Ondergang van de bedrijvendokter

Vier maanden woont hij al in Zwitserland. Joep van den Nieuwenhuyzen (48) wil maar zeggen dat hij verhuisde ruim voordat duidelijk werd dat zijn defensieconglomeraat RDM op de rand van de afgrond balanceert. Het idee dat hij de benen zou hebben genomen om uit handen te blijven van schuldeisers is echt klinkklare onzin, bezweert de omstreden zakenman.

De wereld maakte voor het eerst kennis met Joep van den Nieuwenhuyzen in 1982, toen zijn -toenmalige- schoonmoeder Toos van der Valk werd ontvoerd. De Brabander, schoonzoon van wegrestaurant-tycoon Gerrit van der Valk, werpt zich op als woordvoerder van de familie én koerier van het losgeld.

Als dank voor zijn optreden krijgt hij de noodlijdende machinefabriek Stramproy min of meer cadeau. De dan 27-jarige Joep grijpt die kans met beide handen aan. Zijn studies economie en bedrijfskunde heeft hij nooit afgemaakt. Binnen het jaar maakt de machinefabriek weer winst. In korte tijd stampt Van den Nieuwenhuyzen een indrukwekkend bedrijvenconglomeraat uit de grond. In zijn werkwijze blijft hij zijn eerste succes trouw: voor een habbekrats koopt hij kwakkelde bedrijven en lapt ze op. In 1985 koopt hij voor twee miljoen gulden de beursgenoteerde Begemann Groep. Daar stopt hij alle genezen ondernemingen in. Binnen vijf jaar bestaat de Begemann Groep uit 140 dochterbedrijven die samen goed zijn voor 1,35 miljard gulden omzet. Tot de verbeelding sprekende acquisities zijn onder meer het elektrotechnisch concern Holec en de statige marinewerf RDM. 'Joep' zoals hij steevast wordt genoemd, is zeker in die tijd de lieveling van beleggers en media. De 'bedrijvendokter' vertelt zijn succesverhaal graag en vaak: over hoe hij een schuld van drieduizend gulden om wist te bouwen tot een vermogen van honderd miljoen, hoe hij de aanvankelijke scepsis in ondernemerskringen wist te overwinnen, hoe hij van 's ochtends zes tot 's nachts halfeen van afspraak naar afspraak rent en over hoe hij zijn zondagen vult met gezin en hockey.

Van den Nieuwenhuyzen, geboren in Vught, is zoon van een wegenbouwer, lid van de raad van bestuur van de Nederlandse Basalt Maatschappij (NBM). Het verhaal gaat dat zijn vader hem duidelijk maakte binnen een bedrijf de absolute macht te verwerven, omdat je anders nooit je eigen ideeën kunt uitvoeren -zelf was hem dat niet gelukt.

Ogenschijnlijk is Joep van den Nieuwenhuyzen een openhartige man, altijd te bellen, daadkrachtig, immer goedlachs, gebruind en charmant. Over bedrijfsstrategieën praat hij honderduit, termen als 'synergie' en 'maatschappelijke meerwaarde' liggen hem in de mond bestorven. Toch blijft schimmig hoe hij zijn zaakjes regelt: houdstermaatschappijen op de Antillen, onduidelijke financieringsconstructies, warrige concernstructuren en onoverzichtelijke financiële dwarsverbanden tussen de bedrijven zijn het handelskenmerk van zijn 'Zuid-Amerikaanse' stijl van zakendoen. Duidelijker is hij over zijn droom: ooit wil hij aan het roer staan van een conglomeraat van grote, industriële, Nederlandse bedrijven zoals Daf, Fokker, NedCar, Stork en Hoogovens, zodat Nederland internationaal een vuist kan maken. Dat hij zelf al jaren over de grens woont en drie van de vier weken in het buitenland vertoeft, doet niks af aan zijn chauvinisme.

Aan de triomftocht van de zakenman komt een abrupt einde als hij begin jaren negentig het noodlijdende automatiseringsbedrijf HCS koopt. De overname mondt uit in een affaire, waarbij Van den Nieuwenhuyzen wordt verdacht van handel met voorkennis. De overname van RDM blijkt goed voor dezelfde aanklacht. Hoewel hij in hoger beroep in beide zaken wordt vrijgesproken, is het imago van de onoverwinnelijke wonderboy voorgoed aan gruzelementen: aan Joep zit vanaf die tijd een luchtje.

Van den Nieuwenhuyzen voelt zich miskend en uitgekotst door het Nederlandse bedrijfsleven. Hij vertrekt naar Curaçao -en begint gewoon opnieuw. Hij vist RDM uit Begemann en gebruikt dat bedrijf als fundament voor een nieuwe bedrijvengroep. Niet veel later stort het ooit zo florerende eerste bedrijfsimperium in. Van Begemann is op dit moment niet meer over dan een investeringsmaatschappij met slechts een aandelenpakket in computerfabrikant Tulip. Heel even lijkt Joep van den Nieuwenhuyzen terug te keren naar Nederland. De LPF wil hem als minister voor economische zaken. Maar zover komt het niet.

Dan valt ook het tweede imperium van Van den Nieuwenhuyzen. Mislukkingen en affaires stapelen zich op. Dit jaar kwam een aantal RDM-bedrijven in grote financiële problemen. De val van directeur Willem Scholten van het Havenbedrijf Rotterdam, die zonder medeweten van zijn commissarissen een garantstelling van 100 miljoen euro aan de noodlijdende RDM gaf, zodat Joep weer even vooruit kon, is de meest recente smet op het toch al niet ongeschonden blazoen van Van den Nieuwenhuyzen. Bovendien heeft Joep ook nog de nationale recherche -gespecialiseerd in zware criminaliteit en georganiseerde misdaad- op zijn dak, die onderzoekt of hij geheime ontwerp- en bouwgegevens van onderzeeërs moet teruggeven aan Defensie.

Het lijkt het onafwendbare einde van Joep van den Nieuwenhuyzen. Maar dat heeft Nederland eerder gedacht.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden