Onderzoek naar wat er mis gaat bij wapengebruik door agenten

Van een onzer verslaggevers AMSTERDAM - De politiebonden ACP en NPB hebben gisteren geschrokken gereageerd op de resultaten van een groot onderzoek naar vuurwapengebuik bij de Nederlandse politie.

Voorzitter P. Kruizinga van de Algemeen christelijke politiebond (ACP) zei vooral verontrust te zijn over de dodelijke gevallen door ongewilde schoten.

Kruizinga vindt het rapport echter eenzijdig in de conclusie dat de politie vaak ten onrechte naar het vuurwapen grijpt. “Achteraf valt die conclusie gemakkelijk te trekken. De beste stuurlui staan in die zin altijd aan wal. Bovendien is door de onderzoekers niet nagegaan hoe vaak er wél terecht wordt geschoten.”

In opdracht van minister Dijkstal van binnenlandse zaken bestudeerden onderzoekers van de Vrije universiteit in Amsterdam het politieel vuurwapengebruik in de periode 1978-1995. Daarbij ging het om ruim 3300 gevallen. In deze periode vielen 53 doden en 244 gewonden.

Het aantal gewonden pakt in verhouding voor de Nederlandse politie ongunstig uit, vergeleken met Duitsland. Die vergelijking laat ook zien dat Nederlandse politieagenten tien keer zo vaak schieten op rijdende auto's. De richtlijnen raden juist af te schieten in dit soort situaties wegens het grote risico voor omstanders en het geringe effect. In driekwart van de gevallen lukt het niet de inzittenden op die manier tot stoppen te dwingen.

De Nederlandse Politiebond (NPB) spreekt van een in zijn algemeenheid goed rapport met op het oog verstandige aanbevelingen. De NPB ziet wel wat in de suggestie van de onderzoekers om het politieel gebruik van vuurwapens te beperken tot gevallen van noodweer. Daar is wel nader onderzoek voor nodig.

Minister Dijkstal komt pas in een later stadium met een afgerond oordeel, aldus een woordvoerder van het ministerie. De minister heeft wel inmiddels besloten tot een vervolgonderzoek naar het (vuur)wapengebruik tegen de politie.

De grote fracties in de Tweede Kamer zien vooralsnog geen aanleiding om de staf te breken over het vuurwapengebruik door de politie. “Ik heb niet de indruk dat de Nederlandse politieagent schietgraag is”, zei Korthals (VVD) in een eerste reactie. Misschien dat de politie nog terughoudender kan zijn in het vuurwapengebruik, maar dan moet wel worden nagegaan welk gevaar dat oplevert voor de politieman zelf, aldus de VVD'er.

Gabor (CDA) zei geen aanleiding te zien “voor een verwijtende toon richting Nederlandse politie.” Volgens hem is de huidige geweldsinstructie, die strikte regels bevat voor het wapengebruik door de politie, internationaal gezien “de meest zorgvuldige”.

Ook woordvoerders van PvdA en D66 reageerden terughoudend, eveneens met de aantekening dat ze het rapport eerst zorgvuldig willen bestuderen. Dijksman (PvdA) noemde het “ernstig” dat politieagenten volgens het onderzoek vaak het dienstwapen trekken als het niet nodig is. “Maar dan zou ik ook willen weten wat daar de oorzaken van zijn”, zei ze. Die vraag beantwoorden de onderzoekers onvoldoende, vindt ze.

De Graaf (D66) zei als voorlopige indruk te hebben dat in de politieopleiding meer aandacht moet worden besteed aan de vertaling van de geweldsinstructie naar de praktijk.

Een op de vijf doden viel door een ongewild schot. Dat zijn schoten die onder meer vallen door ongecontroleerde bewegingen. Bijna de helft van de ongewilde schoten valt wanneer agenten het dienstpistool 'uit voorzorg' ter hand nemen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden