klein verslag

Oh V&D, instortende kolos

null Beeld anp
Beeld anp

Het warenhuis was een kolos geworden, en kolossen die op het punt staan om te vallen, die vormen een tragische aanblik. Grote dieren die sterven grijpen ons meer aan dan kleine, tenzij het misschien om een huisdier gaat, maar huisdieren zijn een aparte categorie. Nog staan ze, de zware warenhuizen, met zoet glimlachende poppen in de etalages, maar met neergelaten luiken voor de ingangen.

Achter die luiken doolt nog personeel rond tussen onverkochte en al weken niet aangevulde spullen, onder van systeemplafonds neerhangende rode borden met het woord 'Sales' erop. Dragen ze hun winkelkleding, hun zwarte rokken en broeken, hun witte hemden onder zwarte gilets? Op die allerlaatste dag waarop ze nog betaald krijgen? Motregent het nog muzak over alle afdelingen?

Ik was er nog op de laatste zaterdag voor de sluiting. Het was bijna Valentijnsdag en de ingang was rozerood ingericht met banieren waarop frasen stonden als 'ik ook van jou' en 'ik vind je lief'. Handschoenen van Duits leder, geuren van Rituals, sapjes van La Place.

Oh V&D.

De roltrappen tilden me omhoog door de muzakdampkring. Zoveel waren nog in dit warenhuis, maar natuurlijk ook van de 'shops in shop', die hun spullen - en hun mensen - wel zouden weghalen, straks als de luiken nooit meer omhoog zouden gaan.

Alles oogde al zo vergaan, voorbij, getekend. Men deed nog heel gewoon, de verkopers en verkoopsters allervriendelijkst maar zonder geloof in hun ogen. Bij de jonge mensen dacht ik: ach, nog een heel leven voor je, dit warenhuis was al oud en moe toen je er begon te werken. De ouderen daarentegen, ze zijn met dit huis oud geworden, hebben jaar in jaar uit hun afdelingen toegewijd gediend, seizoen na seizoen, opruiming na opruiming. En intussen zagen ze een neergang die ze misschien zelf niet konden begrijpen, omdat op onzichtbare vloeren hoger geplaatsten de veranderende tijd niet konden bijbenen.

Ik weet niet of er nu een traan rolt achter die dichte luiken, maar zoals gezegd, vallende kolossen, dat laat een mens niet onberoerd.

Mijn dochter ging onlangs met een 'Icewatch' - dat is een horloge - naar de Bijenkorf om een batterijtje te laten vervangen. Het horloge stond stil. Maar, zeiden ze daar, we moeten het horloge opsturen, en dat kost 45 euro.

De Bijenkorf. Nieuwe verbouwing. Chique A-merken. Personeel om door een ringetje te halen. Mijn dochter droop af.

Haar moeder wist wel een mannetje.

Dat mannetje werkte op de horloge-afdeling van V&D. Hij werkte daar al jaren. Op de allerlaatste openingsdag, zondag, ging ze naar hem toe. Hij wipte de achterkant open, verving het batterijtje met behulp van een pincet, klikte de achterkant weer dicht met een persje. En rekende alleen de prijs van de batterij.

En nu zie ik dat beeld voor me, dat beeld van dat miniscule batterijtje, dat horloge, het 'mannetje' in zijn zwarte gilet en zijn witte overhemd, die wezenloze afdeling achter gesloten luiken, met vitrines die leeggehaald gaan worden, en dat binnen die instortende kolos die alles met zich mee gaat sleuren.

In 'Klein Verslag' brengt Wim Boevink dagelijks voor Trouw verslag uit van de grote en kleine wereld om hem heen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden