Onderwijsparadijs Finland moet innoveren

onderwijs | Vrijheid bracht het Finse onderwijs op het allerhoogste niveau. Maar in de ranglijst van onderwijslanden, die vandaag weer bekend wordt gemaakt, zakt het land steeds verder weg. Daarom kiest Finland nu de vlucht naar voren.

Toen Heikki Ervast vanochtend zijn mail opende, bleek hij alweer een nieuw verzoek te hebben. Of hij deze maand een training kan verzorgen voor 25 Chinese schoolleiders. Niet dat hij daar van opkijkt. Hij staat aan het hoofd van de lerarenopleiding van de meest noordelijke universiteit van Finland, maar zelfs in het koude Lapland ontvangt hij regelmatig internationale delegaties van politici, docenten en journalisten. Zijn voorganger vertrok een paar jaar geleden naar de Verenigde Arabische Emiraten om daar een school te gaan leiden. "Er zijn landen die ons curriculum willen kopen", zegt Ervast. "Maar het onderwijs is onderdeel van onze cultuur. Je kunt het niet zomaar kopiëren."

De reputatie van het Finse onderwijs heeft wereldwijd bijna mythische vormen aangenomen. Jarenlang voerde het land de internationale ranglijsten aan, zoals de driejaarlijkse pisa-studie van de Oeso. Finse leerlingen stonden bovenaan in 2000, 2003 en 2006. Iedereen wilde weten wat het geheim was van dat eigenzinnige noordelijke land waar leerlingen ook nog eens het minste aantal uren in de schoolbanken doorbrengen en pas naar school gaan als ze zeven jaar oud zijn.

Inmiddels zijn er scheurtjes gekomen in het beeld van het onderwijsparadijs. Finland blijft Europees lijstaanvoerder, maar wordt op internationale ranglijsten ingehaald door onder meer Shanghai, Singapore, Taipei, Hongkong, Japan en Korea. Op het gebied van rekenen doen ook andere Europese landen, zoals Nederland, het beter. Het aantal zwakke rekenaars in Finland verdubbelde tussen 2003 en 2012. En waar Finland bekend stond als het land waar de verschillen tussen leerlingen minimaal waren, laat het Finse Oma Linja-onderzoek nu zien dat de ongelijkheid in het onderwijs toeneemt. In 2012 wees pisa ook nog eens uit dat een derde van de Finse kinderen school helemaal niet leuk vindt.

"We hebben er zorgen over", zegt Anneli Rautiainen, hoofd basisonderwijs van de Finse onderwijsraad. Vandaag worden de nieuwe pisa-resultaten bekend gemaakt. Rautiainen verwacht op basis van landelijke steekproeven dat Finland opnieuw zakt in de ranglijsten. Maar er is de afgelopen jaren hard gewerkt aan een antwoord op deze problemen.

Sinds augustus werken alle scholen volgens een splinternieuw maar gewaagd curriculum. Waar de Aziatische landen die Finland voorbijstreven allemaal een traditioneel onderwijssysteem hebben, vol toetsing, huiswerk en een nadruk op kennis, feiten en klassieke vakken als rekenen en taalvaardigheid, neemt Finland eigenwijs de afslag naar nog meer vrijheid voor leerlingen en docenten. Wat zal het ze brengen? Nederland kijkt nieuwsgierig mee.

Eigenwijs

Finland is nooit bang geweest om te experimenteren. Als eerste land ter wereld besluit het nu nieuwe vaardigheden in het curriculum op te nemen. Finse scholieren worden voortaan begeleid in het ontwikkelen van zeven kenmerken: leren om te leren, interactie en communicatie, voor jezelf zorgen, meertaligheid, ict-skills zoals programmeren, ondernemerschap en participatie in de maatschappij.

Dit zijn geen aparte vakken, de skills worden geïntegreerd in andere lessen. "Een grote stap voor docenten", zegt Rautiainen. Het betekent bijvoorbeeld dat de docent biologie ook met de leerlingen programmeert, of dat de leraar economie ook met ondernemerschap bezig is.

Een ander paradepaardje van het nieuwe curriculum is het zogeheten fenomeen-gebaseerde leren. Alle scholen in Finland moeten verplicht een keer per jaar het lesrooster loslaten en een thema kiezen waar leerlingen een aantal weken mee aan de slag gaan. Dat kan klimaatverandering zijn, de stad, vriendschap, of participatie. Leerlingen wordt gevraagd mee te denken over het plannen, uitvoeren en beoordelen van deze periodes.

"We willen leerlingen veel meer betrekken bij hun onderwijs", zegt Rautiainen. De rol van de leraar verandert daarom in het nieuwe curriculum. De controle over een klas zullen ze moeten loslaten, zegt Rautiainen. "De leraar wordt coach of facilitator. We verschuiven van wat leerlingen moeten leren, naar hoe ze leren om te leren."

Het moet wel leuk blijven

Als de Finnen íets erg vinden - misschien nog wel erger dan de afnemende scores op rekenen en lezen - is dat zoveel leerlingen op school niet gelukkig zijn en weinig gemotiveerd. Het vrije en ontspannen onderwijs is de trots van het land. Met schrik komt Finland tot de ontdekking dat het onderwijs minder in staat is om leerlingen te boeien en te bieden wat ze nodig hebben.

De belangrijkste reden hiervoor is simpelweg dat de maatschappij veranderd is. In de jaren '70 werd de middenschool geïntroduceerd, waar kinderen van 7 tot en met 16 jaar naartoe gaan. Hier krijgen alle kinderen hetzelfde onderwijs. In deze tijd werd ook bepaald dat alle docenten voor de klas een universitair masterdiploma nodig hebben. Het niveau op deze scholen ontwikkelde zich gestaag tot grote hoogten. Maar het was een andere tijd: de bevolking was opvallend homogeen en de welvaartsstaat floreerde.

Inmiddels is Finland veranderd. Werkloosheid is toegenomen, migratie zorgde voor een diverse bevolkingssamenstelling. Ook op het onderwijs wordt bezuinigd. Dat zie je allemaal terug, zegt Jouni Välijärvi, professor in onderwijsonderzoek aan de universiteit van Jyväskylä en nationaal coördinator van de pisa-test. Kinderen met een migratieachtergrond en leerlingen uit gebieden waar de werkloosheid hoog is komen bijvoorbeeld moeilijker mee. Maar Välijärvi maakt zich met name zorgen over de uitval in het Finse beroepsonderwijs. Bijna alle Finse leerlingen gaan na de middenschool verder studeren, maar de uitval in het beroepsonderwijs is hoog, uiteindelijk haalt zo'n 15 tot 20 procent van de jonge Finnen alleen maar het middenschool-diploma.

Volgens Välijärvi beginnen die problemen op de middenschool. Veel meer dan vroeger zijn er kinderen die het thuis moeilijk hebben. Op school zijn ze niet gemotiveerd en kunnen ze het niveau niet bijbenen. Zo raken ze verder achterop. Välijärvi vindt het nieuwe curriculum niet radicaal genoeg, er zijn fundamentelere veranderingen nodig om deze groep jongeren te helpen. Hij wil nog meer inzetten op gepersonaliseerd leren. Het Finse onderwijs is groot geworden door alle studenten hetzelfde onderwijs te bieden, zegt Välijärvi, het wordt tijd om die aanpak vaarwel te zeggen en aan te sluiten bij de verschillende leerstijlen van leerlingen.

Vrijheid is niet alles

Niet iedereen is zo radicaal. Er zijn ook academici zoals Gabriel Heller Sahlgren, die werkt voor een internationale denktank op het gebied van onderwijs. Hij vertegenwoordigt een groep critici die het nieuwe curriculum juist veel te ver vindt gaan. Sahlgren schrijft in een essay getiteld 'Real Finnish lessons' dat Finland een aantal jaar succes had in de pisa-testen omdat het onderwijs destijds nog leunde op de erfenis van een ouder, traditioneler en hiërarchischer onderwijssysteem waarin docenten geschoold waren. Hij waarschuwt voor "het gevaar van de afkalvende autoriteit binnen scholen en het stoppen met op kennis gebaseerde en docent-gedomineerde lessen." Zijn verwachting is dat Finland in pisa snel verder zal afzakken.

Maar Välijärvi wijst erop dat ook de toekomst van de pisa-test niet vaststaat. Het kan best zo zijn dat die de komende jaren flink gaat veranderen, zegt hij. Er zijn signalen dat de oeso, die pisa organiseert, de test meer op vaardigheden wil gaan richten. In dat geval zouden Finse leerlingen daarop juist al zijn voorbereid, dankzij dit nieuwe curriculum.

Intussen komt de wereld nog altijd naar Finland toe om het onderwijssysteem te bewonderen. Maar de Finnen komen zelf ook uit de eigen bubbel. Ze kijken om zich heen, maar niet per se naar Azië. Het traditionele onderwijs past niet bij de noordelijke cultuur, zegt Anneli Rautiainen van de onderwijsraad. In Azië brengen kinderen veel meer uren door op school en 's avonds krijgen ze dan ook nog huiswerkbegeleiding. "Wij wensen voor onze kinderen veel tijd om te spelen, tijd voor hobby's en voor hun vrienden."

Maar Finland kan wel leren van buurland Estland, vindt Rautiainen. Daar is enorm geïnvesteerd in het onderwijs, met name in digitaal leren en technologie in klaslokalen. Ook zijn er jonge mensen aangesteld op sleutelposities binnen het ministerie van onderwijs. "Veel Finse docenten zijn bang om tradities los te laten en hebben angst voor technologie", zegt Rautiainen.

Zelf heeft ze er vertrouwen in dat het nieuwe curriculum een stap in de goede richting is. "Onze leerlingen leren niet voor pisa, voor school, voor leraren of hun ouders, maar voor hun eigen leven. Als we erin slagen om dat over te brengen, krijgen ze weer plezier in het leren en zullen ook leerresultaten verbeteren.

wat is pisa?

Het Programme for International Student Assessment test elke drie jaar de kennis en kunde van een grote groep 15-jarigen uit tientallen landen. Hun scores worden per land gerangschikt om zo te zien welk onderwijssysteem de beste leerlingen oplevert.

Voor 'pisa 2015' zijn een half miljoen leerlingen getest op natuurkunde, wiskunde, lezen, gezamenlijk problemen oplossen en financiëel inzicht. De resultaten zijn vanaf 11 uur vandaag in te zien op: www.oecd.org/pisa/publications/

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden