Onderhandeling rond ontvoering vergt lange adem

Deskundige: Hoe minder aandacht hoe beter, anders kunnen kidnappers hun eisen opschroeven

Het is 12 augustus 2002. Een auto wordt tegengehouden. Drie met pistolen bewapende mannen dwingen Arjan Erkel uit te stappen. Een vierde man staat ineens achter het slachtoffer en slaat hem met een pistool op z'n hoofd.

Het blijft niet bij die ene klap voor Erkel. Hij wordt in elkaar geslagen voordat hij wordt meegenomen, de bergen van Dagestan (Noord-Kaukasus) in. De nachtmerrie duurt voort tot 11 april 2004. Dan komt Erkel vrij, na twintig maanden gevangenschap door 'fundamentalistische moslims'.

De eerste dagen waren het zwaarst. "Ik vermoed dat criminelen mij tegen betaling hadden ontvoerd en dat ik een week later werd overgedragen aan de opdrachtgevers, namelijk een islamitische strijdgroep. Zij waren anders. Ik kreeg voldoende te eten. Het was heel zwaar met flinke ups en downs. Maar ze maakten mijn nachtmerrie in ieder geval niet duisterder dan die al was", zegt Arjan Erkel, die nu het bedrijf voor coaching en training Walking Tree leidt.

De ontvoering van Erkel is op sommige punten anders dan die van Sjaak Rijke in Mali. Rijke was een toerist die op eigen houtje met zijn partner in een jeep door de Sahara scheurde. In dat geval speelt de regering van het land van herkomst een grotere rol om in samenwerking met de lokale overheden de ontvoering op te lossen. Erkel was hoofd van de missie van Artsen zonder Grenzen. In zo'n geval ligt de verantwoordelijkheid primair bij de werkgever. Dat werd later nog pijnlijk zichtbaar door een publieke discussie tussen AzG en het Nederlandse ministerie van buitenlandse zaken, over wie uiteindelijk het miljoen losgeld moest betalen.

"Het belangrijkste was dat het geld uiteindelijk is betaald en ik vrijkwam. Hoe daarover is onderhandeld, wordt stilgehouden. Ook ik heb beloofd dat geheim te houden. Maar dat er is gepraat, is zeker."

Wat er op dit moment op de achtergrond voor de vrijlating van Rijke gebeurt, is niet bekend. Maar directeur/eigenaar Hans Slaman van International Security Partners zegt dat er in zo'n zaak allerlei radertjes draaien om het slachtoffer veilig thuis te krijgen. Slaman is oud-politieman en was betrokken bij de vrijlating van de ontvoerde Alfred Heineken en zijn chauffeur. Verder heeft hij jarenlange ervaring als onderhandelaar en adviseur in ontvoerings- en afpersingszaken. "Meestal wordt losgeld betaald, door bijvoorbeeld de werkgever", zegt de expert. Het uitgangspunt van de Nederlandse regering is: om precedentwerking te voorkomen, betalen we geen losgeld.

"Iemand wordt nooit zomaar ontvoerd. De ontvoerders willen altijd iets in ruil voor het slachtoffer. Dat kan zijn geld, maar ook een gevangenenruil. Geld om er rijk van te worden zoals bij criminelen, of om een politiek doel te verwezenlijken, zoals bij ideologen. Hoe dan ook moet er een gesprek komen", zegt Slaman.

"Bij dat eerste gesprek moet 100 procent zekerheid komen dat je de juiste mensen spreekt, die dus werkelijk over het leven van de ontvoerde - in dit geval Rijke - gaan. Daarom wil je een levensteken. Bij voorkeur komt het slachtoffer aan de telefoon. Anders wordt er niet onderhandeld. Meestal voeren gespecialiseerde, ingehuurde onderhandelaars de gesprekken, in persoon of telefonisch. Soms doet de familie het zelf, maar dat wordt afgeraden, omdat ze er te weinig verstand van hebben en er emotioneel te dicht op zitten. Het is overigens te hopen dat het blijft bij één en dezelfde onderhandelaar, want als de tegenpartij van gedachten verandert, begint alles weer opnieuw, waardoor het proces lang kan duren."

Vervolgens begint een 'ongewis' traject, zegt Slaman. "Want je hebt geen idee wat het plan is van de ontvoerders. Langzamerhand moet je erachter zien te komen wat ze precies willen. Stap ook nooit in de valkuil dat wij vanuit onze westerse cultuur 'die vreemdelingen' zomaar onze wil kunnen opleggen. Zij hebben het slachtoffer in hun bezit en zijn of haar leven loopt gevaar."

De informatievoorziening over een ontvoering naar familie en naar buiten toe is summier. Dat heeft een belangrijke reden, zegt Slaman: "Onderhandelingen kunnen mislopen als zaken in het nieuws komen of een familielid zich verspreekt. Media-aandacht kan de ontvoerders doen denken dat het slachtoffer heel belangrijk is, waardoor ze kunnen besluiten om de (losgeld-)eisen verder te verhogen. Daarom: hoe minder aandacht hoe beter."

Na de vrijlating moeten het slachtoffer en de familie wel openheid van zaken krijgen, want dat helpt volgens Slaman bij de verwerking van het trauma. Erkel bevestigt dat. "Ik ben niet bang meer en kan er over praten. Zo weet ik ook dat de meeste van mijn ontvoerders bij onderlinge ruzies of in de strijd voor de djihad in Tsjetsjenië zijn omgekomen."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden