Omstreden hindoe-nationalist begint aan opmars naar Delhi

In 2002 verguisde Narendra Modi heeft aspiraties om premier Singh op te volgen

India gaat spannende tijden tegemoet. De grootste democratie ter wereld maakt zich op voor algemene verkiezingen, die behalve een nieuw Lagerhuis ook een nieuwe premier moeten opleveren. Als het aan de groeiende Indiase middenklasse ligt, wordt deze post na mei 2014 ingenomen door de omstreden BJP-politicus Narendra Modi.

Afgelopen weekend kreeg Modi van de BJP al enkele topposities toebedeeld binnen de partij. Maar de officiële premierskandidaat van de BJP is hij nog niet. Het formeel op het schild hijsen van de controversiële politicus stelt de partij nog even uit.

Modi is een hindoe-nationalist die in 2002 in opspraak kwam, omdat hij als premier van de westelijke deelstaat Gujarat niet zou hebben ingegrepen bij rellen waarbij zo'n duizend moslims om het leven kwamen. Tien jaar later maakt hij furore als India's populairste politicus. Die ommezwaai heeft alles te maken met de breed gedragen opvatting dat Gujarat onder Modi's leiding is uitgegroeid tot een land van melk en honing, waar de rest van het land een voorbeeld aan kan nemen.

Atul Sood, als econoom verbonden aan de Jawaharlal Nehru Universiteit in New Delhi, noemt die opvatting over Gujarat een mythe: "Toen Modi aantrad als deelstaatpremier was de economie relatief gezien al goed ontwikkeld. Gujarat kent een lange traditie van ondernemerschap en heeft sinds de jaren zeventig een bloeiende industrie. Aan dat klimaat heeft Modi weinig bijgedragen".

Modi's economische beleid is volgens Atul Sood eerder een kwestie van gemiste kansen: "De gunstige beginsituatie is niet aangegrepen om verdere groei te stimuleren. Modi steunt de grote bedrijven, maar dat is ten koste gegaan van het midden- en kleinbedrijf. Daardoor is de werkgelegenheid in Gujarat nauwelijks toegenomen. Een derde van de bevolking leeft onder de armoedegrens. De kloof tussen winnaars en verliezers is alleen groter geworden. De deelstaat Tamil Nadu doet het veel beter, maar daar praat niemand over."

Narendra Modi heeft zijn recente succes bij de Indiase kiezer grotendeels te danken aan een zorgvuldig opgebouwd imago dat om daadkracht en rechtschapenheid draait. Die eigenschappen zijn nodig om tegenwicht te bieden aan de regerende Congrespartij, die verwikkeld is in veel corruptieschandalen.

Modi opent als begenadigd spreker een ander vergezicht. Met slimme slogans als 'minimum government, maximum governance' weet hij een publiek aan zich te binden dat aanzienlijk breder is dan de traditionele BJP-aanhang.

In kringen van minderheden wordt de politieke opmars van Modi met argusogen gevolgd. Moslims, christenen en kritische intellectuelen zijn het geweld tegen de moslims in Gujarat niet vergeten. De rol van Modi bij de gebeurtenissen in 2002 is nooit vastgesteld, maar wel is duidelijk dat hij ideologisch gezien altijd zwaar op de RSS heeft geleund. De RSS is een militante rechts-nationalistische beweging die de hindoegodsdienst tot de grondslag van het Indiase bestel wil verheffen.

Maulana Noumani is secretaris van Jamiat Ulama-i-Hind, een grote landelijke moslimorganisatie die het seculiere karakter van de staat altijd heeft onderschreven. Volgens Noumani zijn Modi en de zijnen van strategie veranderd: "Vroeger werden moslims door de BJP afgeschilderd als ongeletterde koeienmoordenaars die een gevaar voor de hindoenatie vormden. Dat soort propaganda hoor je nu niet meer."

Modi stelt nu dat het hindoeïsme alle godsdiensten als gelijkwaardig ziet, aldus Noumani. Hij vertrouwt deze omslag niet. "Modi heeft zich een nieuw uiterlijk aangemeten, maar daarachter is hij dezelfde gebleven. Hij is een luipaard dat zijn vlekken verbergt."

Door de poort van het BJP-hoofdkwartier in New Delhi zoeft een witte dienstauto de binnenplaats op. Op de achterbank zit een monter kijkende moslim met een baard en een gehaakt mutsje. Sinds Modi aspiraties heeft om premier Singh van de troon te stoten, zoekt zijn partij regelmatig toenadering tot het islamitische volksdeel.

BJP-woordvoerder Nirmala Sitharaman, opgeleid aan de 'linkse' Jawaharlal Nehru Universiteit, verwerpt beschuldigingen van discriminatie. "Modi's politieke tegenstanders gebruiken de gebeurtenissen in 2002 als een argument om hem in diskrediet te brengen. Ze weigeren in te zien dat de inwoners van Gujarat daar anders over denken. Modi is na de rellen tot drie keer toe herkozen als deelstaatpremier."

Volgens econoom Sood is dat laatste punt juist zorgwekkend: "Modi is op democratische wijze uitgegroeid tot een autoritaire leider die het zich kan permitteren te doen waarin hij gelooft. Het geweld tegen moslims in Gujarat heeft hem in zekere zin geholpen zover te komen. Dat is een gevaarlijke situatie."

Wraak voor de treinbrand in Godhra
In februari 2002 kwamen 59 hindoes om het leven bij een treinbrand in de buurt van het plaatsje Godhra in de Indiase deelstaat Gujarat. De slachtoffers waren pelgrims die terugkeerden van een bedevaart naar een hindoetempel in Uttar Pradesh. De hindoebevolking van Godhra, die aannam dat de brand was aangestoken door een groep extremistische moslims, nam wraak. De bloedige rellen die volgden, sloegen over naar de rest van Gujarat en hielden dagenlang aan.

Moslims vormen met 13 procent de grootste minderheid in India. Hoewel hindoes en moslims al eeuwenlang naast elkaar leven, zijn uitbarstingen van geweld tussen beide bevolkingsgroepen een terugkerend patroon.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden