’n twaalf bureaus. Burgers vullen hun biljet in en deponeren het in de stembus die pontificaal in het midden van het lokaal geplaatst is. Wij lopen rond en moeten een lijst invullen over de gang van zaken in het stembureau. Met vragen als ’Laten de stemmers hun identiteitskaart zien als ze zich registreren?’, ’Zijn de kieslijsten geparafeerd?’, ’Gaan mensen alléén de stemhokjes in?’ en ’Is er sprake van zogenaamd groepsstemmen?’ Maar het gaat niet alleen over procedurele zaken, ook de sfeer moet met een cijfer worden beoordeeld. ’Zien de kiezers er ontspannen uit?’ ’Hangt er propaganda in het stemlokaal?’ Zijn er intimiderende types – al dan niet in uniform – aanwezig?’

Bij veel lokalen komt het hoofd van het stembureau – meestal een vrouw – met uitgestoken hand op ons af wanneer we binnenkomen. „Gelukkige verkiezingsdag!”, wenst zij ons dan met een stevig handgezwengel. „Hier, neem iets te eten!” Uitnodigend wordt steeds weer opnieuw gewezen op lange tafels waar snoep en zoete broodjes worden verkocht. Net als in sovjettijden moet verkiezingsdag een feestje zijn. Op schoolpleinen klinkt uit roestige luidsprekers harde discomuziek of een volkslied, schoolmeisjes in traditionele kleding met haarstrikken doen een bijpassend dansje.

Voor het ziekenhuis staat een groepje jongeren te roken. „Hebben jullie ook gestemd?”, vraag ik. Ze schudden hun hoofd, ze komen van het platteland en moeten een heel eind reizen om te gaan stemmen in de plaats waar ze officieel geregistreerd staan. „Bovendien maakt het toch niet uit of we wel of niet gaan stemmen”, zegt een meisje met roodgeverfd haar en een nepbontjas, „de partij van de president gaat toch winnen”.

Nadat we een groot aantal stembureaus hebben bezocht, besluiten we ’s middags nog een tweede keer te gaan kijken in School nummer Achttien, met de onaangename bewaker alias leraar alias hoofd stembureau. Dit keer laat de man ons zonder morren, maar wel met een zuinig gezicht binnen. De tolk moet haar identiteitskaart bij de ingang afgeven en krijgt hem pas terug als we weer naar buiten gaan. In het stemlokaal is de sfeer niet bepaald ontspannen. Kiezers staan in de rij, de vrouwen van het stemcomité registreren stuurs de kiezers, zonder op of om te kijken.

Na het schouwspel een tijdje bekeken te hebben, besluit ik even door het gebouw te gaan lopen. Ik loop een lege gang door tot aan het einde, als ik ineens voetstappen achter me hoor. De voetstappen komen steeds dichterbij en als ik de hoek van de gang omsla, word ik op mijn schouder getikt. Ik schrik me rot en draai me vlug om. Daar staat een van de waarneemsters van de oppositiepartij DCK. „Can I phone you later today?”, vraagt ze fluisterend, „in case of accidents”. Natuurlijk mag u bellen, zeg ik verbaasd en schrijf mijn nummer op een stuk papier. Accidents – ongelukken? Waarschijnlijk bedoelt ze overtredingen. Maar voordat ik kan vragen of ze dat inderdaad bedoelde en waarom ze zo geheimzinnig doet, zijn haar voetstappen alweer weggestorven.

Om acht uur ’s avonds sluiten de stemlokalen in het hele land. Tien minuten vóór sluitingstijd rennen we nog een laatste bureau binnen. Achter een tafel zitten beambten met stapels lijsten, de laatste kiezers lopen de deur uit. Om klokslag acht wordt de verkiezingsdag afgesloten met een plechtige toespraak van het hoofd van het comité. Het was een belangrijke dag, het stemmen is voorbij, nu kan er geteld gaan worden. In het bureau hebben zo’n negenhonderd mensen gestemd. „Dat kan niet al te lang duren”, zegt mijn collega Anja, die al vaker heeft waargenomen.

Maar dat valt tegen. Er wordt met de hand geteld en ze moeten wel tien keer opnieuw beginnen. Het tellen gebeurt hardop en met veel omhaal. Raz, dva, tri, enzovoorts. Steeds wordt er onze kant op gekeken. „Zijn jullie niet moe?”, wordt er gevraagd. „Hebben jullie wel gegeten vanavond? Hier om de hoek zit een goed restaurant*”

„Ze proberen tijd te rekken”, fluistert Anja, „ze hopen dat we moe worden en op een gegeven moment afhaken.” Het tellen gaat erg langzaam en duurt en duurt maar. Ze kijkt op haar horloge, het is een uur ’s nachts. Wij beginnen langzamerhand te gapen, maar de leden van het stemcomité lijken nog vol energie.

Na nog een paar tellingen is het eindelijk zover, alle biljetten zijn geteld. Maar ook het verzegelen van de zakken waarin de al getelde stembiljetten worden gestopt – met gekleurde touwtjes en rode lak – duurt een eeuwigheid. De touwtjes worden om de zakken heen gefröbeld, er weer afgehaald en er opnieuw omheen gedaan. De uitslag wordt op een speciaal formulier geschreven, het zogenoemde Protocol, en alle spullen worden ingepakt. Dan ineens stuift iedereen weg. Het hoofd van het stembureau, die ook schoolhoofd is, neemt de zak met de stembiljetten mee in haar auto. Wij rijden er, geheel volgens de instructies, in onze auto achteraan.

„Zag je wat het schoolhoofd nog even snel in haar tas stopte?”, vraagt Anja als we in de auto zitten. Ik knik, ik heb het ook gezien: een pen, een schaar, een touwtje en een leeg Protocolformulier.

Op het hoofdbureau worden de stembiljetten verzameld. Het is inmiddels drie uur ’s nachts en een grote puinhoop. Mensen slepen met jutezakken vol stembiljetten, anderen zitten op de grond, leunend tegen balen stemformulieren die op allerlei creatieve manieren zijn dichtgeknutseld. Stuurs kijkende politiemannen met schotelvormige sovjetpetten bewaken de deur.

Ook onze vriend van School nummer Achttien is druk in de weer aan een tafeltje in de gang. Hij is bezig met stapeltjes papieren en ik knipper even met mijn ogen om zeker te weten dat ik zie wat ik denk dat ik zie: met een pen is de man biljetten aan het invullen en laadt ze over van de ene zak in de andere. Dit kan niet waar zijn! Hier staat iemand gewoon een stapel stembiljetten in te vullen, en plein public en zonder enige gêne! Wat een lef! Verontwaardigd wil ik op de man afstappen, maar Anja houdt me tegen. „Niet doen”, zegt ze, „waarnemers mogen alleen maar waarnemen, weet je nog?” Maar ik ben té verontwaardigd, dit kun je toch niet zomaar laten gebeuren? Anja maakt een hoofdbeweging naar de politieman bij een deur. Het wemelt van de agenten, dat mag ook al niet volgens het OVSE-handboek. Dan heb ik een beter idee. Met een paar flitsen maak ik foto’s van het gerommel met de zakken. „Balen”, zegt de schoolmeester alias bewaker, „nu zijn we betrapt”, en stopt nog even de laatste biljetten in de jutezak. Hij wordt niet eens kwaad op me, maar hij houdt er wel mee op.

Maar kun je het deze man eigenlijk wel kwalijk nemen? Sinds de Sovjet- Unie ruim vijftien jaar geleden uiteenviel zijn er nog maar een paar keer verkiezingen gehouden in de kersverse republiek Kazachstan. De nieuwe staat moet democratisch zijn, net als de verkiezingen, maar niemand heeft de beste man ooit uitgelegd wat dat nou eigenlijk inhoudt.

De ochtend na de verkiezingen werden de uitslagen van de parlementaire verkiezingen bekendgemaakt. Zoals verwacht behaalden presidentspartij Otan (Vaderland in het Kazachs, later omgedoopt tot Nur-Otan) en de inmiddels opgeheven partij Asar (Allemaal Samen) van zijn dochter Dariga Nazarbajeva de meerderheid van de stemmen. De gematigde oppositiepartij Ak Zhol (het Witte Pad) had toch nog 16 procent van de stemmen bij elkaar gesprokkeld. Het oppositieblok DCK/CPK (Democratic Choice of Kazakhstan/Communist Party of Kazakhstan) bleef onder de kiesdrempel van 7 procent en kreeg dus geen zetels in het parlement. De OVSE concludeerde dat de parlementaire verkiezingen niet voldeden aan de standaarden voor democratische verkiezingen van de OVSE en de Raad van Europa. Waarnemers hadden gezien dat het nieuwe systeem om elektronisch te stemmen voor veel onduidelijkheid had gezorgd. Verkiezingsdag was rustig verlopen, maar het tellen van de stemmen was problematisch geweest. De presidentspartij had gewonnen met 88 procent, maar aan de internationale voorwaarden voor democratische verkiezingen was niet volledig voldaan, dat vond zelfs de OVSE.

Overigens betekende dit alles niet dat de verkiezingen alleen maar een groot frauduleus spel waren geweest. Integendeel, in sommige van de stembureaus hadden individuele stemcomités wel degelijk geprobeerd de verkiezingen zo eerlijk en efficiënt mogelijk te laten verlopen. Sommige waarnemers hadden positieve ervaringen gehad en alleen maar goed gerunde verkiezingsbureaus gezien. Ook waren er verbeteringen vergeleken met eerdere verkiezingen. Zo hadden de kandidaten betere toegang tot de media gehad dan voorheen.

De verkiezingen waar ik als waarnemer bij ben geweest waren de parlementsverkiezingen van september 2004. Sindsdien zijn er nog tweemaal verkiezingen gehouden, presidentsverkiezingen in december 2005 en nogmaals parlementsverkiezingen in augustus 2007. De presidentsverkiezingen werden gewonnen door president Nazarbajev met een overwinningspercentage dat aan sovjettijden deed denken: 91,5 procent. De uitslagen van de parlementsverkiezingen in 2007 waren zo mogelijk nog minder hoopgevend dan die van 2004, vonden sommige waarnemers. Alle oppositiepartijen bleven onder de kiesdrempel zodat er geen enkele zetel naar de oppositie ging. De OVSE gaf de verkiezingen opnieuw een onvoldoende.

Van de vrouw die om mijn telefoonnummer had gevraagd, in case of accidents, bij de verkiezingen van 2004, heb ik nooit meer iets gehoord. En de foto’s van de frauderende schoolmeester alias bewaker zijn zo wazig dat het onmogelijk is te onderscheiden wie dat is en wat hij aan het doen is. Maar dat weet híj weer niet.

Als ik vlak voor de verkiezingen mensen vraag op wie ze gaan stemmen, halen velen hun schouders op. „Het maakt toch niets uit, de uitslag staat toch al van tevoren vast”, denken de meesten. Op de website van een van de oppositiepartijen staat dat bij een opiniepeiling gehouden door het Social Technologies Center, slechts 30 procent van de ondervraagden zei te geloven in vrije en eerlijke verkiezingen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden