Onderwijzer moest maar afwachten wie er kwam

Een experiment met flexibele lestijden wordt uitgebreid. Vakanties van basisscholen worden aangepast aan de wensen van de ouders.

Schoolmeesters in de zeventiende en achttiende eeuw deden maar wat. Enkelen onder hen zullen leerdoelen in hun achterhoofd hebben gehad, maar meestal was het improviseren geblazen. Niks lag vast. Zelfs aanwezigheid niet. Het ene kind werd als kleuter naar school gebracht. Een ander begon jaren later aan zijn eerste onderwijs.

Ondertussen was het een voortdurend komen en gaan van leerlingen. Het stond ouders vrij om hun kroost thuis te houden van school, wanneer ze dat maar wilden. De onderwijzer moest elke dag maar afwachten hoeveel leerlingen hij in zijn klas zou aantreffen. Vastgestelde vakanties, meestal rond christelijke feestdagen of de plaatselijke kermis, waren vooral een uitkomst voor de meester zelf. Zo had die ook eens tijd voor andere zaken. Het belette hem niet om ook op andere momenten weleens afwezig te zijn. In zo'n geval kon de echtgenote of een van de oudere kinderen wel even op de klas letten. Niemand die daar moeilijk over deed. Ook de overheid niet.

Dat veranderde langzaam maar zeker in de loop van de negentiende eeuw.

Iets van die vrijheid blijheid ging al verloren door de Schoolwet van 1878. Voortaan diende de hoofdonderwijzer een leerplan op te stellen, aan te geven welke boeken hij wilde gebruiken en met een regeling voor schooltijden en vakanties te komen.

Onderwijzers werden professioneler. De geletterdheid van de jeugd nam snel toe. Leerplicht was voorlopig nog een brug te ver. Veel confessionelen sputterden tegen, omdat het 'heilige natuurrecht' van de ouderlijke bevoegdheid en verantwoordelijkheid ermee werd aangetast. Zelfs sociaaldemocraten hadden hun bedenkingen: kon elk gezin zich wel fatsoenlijke schoolkleding en eten om mee te nemen veroorloven?

In 1900 kwam er dan toch een Leerplichtwet. Bij de stemming in de Tweede Kamer waren 50 afgevaardigden voor en 49 tegen. Een andere tegenstander, baron Schimmelpenninck, viel onderweg van zijn paard en kwam te laat. "Het paard is verstandiger dan zijn meester", meesmuilden de voorstanders.

De nieuwe wet werkte. Een onderwijsinspecteur voor het noorden des lands constateerde in 1902: 'Terwijl ik vroeger slechts aarzelend in den zomer een bezoek bracht aan eene plattelandsgemeente, omdat zeker was de hoogste klassen zeer slecht bezet te vinden, somtijds zelfs op een of twee leerlingen na geheel onbezet, vond ik de afgeloopen zomer bijna overal op plattelandsschoolen goed gevulde klassen.'

Volgens een onderzoek uit hetzelfde jaar werd in Nederland gemiddeld 6,5 procent van de lesuren verzuimd. 80 tot 90 procent daarvan had een gegronde reden. Een aantal provincies liep stevig uit de pas. In Drenthe en Zeeland werd in 1902 meer dan 10 procent van de lesuren verzuimd. Slechts rond de 60 procent van die afwezigheid was geoorloofd. Deze afwijking van het landelijk gemiddelde was verklaarbaar. Vooral in de maanden september en oktober, als kinderen geen vakantie hadden en er op boerderijen extra handen waren te gebruiken, lieten leerlingen verstek gaan. Niet toevallig waren Drenthe en Zeeland het meest op landbouw georiënteerd van alle provincies.

In de decennia die volgden respecteerden ouders steeds meer de voorgeschreven vakanties. Buiten schooluren moesten kinderen thuis vaak nog wel volop aan de bak. Pas in de tweede helft van de twintigste eeuw werden vakanties voor de meeste kinderen echt vrije tijd. Door de toegenomen welvaart konden ook steeds meer gezinnen zich reizen naar elders veroorloven. Het zorgde voor een nieuw soort schoolverzuim en ouders die mopperden dat ze precies in de duurste en drukste tijd op vakantie moesten. Het leidde zo'n veertig jaar geleden tot de eerste experimenten met meer gespreide vakanties.

De proef met de scholen met variabele roosters gaat nog een stap verder. Het maakt het mogelijk om af te wijken van de door de minister bepaalde vakantietijden en de wettelijk verplichte vijfdaagse schoolweek. In een steeds verder flexibiliserende samenleving komt nu kennelijk ook het onderwijs aan de beurt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden