Review

Om goed te liegen moet je eerst je eigen leugens geloven

De Amerikaanse psycholoog Daniel Goleman kennen we van 'Emotionele intelligentie', dat twee jaar geleden maandenlang de bestseller-lijsten aanvoerde. De hoge verkoopcijfers voor toch niet gemakkelijk te verorberen lectuur verbaasden destijds vriend en vijand. Goleman ging diepgang, belezenheid en eruditie allerminst uit de weg.

Aangespoord door dit succes ontdekte Contact dat Goleman al eerder wat had geschreven. Zo'n dertien jaar geleden publiceerde hij 'Vital Lies, Simple Truths'. De vertaling 'Liegen om te leven' wordt echter gepresenteerd als Golemans nieuwste. Contact neemt nog meer loopjes met de waarheid en bombardeert Goleman op de achterflap tot uitvinder en bedenker van het begrip 'emotionele intelligentie'. Zo onderschrijft de uitgever ongewild en ongemerkt Golemans these dat we kunnen liegen alsof het gedrukt staat en dat dat nog goed voor ons is ook.

Ons onvermogen om bepaalde aspecten van ons leven te ervaren, is diep geworteld in onze psyche. Sigmund Freud maakte er zijn levenswerk van, ons te tonen hoe we meesters zijn in het sjoemelen met de waarheid. In het zevende hoofdstuk van 'Die Traumdeutung' (1900) ontwikkelde Freud als een van de eersten een model voor de organisatie van de psyche en de wijze waarop we informatie verwerken.

Freuds model is, aldus Goleman, nog heel goed bruikbaar. Freud liet zien hoe informatie in onze psyche wordt getransformeerd en bij iedere halte in het systeem een verandering ondergaat. Zodanig zelfs dat het beeld en het geluid dat we aanvankelijk waarnamen, tegen de tijd dat ze herinneringen zijn geworden, radicaal veranderd zijn.

We denken dat we welbewust en weloverwogen onze beslissingen nemen, maar niets is minder waar. Het onbewuste is ons de baas. En van Freud weten we hoe dat onbewuste ons bewustzijn kan manipuleren, als een poppenspeler zijn marionetten.

Freuds pre-wetenschappelijk onderzoek werd pas in de jaren zestig wetenschappelijk bevestigd. Het geheugen geeft zijn informatie door aan een lange keten van geheugensystemen die onbewust werken. Met name die indrukken die ons het sterkst beïnvloed hebben - die uit onze vroegste jeugd - zijn nu juist de indrukken die we alleen met pijn en moeite naar boven kunnen halen, en vaak helemaal niet tot ons bewuste kunnen laten doordringen.

Een herinnering wordt namelijk opgeslagen in het onbewuste en heeft niet zomaar toegang tot het bewustzijn. Welhaast ontoegankelijk wordt die herinnering als er allerlei emoties aan kleven. Censors zijn dan aan het werk om het materiaal te filteren en buiten onze aandacht te houden.

Helaas werken deze censors niet altijd feilloos, constateerde Freud al. In dromen kunnen verdrongen gedachten in versluierde vorm het bewustzijn binnendwarrelen. Maar nog storender is het wanneer het niet herinnerde materiaal zich via hinderlijke symptomen aan ons opdringen. De hele weg die de informatie heeft afgelegd, moet dan omgekeerd bewandeld worden om achter de betekenis van het ziektebeeld te komen, wat geen eenvoudige zaak is en vaak intensieve therapie vereist.

Goleman steekt zijn bewondering voor het pionierswerk van Freud niet onder stoelen of banken. Zelfs vanuit cognitieve hoek voert hij bewijsmateriaal aan om Freuds model van de psyche te onderbouwen. Freuds stelling als zou het onbewuste ons doen en laten sturen, werd jarenlang in twijfel getrokken. Maar experimenten van de Amerikaanse hypnotherapeut Ernst Hilgard weerleggen deze kritiek onomstotelijk.

Hilgard ontdekte dat er in ons een 'verborgen toeschouwer' schuilt. Onder hypnose kunnen we zonder blikken en blozen onze hand in een emmer met ijskoud water dompelen of in een gloeiend heet vuur houden zonder dat het ons lijkt te deren. Maar ondertussen blijken we wel degelijk de pijnervaringen te registreren. Ook het verschijnsel van de 'meervoudige persoonlijkheid' toont aan dat er buiten het bewustzijn een cognitie bestaat die helemaal op eigen houtje werkt.

Goleman kent zijn onderwerp op zijn duimpje en weet alle ditjes en datjes op een aangename manier aan zijn lezers uit te leggen. Hij switcht zonder haperen van het ene register naar het andere, van de psychoanalyse naar de cognitieve psychologie, van de filosofie naar de biologie. Goleman is een rasverteller, die je meesleept en gevangen houdt. Zijn kennis is onuitputtelijk en hij houdt van onderwijzen. En vooral houdt hij van anekdotes.

Een dankbare bron voor zijn onderwerp vindt hij uiteraard in het Watergate-schandaal. Het geheugen van John Dean, een van de hoofdrolspelers in de afluisterpraktijken die president Richard Nixon ten val brachten, was inderdaad een zeef, en een klassiek voorbeeld van wishful thinking. Dean kon zich alleen dat herinneren wat hem goed uitkwam.

Trouwens, ons geestesleven draait wel heel opmerkelijk om ons eigen 'ikje', had ook de sociaal psycholoog Anthony Greenwald uit onderzoek ontdekt. Hoe meer de feiten met onszelf te maken hebben, hoe beter we ze onthouden. Successen zijn aan onszelf te danken, mislukkingen komen op rekening van anderen. Informatie die bedreigend is voor het zelf, die niet strookt met het verhaal dat we over onszelf vertellen, bedreigt ons gevoel van eigenwaarde. Depressieve mensen zijn daar het navrante bewijs van.

De Amerikaanse psychiater Aaron Beck noemde een depressie “een chronische activering van negatieve zelfschema's”; hoe lager de dunk van jezelf hoe neerslachtiger men wordt. Daarom bespeuren we achter de man of de vrouw die zelfrespect en een groot gevoel van eigenwaarde uitstraalt, de liefdevolle ouder die trots was op het succes en de grootse daden van zijn of haar kind.

We zijn een meester in het onszelf voor de gek te houden, leert Goleman, en daardoor zijn we er uiterst bedreven in,anderen voor het lapje te houden.

Om goed te kunnen liegen moeten we eerst in onze eigen leugens geloven; een stelregel die elke vertegenwoordiger en politicus kan beamen. Helaas krijgt deze vroeg of laat to maken met 'de dwarsligger', de heldhaftige verkondiger van de waarheid, de openbare aanklager van de misstanden. Hem valt slechts als beloning het martelaarschap ten deel, de prijs voor de schending van de zwijgplicht.

Want schreef de Noorse toneelschrijver Henrik Ibsen niet: “Beroof je de gemiddelde mens van zijn levensleugen, dan ontneem je hem ook zijn geluk”. Liever wenden we ons af en kijken we de andere kant op, totdat we uiteindelijk vergeten, en vergeten dat we vergeten hebben.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden