Onderzoek: Het speciale terreurteam van de reclassering is effectief

Een elektronische enkelband. Beeld ANP

Wie is veroordeeld voor een terroristisch misdrijf gaat niet snel opnieuw de fout in. Zo’n 4,4 procent van de veroordeelden recidiveerde terwijl het toezicht van de reclassering nog liep. Bij andere vormen van criminaliteit is dat ongeveer 50 procent.

Onderzoekers van de Universiteit Leiden bekeken het functioneren van het zogenoemde TER-team van Reclassering Nederland. TER staat voor terrorisme, extremisme en radicalisering. Het gespecialiseerde team werd in 2012 opgericht op aandringen van de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid. De evaluatie van de afgelopen zes jaar gaat vandaag naar de Tweede Kamer.

Sinds de oprichting hebben de twintig reclasseringsmedewerkers van het team 189 veroordeelden begeleid. Het gaat om mensen die bijvoorbeeld poogden zich bij IS aan te sluiten, die anderen ronselden voor de gewelddadige jihad of die terugkeerden uit het strijdgebied in Syrië of Irak. Daarnaast is ongeveer een derde een zogenoemde zij-instromer: ze zijn niet voor een terroristisch misdrijf veroordeeld, maar vertonen wel tekenen van extremisme of radicalisering.

Effectief

De Leidse onderzoekers bekeken 159 zaken tussen 2012-2017. In vier gevallen hield iemand zich nog tijdens de reclasseringsperiode opnieuw bezig met terrorisme, drie keer pleegde iemand een andere type misdrijf. Dat lage aantal is reden voor de onderzoekers om het TER-team als effectief te bestempelen.

Toch valt er op de cijfers wel wat af te dingen. Bart Schuurman, een van de onderzoekers, benadrukt dat je de recidive bij terreurverdachten en andere delinquenten eigenlijk niet één op één met elkaar kunt vergelijken. Vooral omdat informatie over terreurverdachten over de lange termijn ontbreekt.

Dat de onderzoekers het beleid door de lage recidive toch als succes beschrijven, is omdat het resultaat van het TER-team zich moeilijk op een andere manier laat meten. Schuurman: “We hebben niets anders. Kijk je naar hoeveel van de 189 verdachten is gederadicaliseerd dan is dat maar een handjevol. Dat klinkt misschien als weinig, maar je moet je afvragen of dat erg is. Je kunt gereïntegreerd zijn in de samenleving, maar nog steeds radicaal zijn. Het gaat erom dat je niet meer bereid bent over te gaan tot geweld.”

Rechtelijke vonnissen

De grote terreurzaak die afgelopen september aan het licht kwam, viel buiten de onderzoeksperiode van Schuurman en zijn collega Liesbeth van der Heide. Zeker twee van de zeven gearresteerde verdachten die volgens het Openbaar Ministerie een grote aanslag wilden plegen bij een evenement ergens in Nederland, zijn eerder veroordeeld voor een poging tot uitreizen. Schuurman: “Ze stonden onder toezicht van de reclassering. Maar dat ze zo hebben kunnen misleiden, betekent niet dat het beleid niet werkt. Het is onmogelijk om alles te voorkomen. Je moet de reclassering bovendien niet verwarren met het Openbaar Ministerie of de AIVD. Ze zijn er niet voor de opsporing.”

Johan Bac, directeur van Reclassering Nederland, benadrukt dat. “Wij brengen rechtelijke vonnissen ten uitvoer. De rechter legt een verdachte een gebiedsverbod op, of een meldplicht. Wij controleren of iemand zich daaraan houdt.” Daarnaast begeleiden leden van het TER-team de verdachten met bijvoorbeeld het vinden van een baan, of psychische hulp met als doel de kans op terugval te verkleinen.

Bac ziet het onderzoek naar het TER-team als ‘steun in de rug’ dat Reclassering Nederland op de goede weg is. “Het toont aan dat het een goed idee is geweest om een speciaal team op te richten, omdat zij veel kennis hebben over de doelgroep en het ze lukt een vertrouwensband op te bouwen. Maar we moeten ons ook niet rijk rekenen. Het is een complexe doelgroep, en er zijn altijd punten om te verbeteren.”

De rol van ideologie

Een van de aanbevelingen van de Leidse onderzoekers is bijvoorbeeld om de rol van ideologie structureler onderdeel te maken van de begeleiding. Of dat gebeurt, hangt nu te veel af van de reclasseringsmedewerker zelf en of die een opening ziet om het aan te kaarten.

Ook zou er goed gekeken moeten worden hoeveel verdachten buiten de reclasseringsperiode, dus op lange termijn, in herhaling vallen. Dat wordt nu niet geregistreerd. 

Hoe controleer je verdachten?

Veel verdachten van terrorisme krijgen door de rechter een contactverbod opgelegd met andere leden van jihadistische netwerken. Het is onduidelijk hoe de reclassering dat verbod precies zou kunnen handhaven, stellen de onderzoekers uit ­Leiden.

Terreurverdachten dragen nu in veel gevallen een enkelband, maar die signaleert vooral of ze zich aan een gebiedsverbod houden, niet zozeer met wie ze omgaan.

Datzelfde geldt voor het verbod op het gebruik van sociale media. Het is eenvoudig om online een andere naam te ­gebruiken. Bovendien is onduidelijk hoever de controle mag gaan. Een wettelijke basis om online activiteiten structureel te monitoren ontbreekt.

Lees ook:
AIVD waarschuwt: Terreurdreiging is zeker niet verdwenen

De terreurgroep IS is allesbehalve definitief verslagen, schreef de AIVD in een nieuw rapport.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden