Om de tafel ja, maar moet Assad ook aanschuiven?

Shaikh: Te veel bloed aan de handen Naumkin: Je kunt hem niet uitsluiten

De begroeting tussen de twee Midden-Oostendeskundigen aan de ontbijttafel in het Krasnapolsky is hartelijk, de discussie desalniettemin - en ondanks het vroege tijdstip - fel.

"Wat te doen in Syrië" is het thema van het gesprek, maar de meningsverschillen beginnen al bij de vraag hoe we de ontwikkelingen in het land moeten zien.

Voor Salman Shaikh, directeur van het Brookings Doha Center in Katar, is er geen twijfel mogelijk. De opstand in Syrië past in het 'verhaal' van de Arabische lente. "Het maakt deel uit van de grote veranderingen die zich ook elders in het Midden-Oosten aan het voltrekken zijn. Het is een strijd voor democratie. De drang tot verandering komt van de mensen zelf. Dit is niet van buitenaf bekokstoofd. Integendeel; het Westen heeft dit juist jarenlang onderdrukt omdat stabiliteit belangrijker werd gevonden. Maar de mensen zijn gegroeid, deze regio is klaar voor een democratische take-off. Dat dat chaotisch verloopt, mag niemand verbazen."

Vitali Naumkin, directeur van het Institute for Oriental Studies in Moskou, is die voorstelling van zaken veel te mooi: "Misschien dat het de eerste weken vergeleken kon worden met wat elders is gebeurd. In Syrië is het echter al heel snel een burgeroorlog geworden, met duidelijk sektarische dimensies. Zowel de oppositie als de troepen van het regime begaan wreedheden, zo gaat dat in een burgeroorlog. Wat mij erg verontrust is dat een groeiende groep extremisten en terroristen het land binnenkomt. Dat vergroot het risico op escalatie. Je ziet het nu al. In het begin van het conflict werden er door het regime geen vliegtuigen ingezet. Nu wel; waarom? Omdat de oppositie van buitenaf voorzien is van geavanceerd wapentuig."

Jihadisten zijn er inderdaad, erkent Shaikh, maar laten we alsjeblieft hun aantallen niet overdrijven. En laten we ook niet vergeten waar dit conflict mee begon: "Het regime van Basjar Assad heeft met extreem geweld gereageerd op de roep om verandering. Het zorgt voor chaos en als je dat maar lang genoeg doet, krijg je vanzelf een sektarische strijd. Syriërs hebben geen geschiedenis van bloedvergieten, ze hebben vrijwel altijd vreedzaam samengeleefd. Ja, er zijn rebellen die misdaden plegen. Maar het zijn niet de bloedbaden die we eerder in Irak hebben gezien. Nog niet. Maar we zijn echt bezig met een race tegen de klok. Nog een paar maanden en de situatie wordt volstrekt oncontroleerbaar en dan zijn we het land kwijt."

Wat cynisch refereert hij aan het in 2005 'met veel fanfare' door de VN omarmde principe van de 'verantwoordelijkheid om te beschermen': waar overheden hun burgers geen veiligheid kunnen bieden, moet de internationale gemeenschap dat doen. Toch volgt daarop geen pleidooi voor militaire interventie. In de Veiligheidsraad liggen China en Rusland dwars.

Shaikh: "En zonder internationaal mandaat te werk gaan, is geen goed idee. De situatie is complex. Ik ben er bovendien niet gerust op dat, als de Navo of welke organisatie dan ook bombardementen begint in Syrië, er geen burgerslachtoffers zullen vallen. En anders zorgt het regime daar wel voor."

Onderhandelingen moeten een oplossing brengen; daar zijn Shaikh en Naumkin, in Nederland op uitnodiging van het ministerie van buitenlandse zaken, het over eens. Maar de overeenstemming eindigt bij de vraag wie er mag aanschuiven. Naumkin: "Het moeten onderhandelingen zijn zonder voorwaarden vooraf. Je mag Assad niet uitsluiten. Er is veel te snel, veel te makkelijk gezegd: het regime loopt op zijn laatste benen. Maar hij zit er nog steeds. En er is geen sprake van massale desertie uit het leger. Er lopen wel individuen over naar de oppositie, maar niet hele eenheden. "

Shaikh: "Veel mensen in de Syrische oppositie zeggen: we willen geen situatie als in Irak waar iedereen die lid was geweest van de Ba'ath-partij werd uitgesloten. We hebben continuïteit nodig, we willen geen vacuüm. Het probleem is de kern van het regime, degenen met bloed aan hun handen."

Naumkin: "Maar wie bepaalt wie dat zijn? Is dat de sergeant, de kapitein? In een burgeroorlog heeft iedereen bloed aan zijn handen, dat weten wij uit ervaring. Wij zijn echt geen grote fans van Assad, maar partij trekken lost het probleem niet op. Als je zegt; we willen Assad er niet bij hebben, kan hij nergens meer heen. Daar wordt het geweld zeker niet minder van."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden