Ondernemer zonder geweten

Meedogenloos portret van zakenman Anton Kröller en zijn piramidespel

Biografen oordelen wel eens vaker hard over hun hoofdpersoon, maar zo genadeloos als Ariëtte Dekker zijn ze zelden. "Het is moeilijk voor te stellen dat Anton Kröller geen enkele wroeging had over de door hem veroorzaakte verliezen bij beleggers", schrijft ze, "maar helaas zijn voor het tegendeel geen aanwijzingen te vinden. Anton Kröller had geen geweten en dus ook geen gewetensnood."

Dit was de man die zelf na de beurskrach in 1929 zijn optimisme niet verloor: "Ik ben blij, dat de zeepbel eindelijk gebarsten is", schreef hij met weinig zelfinzicht. Zelfs in een economie die was veranderd in een rokende puinhoop zag hij vooral de kansen. En ja, veel ondernemingen bleken jarenlang overgewaardeerd, maar in zijn ogen waren dat die van anderen, niet die van hem. Kort daarna zou blijken hoezeer Kröllers imperium op drijfzand was gebouwd.

'Leven op krediet. Anton Kröller (1862-1941)' van bedrijfseconoom Ariëtte Dekker (eerder al biograaf van scheepsbouwer Cornelis Verolme) beschrijft hoe de zoon van een eenvoudige Rotterdamse aannemer zich een weg baande naar de top van de handels- en scheepvaartmaatschappij Wm. H. Müller & Co, en dat bedrijf uitbouwde tot een wereldconcern.

Kröller was onder meer actief in de graanhandel. Tijdens de Eerste Wereldoorlog werd hij een belangrijk adviseur van de regering inzake de verdeling van landbouwproducten. Voor een neutrale mogendheid ingeklemd tussen Engeland en Duitsland, was een ragfijn spel nodig om de economie enigszins draaiende te houden. Kröller hielp daarbij, maar verloor de belangen van zijn bedrijf zelden uit het oog.

Van de hand van Eva Rovers verscheen in 2010 al 'De eeuwigheid verzameld', een prima biografie over het leven van Helene Kröller-Müller. Dekker heeft haar best gedaan om er met haar boek een fraai tweeluik van te maken.

Anton Kröller en zijn vrouw Helene bleven bij elkaar tot haar dood. De twee hadden wel sterk uiteenlopende karakters. Zij was serieus, zwaar op de hand en klagerig aangelegd, hij een ongecompliceerde optimist. Zij dook vol toewijding in de wereld van de kunst. Hij had minder met de esthetiek en leek vooral gebiologeerd door de nieuwe mogelijkheden om te speculeren.

Als ouders verschilden ze ook. Helene was bedilzuchtig en veeleisend, Anton autoritair en weinig empatisch. De kinderen voelden vooral kilte. De precieze relatie tussen de twee echtelieden en de rol van Kröllers jongere medewerker Sam van Deventer daarin blijft ook in 'Leven op krediet' deels in raadselen gehuld.

Volgens Dekker had Kröller een dr.-Jekyll-and-mr.-Hyde-achtig karakter. Op het eerst gezicht leek hij opgeruimd en vriendelijk, een charmeur zelfs. Tegenspraak of een behandeling zonder de juiste egards kon hem echter in grote woede laten ontsteken. Loyaliteit kon hij goed spelen. Zakenpartners gebruikte hij instrumenteel. Anton Kröller had alleen functionele vrienden.

De biograaf kon aanvankelijk wel sympathie opbrengen voor de eigenzinnige en energieke Draufgänger Kröller. Een journalist van het maandblad De Hollandsche Revue beschreef in 1896 de ondernemer als een soort David tussen de Goliaths van de Maasstad. Hij hekelde de oude handelselite "waar gedurende geslachten vader en zoon elkaar opvolgen, in rustige zelfvoldaanheid de zaken als een honingstroompje over de lessenaars vloeien en wier aanzien en naam, verstand en energie kunnen vervangen". De gevestigde ondernemers in Rotterdam schrokken van de agressieve manier van opereren van de jonge 'slokop' Kröller. Elkaar flink beconcurreren was ongewoon. Men respecteerde elkaars 'connectiën'.

Op den duur ontwikkelde zich bij Dekker een weerzin tegen Kröllers voortdurende gesjacher en machtswellust. "Nu hoeft een biograaf zich niet per se met zijn hoofdpersoon te kunnen vereenzelvigen, maar aversie maakt het proces niet eenvoudiger." Het zat haar in de weg. Het is goed dat ze toch heeft doorgezet.

Op 'Leven op krediet' is best het een en ander aan te merken. Om haar uitputtende onderzoek recht te doen heeft de biograaf gekozen voor een erg dik boek, 672 pagina's levensverhaal (noten, bronnenlijst en dergelijke niet eens meegerekend). Dat hadden er pakweg vierhonderd mogen zijn.

Dekkers suggestie dat wel erg veel mensen rondom Kröller het loodje legden op momenten die hem goed uitkwamen, wordt met erg veel aplomb gebracht. Ze geeft toe dat harde bewijzen voor betrokkenheid van de ondernemer ontbreken. Maar ze laat meer twijfel bestaan dan goed is. Ook een biograaf moet waken voor (al is het maar het begin van) gerechtelijke dwalingen. Het volstaat om bijvoorbeeld te laten zien hoe Kröller bij sterfgevallen in zijn schoonfamilie uiterst gehaaid zijn machtspositie binnen het bedrijf weet te versterken.

In zijn drang naar meer kon Kröller heel lang zijn gang gaan dankzij al te gretige bankiers, naïeve beleggers en een overheid die hem weinig in de weg legde. De inventieve ondernemer was veel slimmer en sneller dan de wetgever. Commissarissen van dochterbedrijven Müller & Co zaten er lang alleen voor de vorm. Echte zeggenschap hadden ze niet. De grote vennootschap bleef helemaal een persoonlijke onderneming van Kröller. Een directievergadering bestond niet. Uiteindelijk werd het ene gat met het andere gevuld. Het concern begon te lijken op een piramidespel. Beleggers gingen uiteindelijk het schip in voor 85 miljoen gulden - 700 miljoen euro nu.

Parallellen met recente beursschandalen dringen zich op. Dekker noemt zelf onder meer de affaire rond beleggingsfraudeur Bernie Madoff. Het verschil is dat Kröller nooit werd vervolgd. De kunstcollectie van zijn vrouw en zijn landgoed op de Veluwe had hij voor de ondergang al overgedragen aan de Nederlandse staat. Twee miljoen gulden betaalde het Rijk destijds voor Helene's collectie. De waarde daarvan wordt nu geschat op zo'n half miljard euro. De waarde van het nationaal park De Hoge Veluwe valt nauwelijks in geld uit te drukken.

Bij Kröllers dood overheerste bewondering. In memoriams roemden hem als 'koopman in grooten stijl van internationaal formaat'. Ook daarna benadrukten publicaties vooral zijn verdiensten. Deze biografie is stukken evenwichtiger. Dat is Dekkers verdienste. Kröller verbrandde zijn persoonlijk archief. "Stof zijt gij en tot stof zult gij wederkeren" kwam op zijn grafsteen te staan. Maar de man die zo vaak de regie wist te houden, kan postuum de geschiedschrijving niet meer beïnvloeden.

Ariëtte Dekker: Leven op krediet. Anton Kröller (1862-1941). Prometheus/Bert Bakker; 826 blz. euro 45

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden