Om mij heen

Beeld Kwennie Cheng

Het is de dag van de Nationale Voorleeslunch. Bekende en onbekende Nederlanders lezen een verhaal van Yvonne Keuls voor aan ouderen door het hele land. Dit jaar kon u voor het eerst ook met uw eigen verhaal meedoen aan de schrijfwedstrijd. Trouw publiceert de drie beste verhalen. Dit is de nummer 3, geschreven door Pamela Sharon.

Boven me woont een gezin. Een man, een vrouw en twee kinderen. Ik heb ze nog nooit gezien. Hun zachte stemmen spreken met een vreemde tongval. Ze vieren feesten die ruiken naar landen hier ver vandaan, het geeft me het gevoel op vakantie te zijn in mijn eigen land. Hij rookt kruidige tabak op het balkon samen met zijn vrienden. Ze lachen en praten over zaken waar ik geen weet van heb. Zij maakt zoet gebak dat ze in een mandje voor mijn deur neerzet en in ruil daarvoor schuif ik de krant, die ik toch niet lees maar waarvan het geritsel me zo herinnert aan mijn vader, onder hun deur door. Het is een afspraak die vanzelf ontstaan is. In de zomer zijn ze een maand weg. Dan laden ze hun auto vol met spullen en rijden ze vroeg in de ochtend weg. Ieder jaar weer luister ik naar het starten van de motor en wens ik ze in stilte een veilige reis.

Naast me woont een vrouw. Ik heb haar nog nooit gezien. Ze is alleen. Ze nam huilend afscheid, van de man die zich haar niet meer kon herinneren maar die voor haar al snel niets meer dan een herinnering werd. Soms klinkt er een piano, dan speelt ze en is ze even niet alleen. Ik luister en voel het onder mijn huid, haar verdriet over de dingen die er niet meer zijn. De televisie staat altijd net een tikje te hard, zoals dat wel vaker het geval is bij oudere mensen. Ze kijkt graag naar Engelse detectives en kookprogramma’s waarin heel Nederland aan het bakken is. Soms geef ik haar iets van het zoete gebak van mijn bovenbuurvrouw dat ik zelf niet op kan en dan probeer ik voor me te zien dat ze me met een glimlach van oor tot oor aankijkt. Een glimlach die ik nooit in haar stem hoor en die er waarschijnlijk ook niet is. Haar huis ruikt naar te gaar gekookte bloemkool, de weeïge geur van lelies en de chemische geur van iemand die toeleeft naar haar einde.

Onder me woont een verliefd stel. Twee jongens die ik nog nooit heb gezien. Af en toe hoor ik ze diep in de nacht dingen doen waarvan mijn moeder schande zou hebben gesproken. Soms verlies ik me in hun geluiden en deel ik hun hemel achter mijn gesloten ogen. Ieder weekeinde zijn er gasten en dan dansen ze op het balkon tot de zon opkomt. Op woensdag komt de schoonmaakster. Ze jaagt de kat altijd naar buiten die dan jammerend en blazend naar boven klimt om voor mijn raam te komen zitten. Als ze ’s avonds laat thuiskomen bestellen ze sushi of pizza, wat ze overhebben brengen ze bij mij. Dan maken we een kort praatje en vertellen ze mij over hun dag en voel ik me een stukje minder alleen. Volgend jaar gaan ze trouwen en zal ik dansen op hun bruiloft.

Naast me woont een jonge vrouw. Ze is alleen. Ik heb haar nog nooit gezien maar stel me haar lange haren voor die wapperen in de wind. Het geluid van rinkelende armbanden omringt haar. Ze ruikt naar vanille met een vleugje kaneel en ze doet me denken aan de herfst. Als alle blaadjes naar beneden dwarrelen dan danst zij met ze mee. De dag begint ze met een grote kop thee, van munt die ze koopt op de markt hier op de hoek. Ze heeft geen man in haar leven nodig, of een vrouw, zelfs geen kinderen. Alleen is ze het gelukkigst, ook al heeft haar omgeving daar geen vrede mee. Het doet haar weinig, ze leeft zoals zij haar leven voor zich ziet. De bloemen die ze iedere week voor me haalt voelen teer en kwetsbaar. Even teer en kwetsbaar als haar hart denk ik is.

Ik kan ze niet zien maar weet precies hoe hun dagen eruitzien, waar ze van houden en wat hun dromen zijn. Zij zien mij als de man die iedere dag op zijn balkon een kop koffie drinkt met zijn hond bij zijn voeten. Die altijd een zonnebril draagt, zelfs als het bewolkt is.

Voor me staat een leeg bord waar eerder een groot stuk pizza op lag. In mijn handen heb ik een stukje gebak en ik luister naar de muziek die zachtjes opklinkt. Ik ruik de geur van de veldbloemen die ik in een vaasje op het balkon heb gezet.

Ik kan niets anders doen dan glimlachen om de wereld om mij heen, ook al kan ik die niet zien. Dankzij mijn buren, de mensen om me heen, ben ik nooit alleen. Zij delen zonder het te weten hun lief en leed met mij. En even, op dit moment, zie ik meer dan ik ooit gezien heb. 

Juryvergadering van de schrijfwedstrijd voor de Nationale VoorleeslunchBeeld Leescoalitie

Juryoordeel

Opdracht van de schrijfwedstrijd was: schrijf een verhaal met als onderwerp ‘Mijn straat en haar bewoners’. De winnaar krijgt kaartjes voor het Boekenbal en een mini-bieb gevuld met boeken voor haar hele straat. Ook wordt het winnende verhaal toegezonden aan alle deelnemers aan de Voorleeslunch. De nummers twee en drie ontvangen een boekenpakket voor zichzelf en hun buren.

De jury van de schrijfwedstrijd van de Nationale Voorleeslunch 2018 bestond uit Yvonne Keuls, Özcan Akyol, Noraly Beyer, Willem Bisseling en Bart Chabot.

Het oordeel van de jury over dit verhaal, dat op de derde plek staat:
In Om mij heen weet de schrijver de lezer op het verkeerde been te zetten. De verrassende plot zal een glimlach bij de lezer doen ontwaren. Om mij heen bevat sterke stijlelementen en heeft een haast Roald Dahl-achtig plot; een sterk kort verhaal.

Lees ook:

De andere verhalen voor de Nationale Voorleeslunch 2018

In dat hofje heb ik nog gewoond, het verhaal van Yvonne Keuls
Pakketdienst, nummer 1 in de schrijfwedstrijd
Haar oude huis, nummer 2 in de schrijfwedstrijd

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden