Omvang overheid / Ambtenarenplaag is niet te beteugelen (opinie)

Alwéér 22.000 ambtenaren erbij – de overheid groeit verder en verder. Halve maatregelen werken niet, is wel gebleken.

De Engelse econoom Ceryl Northcote Parkinson bestudeerde een halve eeuw geleden het Britse ministerie van koloniën. Het telde steeds meer ambtenaren, terwijl het aantal koloniën afnam. Hoe kon dat? Zo ontstond de ’wet van Parkinson’: de omvang van een ambtelijke organisatie neemt toe, onafhankelijk van de hoeveelheid werk die gedaan moet worden.

Die wet is nog steeds actueel. Deze week werd bekend dat de rijksoverheid de afgelopen jaren wéér is gegroeid. Tussen 2001 en 2005 kwamen er 22.000 ambtenaren bij, een groei van 2,7 procent. Dat heeft de Raad van economisch adviseurs (REA) becijferd.

Eigenlijk kan dat nauwelijks een verrassing zijn. Ceryl Northcote Parkinson illustreerde dit fenomeen in 1958 al aan de hand van de denkbeeldige ambtenaar A, later door anderen ’Alfred’ genoemd. Alfred is een hardwerkende ambtenaar, die na enige jaren toe is aan verandering. Hij kan op zoek gaan naar een nieuwe baan, maar dat levert hem weinig zekerheden op. Hij kan zijn baas vragen om een nieuwe collega, maar dan haalt hij een ‘concurrent’ binnen, die misschien wel twee keer zo hard werkt als hijzelf.

De beste optie voor Alfred is zijn baas te vragen om twee jonge medewerkers, die hij vervolgens kan aansturen en controleren. Zijn baas stemt in, want hoe meer medewerkers er op de afdeling werken, hoe belangrijker zijn eigen positie is. Uiteindelijk doen zeven medewerkers het werk dat Alfred oorspronkelijk alleen deed.

Deze zeven ambtenaren zullen zelf wel zorgen dat zij het drukker hebben dan ooit. Er moet vergaderd worden over wie wat gaat doen, ze vragen elkaar om advies. Alfred moet de onderlinge problemen oplossen en de stukken corrigeren die zijn afdeling produceert. Stukken, die hij anders zelf geschreven zou hebben.

Meer mensen zijn langer bezig om hetzelfde resultaat te behalen. Zonder dat iemand de kantjes eraf loopt.

Als we geloof hechten aan deze oude wet van Parkinson, dan is ook de huidige groei van het ambtenarenlegioen een autonoom fenomeen, waarop nauwelijks invloed valt uit te oefenen. Meerdere kabinetten hebben zich inderdaad in het verleden stukgebeten op het uitdijende ambtenarenapparaat.

Het eerste kabinet Lubbers wilde in de jaren tachtig het aantal ambtenaren met twee procent per jaar laten afnemen. Voor sommige onderdelen van de rijksdienst werd echter een uitzondering gemaakt, waardoor de feitelijke reductie nauwelijks een procent bedroeg.

Het tweede kabinet Lubbers wilde 20.000 arbeidsplaatsen schrappen. Dat het grotendeels lukte was alleen dankzij privatisering van overheidstaken. Ondertussen namen de kosten van de rijksoverheid sterk toe. Onder meer door het inhuren van externe adviseurs.

In de jaren negentig groeide het ambtenarenapparaat versneld verder. De sterk groeiende economie en de kabinetten Kok I en II maakten dit mogelijk. En dus gebeurde het. Zolang de bomen tot in de hemel groeiden, had niemand er last van. Maar de bomen stopten met groeien en de burgers begonnen te morren. De in 2002 vermoorde politicus Pim Fortuyn had zijn populariteit mede te danken aan zijn voornemen het ambtenarenapparaat met maar liefst 25 procent in te krimpen. Hij heeft niet de kans gekregen zijn belofte waar te maken.

En nu blijkt dat ook het kabinet Balkenende II geen grip heeft op de ambtenarenplaag. Inmiddels werkt in Nederland een derde van alle werknemers voor de overheid (zonder de zorgsector mee te tellen). De overheidstaken zijn, volgens gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek, verdeeld over 3000 verschillende instanties.

Dat is toch meer dan genoeg, zou je zeggen. Maar eigenlijk weet niemand meer hoe groot de overheid precies is, blijkt uit het onderzoek van de REA. Basisgegevens over de omvang van de overheid ontbreken. Dat is zorgwekkend.

Het kabinet Balkenende III staat voor de uitdaging allereerst licht te brengen in de schemerige wereld van de overheid en vervolgens eens flink te snijden in het ambtenarenapparaat. De wil is er, als we de verkiezingsprogramma’s mogen geloven. Eén overheidsinstantie kan er nog wel bij. Zolang deze zich alleen maar bezighoudt met het daadwerkelijk afslanken van de overheid. Een ’Alfred-autoriteit’ zeg maar.


Herman Jansen is auteur van het boek ‘De ambtenarenplaag’, uitgeverij Pepijn.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden