OGEN DICHT, EN DENK AAN ENGELAND

Het Britse koningshuis bladdert af. Alleen de monarch zelf staat nog hoog verheven boven de affaires die haar familie over zich afroept. De 'firma' Windsor krijgt de wind van voren. En van rechts, want de moraal van 'werken voor de kost' die Margaret Thatcher erin heeft geramd, verdraagt zich slecht met het gedrag van al die koninklijke uitvreters. Overleeft de Britse monarchie de patatgeneratie?

BERT VAN PANHUIS

Het is de middag van de 19de juli 1820. In Londens Westminster Abbey staat de kroning te beginnen van koning George IV. Aan de deur meldt zich een vrouw van middelbare leeftijd, die eist te worden toegelaten tot de plechtigheid. Ze wordt geweigerd, want ze is niet uitgenodigd, en moet onverrichterzake naar huis terugkeren. Op zichzelf niets ongewoons: wie niet is uitgenodigd kan zoiets verwachten. Hier ligt het toch even anders; de vrouw aan de deur is de echtgenote van George IV, koningin Caroline.

Het huwelijk van koning en koningin is de 25 jaar daarvoor geen toonbeeld geweest van trouw en toewijding. Neem de aanleiding ertoe. Kroonprins George jaagt er niet alleen met gezwinde spoed de jaartoelage doorheen, hij maakt ook forse schulden. De regering is bereid hem te helpen als hij in het huwelijk treedt. Een Duitse nicht, Caroline van Brunswijk, is de gelukkige.

Ofschoon, als hij aan zijn bruid wordt voorgesteld, roept de prins zijn bediende toe: 'Een borrel alsjeblieft, Harris. Ik word niet goed.' De toekomstige koningin is niet moeders mooiste. Ze is dik, hult zich in hobbezakken en ze stinkt. Er wordt getrouwd, zij het dat de bruidegom door zijn vrienden letterlijk overeind moet worden gehouden, want hij is ladderzat.

Uit de enkele malen dat de echtelieden het bed delen wordt een kind geboren, een dochter. Na de bevalling gaan beiden huns weegs. De koning doet hier en daar een scharrel op, de koningin vertrekt naar Italie en leeft er samen met een hoveling van Italiaanse afkomst.

Dan overlijdt koning George III. Caroline spoedt zich naar Londen om de positie van koningin in te nemen. Haar echtgenoot zit daar niet op te wachten en dwingt de regering - zo gaat het dan nog - een wet in te dienen, waarbij Caroline het recht wordt ontzegd de titel van koningin te voeren en waarin bovendien het huwelijk nietig wordt verklaard. De wet haalt het niet. En wie geniet al die tijd de gunst van het gewone volk? Een veel gehoorde kreet: 'Leve de koningin en gooi de koning in de rivier.'

Wie zegt daar dat prins Andrew en Sarah Ferguson - de Yorks - het imago van het Britse vorstenhuis beschadigen met hun echtscheiding? Als George en Caroline het Huis van Hannover 170 jaar geleden niet ten val wisten te brengen, wie graaft dan nog het graf van de monarchie in het Verenigd Koninkrijk?

Het is mei 1910. In een van de slaapvertrekken van Buckingham Palace ligt, 69 jaar oud, koning Edward VII op sterven. Bij het raam staat een oudere vrouw, aan het bed zit een wenende vrouw van middelbare leeftijd afscheid van de vorst te nemen. De vrouw bij het raam is koningin Alexandra, die aan het bed is 'La Favorita', Alice Keppel, 's konings maitresse.

Het huwelijk van Edward en Alexandra begint idyllisch. De bruidegom is 22, de bruid 19. Bijna een tienerhuwelijk. Voor de prinses van Wales - de titel van de echtgenote van de troonopvolger - 26 jaar is heeft ze al vijf kinderen gebaard. De kroonprins wordt even later genoemd in een met veel publiciteit omgeven echtscheidingszaak, die van de adellijke Mordaunts. De schade blijft beperkt, maar koningin Victoria besluit haar oudste zoon buiten de staatszaken te houden.

Op het oog een wijs besluit, maar voor Edward is het wel het begin van een leven in ledigheid. Ofwel: eten, drinken, gokken en achter de vrouwen aan. Een keur van maitresses, van de actrice Lilly Langtry tot mevrouw Keppel trekt aan prinses Alexandra voorbij. Ze draagt het met de waardigheid van het Victoriaanse tijdperk: close your eyes and think of England. Ze brengt het zelfs op om Alice Keppel te prijzen voor haar matigende invloed op de kroonprins/koning.

Wie zegt daar dat prins Charles en lady Diana het imago van het Britse vorstenhuis beschadigen met hun huwelijksproblemen? Als Edward en Alexandra het huis van Saxe-Coburg-Gotha - sinds 1917: Windsor - overeind wisten te houden, waarom zouden hun nakomelingen dan het graf graven van de Britse monarchie?

Het blijkt maar weer: iedere crisis, of wat daar voor door moet gaan, is betrekkelijk. Houdt het in dat met een 'Kom Kees, 't zal wel weer overgaan' de huidige problemen aan het hof van Sint James kunnen worden afgedaan?

Nee, want het hof heeft zich misschien niets aangetrokken van de veranderingen in de Britse samenleving, omgekeerd meet die samenleving het hof wel af aan het nu. En dat nu draagt in veel opzichten nog de sporen van de jaren tachtig. De jaren van Margaret Thatcher, de eerste van de dienaren van de kroon, die zich op het standpunt stelde dat zo'n dienaar zeker zoveel nut had voor die samenleving als het staatshoofd. De twee vrouwen, Elizabeth II en Margaret Thatcher, hebben de elf jaar dat ze tot elkaar veroordeeld waren, elkaar niet kunnen luchten of zien. En dus zijn beiden, voor zover dat mogelijk was, hun eigen weg gegaan. Intussen heeft Thatcher wel haar stempel weten te drukken op de Britse samenleving. Onder het motto: alles wat zichzelf financieel niet kan bedruipen of het geld dat er in is gestopt kan terugverdienen mag worden opgedoekt. Dat geldt voor de mijnbouw, het omroepbestel en consequent geredeneerd zou dat ook moeten gelden voor het koningshuis.

Het gesternte waaronder Elizabeth II in 1952 haar regeerperiode begint is gunstig. Het volk is de Windsors zeer goedgezind. Het ouderlijk gezin heeft zich vooral in de oorlogsjaren geliefd gemaakt door het betoonde meeleven met de bewoners van door Duitse bommen getroffen steden. Als Buckingham Palace wordt geraakt door een van die bommen zegt Elizabeths moeder: 'Gelukkig. Kan ik eindelijk de mensen in East End recht in het gezicht kijken.'

Groot-Brittannie rouwt oprecht als George VI overlijdt en leeft hartelijk mee met zijn nieuwe staatshoofd dat op betrekkelijk jonge leeftijd - 26 jaar - en in een tijd van grote veranderingen in het Britse rijk aan haar taak begint. Dat die taak op smalle schouders wordt gelegd illustreert de foto, waarop de zojuist koningin geworden Elizabeth eenzaam de vliegtuigtrap afdaalt, onderaan opgewacht door de 77-jarige premier Winston Churchill en de 68-jarige oppositieleider Clement Attlee. Het contrast tussen de jonge onervaren vrouw in het zwart en de twee bejaarde mannen met hun enorme staat van dienst is opvallend.

Het nieuwe gezin in Buckingham Palace heeft, ondanks zijn verhevenheid, iets huiselijks met zijn twee jonge kinderen Charles (4) en Anne (18 maanden). Dat wordt nog versterkt als Elizabeth nog twee kinderen krijgt, de eerste keer dat dat een Brits staatshoofd gebeurt sinds koningin Victoria. Het leven van de Windsors verloopt rimpelloos.

Alleen Margaret, de zuster van de koningin, staat voor een gewetenskwestie: trouwen met een gescheiden man of daar van af zien. Het huwelijk gaat niet door. 'Indachtig de leer van de kerk dat het christelijke huwelijk onontbindbaar is en doordrongen van mijn plicht tegenover het Gemenebest, heb ik besloten deze overwegingen boven andere te stellen' laat ze weten. Het Britse hart loopt over van medeleven.

Maar ja, de koninklijke kinderen blijven niet eeuwig klein en met name Anne wordt ontdekt door de massakranten. Ze haalt niet alleen haar rijbewijs maar legt ook een voorliefde aan de dag voor heel hard rijden. Van de processen-verbaal wordt gretig melding gemaakt door de tabloids. De prinses vindt al die aandacht buitengewoon hinderlijk. Naff off, scheldt ze naar journalisten en fotografen, 'rot op.' Het duurt niet lang of van Anne is een beeld ontstaan van een hooghartig kreng en haar populariteit bij het grote publiek zakt naar een dieptepunt.

De jaren tachtig worden gouden jaren voor royalisten en royaltywatchers. Twee sprookjeshuwelijken. Die van Charles en Diana vertedert iedereen. Schattig toch zo'n lief, onschuldig ogend, wat verlegen kindvrouwtje. Die moet van de tobberige, wat ouwelijk aandoende kroonprins toch een normaal mens kunnen maken.

Het huwelijk van Andrew stelt de burgerij gerust. Eindelijk wat vastigheid, want de marine-officier begint al aardig te voldoen aan het stereotype beeld van de zeeman: in ieder stadje een ander schatje. En wat voor schatje soms. Men zou er toch niet aan moeten denken dat zo'n soft-pornofilmster als Koo Stark naast de koningin op het balkon zou staan.

Trouwens, de uiteindelijke keuze voor Sarah Ferguson wordt niet door iedereen op prijs gesteld. Sommige onderdanen, vooral het gewone volk vindt het wel mooi zo'n burgermeisje, maar de adel en de hovelingen hadden toch wel een scheutje blauw bloed verwacht.

En ook de pulppers heeft een wisselvallige relatie met de nieuwe hertogin van York. Ze is soms te luidruchtig, soms kleedt ze zich niet goed, soms heeft ze een paar kilo teveel aan het lijf. En dan heet ze al gauw geen Fergie maar meer maar Porky, varkentje. Tja, en ze maakt te vaak onkoninklijke slippers, zoals het spuiten met champagne in een vliegtuig. Weliswaar in de royal class, maar openbaar is openbaar en er zijn mensen die het zien, er schande van spreken en er mee naar de krant hollen.

The Queen wordt door een enkele hoofdredacteur met omhaal van woorden en vleierij toegesproken. We hebben diep respect voor U en de manier waarop U ons regeert, Ma'am, maar u zou toch iets meer op Uw kinderen moeten letten. Ze gedragen zich steeds vaker weinig waardig en ondergraven daarmee de positie van de monarchie. Niet dat we bang zijn voor Uw functioneren, maar wel voor de toekomstige koning en koningin. Dat is zo'n beetje de toon.

Elizabeth luistert kennelijk naar geen raad van beter wetende onderdanen, want de jaren negentig zijn nog maar net aangebroken of alle vuile Windsorwas gaat de straat op. De Phillips, Mark en Anne, die al jaren langs elkaar heen leefden, gaan uit elkaar. De Yorks besluiten tot een scheiding van tafel en bed, na berichten over een meer dan vriendschappelijke relatie van Sarah met een rijke Texaan. En over Charles en Diana verschijnt een boek, dat de sensatie van het jaar mag heten. De teneur: Diana is doodongelukkig in haar huwelijk en zou het liefst zo snel mogelijk een scheiding van tafel en bed willen.

Als klap op de vuurpijl publiceert een van de Britse kranten foto's van Sarah Ferguson met alleen een bikinibroekje aan, in een amoureuze houding met haar financieel adviseur, die op haar teen sabbelt onder het oog van de twee dochtertjes. En er blijkt een bandopname te zijn van een gesprek tussen, wat voor zeker wordt aangenomen, Diana en een van haar vroegere vrienden, waarin de prinses nog weer eens uithuilt over de staat van haar huwelijk.

Het seizoen mag al lang geopend zijn, de jacht op het wild van Windsor is sinds enkele weken pas echt op gang gebracht. De vergelijking met de abdicatiecrisis van 1936 wordt getrokken en de overigens altijd al wat sceptisch tegen het koninklijke aankijkende krant The Independent on Sunday publiceert een fantasie-verhaal over de afschaffing van de monarchie. De discussie gaat nog maar over een vraag: Komt de koninklijke familie deze crisis te boven? Zo ja, hoe?

OGEN DICHT, EN DENK AAN ENGELAND

VERVOLG OP PAGINA ZZ 5 Geheide monarchisten, en daar zijn er nogal wat van in het Verenigd Koninkrijk, weigeren nog steeds te beamen dat er ook maar zoiets is als een crisis. Voor geheide republikeinen, en daar zijn er maar weinig van in Groot-Brittannie, is de de val van het Huis van Windsor met het overlijden van Elizabeth II een feit. Nu zou dat nog wel geruime tijd kunnen duren, want met name de vrouwelijke leden van het koningshuis, is doorgaans een lang leven beschoren geweest. Victoria werd 81 jaar, Alexandra op 81, Elizabeths grootmoeder Mary 88 jaar en koningin-moeder Elizabeth is 92 jaar en nog steeds kerngezond.

Niemand beweert momenteel in ernst dat de monarchie in Groot-Brittannie op haar eind loopt. Wel raken steeds meer mensen ervan overtuigd dat Buckingham Palace snel orde op zaken moet stellen en veelal wordt er dan gewezen naar de wijze waarop in de Scandinavische landen en Nederland de hoven functioneren: zakelijk, open en zonder poespas. Elizabeth II mag als het over haarzelf en de familieleden gaat graag spreken van 'de firma'; wel, dan moet ze ook maar eens zorgen voor een moderne bedrijfsvoering.

Zoals zo vaak is het ook hier een kwestie van geld. Ten eerste zou de grootte van het koninklijk huis moeten worden beperkt. Nu vallen daar niet alleen de kinderen en kleinkinderen onder, maar ook prinses Margaret en haar kinderen, neven en nichten van de koningin en een oude tante. Van de Windsors komen er 23 in aanmerking voor de troonopvolging, van prins Charles als eerste, tot de elfjarige Lady Gabriella Windsor, een achternichtje, als laatste. Een 'huis' met de zittende koningin, de kroonprins en eventueel de koninginmoeder is voldoende, is de heersende mening. Overzichtelijk en beheersbaar.

Daarmee kunnen ook de financien binnen de perken worden gehouden, want ruwweg kosten de koninklijken de Britse schatkist en daarmee de samenleving een dikke honderd miljoen gulden per jaar. Een derde deel daarvan wordt met goedkeuring van het parlement uitgekeerd in de vorm van toelagen. Deze 'civil list' is twee jaar geleden nog met vijftig procent verhoogd, met algemene instemming van Conservatieven en Labour. De koningin krijgt ongeveer 25 miljoen gulden voor haar huishouding, prins Charles bijna zeven miljoen, voornamelijk uit de opbrengsten van pacht en landerijen.

De overige Windsors zouden van de lijst moeten worden geschrapt, met alle voordelen van dien. Nooit meer bejaardenhuizen openen, nooit meer vervelende etentjes van Kamers van koophandel bijwonen. Gewoon de kost verdienen door middel van een baan. Zoals de zoon van prinses Margaret doet: hij is timmerman.

Zeven van de tien Britten vinden dat er ook eens een einde zou moeten komen aan de belastingvrijdom van de koningin. Haar persoonlijke vermogen wordt geraamd op twintig miljard gulden. Over dat geld en andere inkomsten heeft Elizabeth II nog nooit een penny belastingen betaald. Niemand weet hoe die belastingvrijdom tot stand is gekomen, alleen dat er ergens tijdens de regeringsperiode van George VI iets is 'geregeld'. Tijdens de vaststelling van de eerste 'civil list' van de koningin in 1952 deelde de minister van financien simpel mee: 'De koningin betaalt natuurlijk geen belasting'. Punt uit. Geen discussie.

Elizabeth II is daarmee de eerste monarch in lange tijd die dit privilege geniet. Victoria betaalde belasting uit goedgunstigheid en vaderlandsliefde en kreeg daarom geen aanslagbiljet. Haar vier mannelijke opvolgers betaalden doorgaans mokkend maar probeerden er niet onderuit te komen. Weliswaar begonnen de regeringen al onder George V uitzonderingen te maken op de belastingplicht maar Elizabeth is de eerste tax free vorstin.

Als het gewone publiek vraagtekens zal zetten bij de wenselijkheid van de monarchie dan zal het in de eerste plaats vanwege die financiele privileges zijn. Werken voor de kost en niet een beetje uitvreten op kosten van de samenleving. Dat adagium van Thatcher hebben de meeste Britten onderhand wel aanvaard. En dus, schreef een van de Britse krantecolumnisten onlangs, komt het gevaar voor de monarchie niet van links maar van rechts. De uiterste consequentie van het Thatcherisme.

Blijft de vraag waarom de escapades van George IV en Caroline en Edward VII destijds niet tot een crisis leidden, de abdicatie van Edward VIII een beheersbare crisis was en het met de huidige patatgeneratie rondom Buckingham Palace uit de hand dreigt te lopen. Waarschijnlijk is het het tweeslachtige beeld van de monarchie. Honderd jaar geleden was ook niets menselijks de koninklijken vreemd. Ze waren dronken, overspelig, gingen naar het bordeel, maar het publiek had er maar ten dele weet van. Hofkliek, kerk en elite stonden als een beschermende muur tussen koning en onderdanen. Het systematisch verzwijgen van de perikelen van Edward VIII en Wallis Simpson, nog geen zestig jaar geleden, kan nog steeds als illustratie dienen. Heel de wereld sprak erover, behalve GrootBrittannie. Het deksel zou nog veel langer op de doofpot zijn gebleven als de uitspraak van een anglicaanse bisschop niet verkeerd was begrepen. De eerwaarde riep de koning in een toespraak op wat meer het goede voorbeeld te geven. Iedereen meende dat hij doelde op de relatie van Edward met Simpson en dat was voor de krantenwereld het sein om het publiek in te lichten. Later bleek echter dat de bisschop slechts vond dat de koning wat vaker in de kerk moest komen.

Britse prinsen en prinsessen met hun aanhang zijn uiteindelijk dus ook maar gewone mensen; mensen die uitspatten, de wet overtreden, trouwen en scheiden. En de huidige massamedia kunnen en willen dat feilloos aantonen. Elizabeth II zal waarschijnlijk de laatste Britse monarch zijn, die nog, terecht, als de vleesgeworden deugdzaamheid wordt beschouwd en aangeprezen. De opvolgers zullen 'gewone mensen' zijn. En als je moet kiezen tussen een 'gewone koning' en een 'gewone president', waarom zou je je dan al de constitutionele rompslomp op je nek halen die een verandering van de staatsvorm met zich meebrengt? Nee hoor, het blijft zoals de uitdrukking wil: 'Er zullen altijd vijf koningen (of koninginnen) blijven. The king of hearts, the king of spades, the king of clubs, the king of diamonds (de vier heren uit het kaartspel) AND the king of England.'

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden