Onderwatergroenten

Jeroen Thijssen is culinair journalist en schrijver. mail@jeroenthijssen.nl

In de strijd tegen veroudering, tegen enge ziektes en nare aandoeningen is een nieuw wapen gevonden: zeewier! Goed voor van alles en goed tegen nog meer, claimen enthousiaste gebruikers op het internet. Er is zelfs sprake van 'het nieuwe superfood'.

Daaraan denk ik niet, wanneer ik mijn leven waag bij de pier van IJmuiden. Voor hetzelfde geld word ik verzwolgen door de zee. Maar ik kom thuis met een emmer vol van dat superfood - al weet ik op dat moment niet hoe rijk ik ben. Het gaat mij om de smaak.

Datzelfde geldt voor de importeurs van Algues Atlantica, zeewier uit Bretagne. Acht soorten verkopen zij, onderwatergroente met de fraaiste namen: wilde zeesla, kombu royal, zeevermicelli. Biologisch gecertificeerd, ook nog.

De site verwijst wel naar de voedingswaarden, maar heeft het toch vooral over gastronomische genoegens. Kijk, daar draait het om. Op naar de hoofdstad. Want daar, heeft Agnes van Dijk gezegd, de drijvende kracht achter Algues, hebben ze de grootste keus.

Bij Ekoplaza op het Waterlooplein wemelt het van de bekende Amsterdammers, en zeewier hebben ze ook: zes soorten verse, en zes zeewiersmeersels. Om alles mee te nemen gaat te ver, maar van de tapenades drie en de wieren drie, dat is een aardige selectie.

De tapenades zijn 4,49 euro per ons, de prijs van het verse wier schommelt tussen de 3,25 en de vier euro. Dat lijkt misschien veel, maar zo eindig ik tenminste niet op de kusten van Engeland.

Eerst maar eens de tapenades proeven, te beginnen met de Dulse tapenade. Dulse is een roodwier uit de Palmaria-familie, meldt wiki. Nu weet ik nog niets. Rood is de tapenade niet, eerder auberginekleurig. De smaak is een verrassing: pittig, met een kraakje van fijngesnipperde ui, maar rul op de tong. Het zeewieraroma komt pas later op, en vult dan de mondholte, de neus - als de geur die soms aanwaait over het strand. Smeer het op een toastje en je hebt een vegetarische snack die iedereen lekker vindt.

De Wakamé tartaar is wat vlakker dan de dulse, maar de Zeesla spread is weer fantastisch: een soort pesto zonder basilicum. Over de pasta ermee, of in de sladressing.

Dan de verse wieren. Uit het pakje kombu royale komt een prachtige, zeemleren lap die vooral geschikt is voor het trekken van soep. In het doosje zeevermicelli lijken de pootjes van een enorm insect te zitten, maar het is echt plantaardig. Heerlijk met gedroogde of verse tuinbonen, maar ook geroerbakt met knoflook. De zeesla, ach, de zeesla. Zonder zand - dat er bij mijn eigen vondsten wél aan zat - smaakt hij fantastisch als rauwe puree bij komkommer, door pasta en in salades. Het lekkerst is hij in zelfgeslagen mayonaise.

En hoe gezond is het nu? "Dat moet nog wetenschappelijk worden vastgesteld", zegt Willem Brandenburg, senior onderzoeker zeewierteelt van de Wageningen Universiteit. Er zitten in elk geval sporenelementen in, zoals selenium en jodium. Die zijn belangrijk, zegt Brandenburg, "Maar je kunt er ook te veel van krijgen". Dus niet meer nemen dan zeshonderd gram vers zeewier op een dag en dat dan ook niet elke dag.

Verder moeten we de soorten wieren goed uit elkaar houden. "Bruinwier verschilt van groenwier, zoals een spar van een kropje sla." Wat goed is in het ene wier, wil hij maar zeggen, zit niet automatisch in het andere. Ook is het van belang waar de wieren zijn geoogst. "In een vervuilde zee is ook het wier aangetast."

Gezien het biologische certificaat van Algues Atlantica zal het met dat vervuilde zeewater wel meevallen. En die gezondheidsclaims, ach. Wat mij betreft draait het om de smaak.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden