Of ik de Kenianen snap? Ik begrijp mezelf nauwelijks

- Na 27 jaar praatte ik weer een keer met Hans Burgman, missionaris van Mill Hill. Wij ontmoetten elkaar in Kisumu, een stad in Kenia aan het Victoriameer. Hij is in Afrika neergestreken in 1956 en hoewel Burgman en Nederland erg veranderd zijn, begrijpen we elkaar nog uitstekend. Ik geef u mijn weerslag van zijn woorden.

„Kijk eens op het menu. Daar staat soup of the day. Fraai Engels, vind je niet? Ik logeerde eens in een Frans hotel waar ze tart of the house aanboden. Dus je hebt gehoord dat ik twee nieuwe heupen heb. Maak daar maar drie van, want eentje moest opnieuw gedaan worden. Ik loop nog steeds goed hoor, gisteren zo’n twaalf kilometer.

De Kerk? Nee, ik ben niet verdrietig over wat er gebeurd is in de afgelopen vijftig jaar. Ik ben daar woedend over. Na het Tweede Vaticaans Concilie is er iets verspeeld. Van het aggiornamento is niets terechtgekomen.

Men heeft prachtige kansen laten liggen om de Kerk niet alleen drijvende te houden maar haar op een nieuwe koers te zetten. Helaas gingen de ramen niet open. De neiging binnen de Kerk om van alles buiten boord te houden, dat begint al in de 16de eeuw. Wat zei Voltaire: Jezus zocht een Koninkrijk en hij kreeg de Kerk.

In Kenia bestaat overigens een betrekkelijk bloeiende priesteropleiding, zo’n 150 jonge mannen. Ja, ook ik vind een verplicht celibaat een onding. Maar iemand mag er van mij wel voor kiezen celibatair te leven. Wat moet je met het evangelie in Kenia dat via deze priesters daar mogelijk een weg gaat vinden? Ik geloof dat mensen zonder het evangelie een kans missen, een kans op rechtvaardigheid.

Ik vroeg een aantal seminaristen wat ze nu eigenlijk geleerd hadden op hun opleiding en eentje zei: vriendschap! Kenianen kennen alleen maar bloedverwantschap. Dat er een liefdevolle en veilige wereld mogelijk is, nodig is, buiten de traditionele banden, dat is een ontdekking voor hen, die zij niet zouden doen zonder het evangelie.

Het evangelie is daarbij wel als koffiebonen, het water van je leven moet er doorheen, anders heb je niks. Ik zou dat graag willen doorgeven als iets dat we bij ons moeten houden. We gooien al zo veel weg. Maar ik zie het niet als een moreel kompas. Het is een grondstof. Ik heb dan ook een hekel aan mensen die het evangelie uitleggen. Een ontwikkelingswerker is niet iemand die Europa of het evangelie naar Afrika brengt. Hij is iemand die ontplooiing kan bevorderen. Nee, het is niet alleen éénrichtingsverkeer, want Kenia heeft mij ook erg veranderd. Kijk eens naar de mis zoals die in Kenia gevierd wordt. Een feestelijke chaos, die mij wel ligt trouwens. Wat de meeste bezoekers aan Afrika overkomt, is dat ze de mensen tussen negen en vijf ontmoeten, in de uren waarin jij als Europeaan de expert bent op velerlei gebied. Maar na vijven keren de Afrikanen terug naar Afrika en daar hebben de meeste Europeanen geen benul van. Het is niet zo dat een Kikuyu in Nijkerk iets zou kunnen doen dat een Westerse arts of watertechnicus in Kisumu kan als je het hebt over plaatselijk onvermogen. Maar onderschat dit onderwerp niet, want dit ligt heel erg ingewikkeld, hoor. Wat mij met hoop vervult en waar ik meer ruimte voor tref in Kenia, dat is ontplooiing.

Ik ben daarin een bewonderaar van Aristoteles, die een veel vruchtbaarder wereldbeeld heeft dan Plato. Jij hebt een diepe bewondering voor Plato, maar zijn filosofie is als een banaan. Je moet de schil afpellen om bij de essentie te komen. De mens als een vonk gevangen in klei. Je komt dan vanzelf bij Goed en Kwaad. De vonk is goed, maar de verstikkende klei is kwaad.

De huidige Kerk is puur Platonistisch. Aristoteles daarentegen ziet de wereld als een ui. Er zijn vele lagen en steeds is er weer een nieuwe mogelijkheid. De wereld kan zich altijd verder ontvouwen. Als je die ui Platonisch pelt op zoek naar de kern, dan eindig je met een tafel vol uienschillen. En nog huilend ook. Aristoteles is subtieler, rijker, omdat hij materie niet ziet als een omwalling waar je uit moet zien te breken, maar als een schatkamer. Materie is voor hem niet iets waar je een vorm aan moet opleggen. Nee, je moet er vormen in ontdekken of aan ontlokken. In Afrika voel ik meer ruimte voor dit ontdekken.

Of ik de Kenianen snap? Ik begrijp mezelf nauwelijks. Hoe consistent ben ik zelf? Mens-zijn is acrobatiek, hoor. Pak die volgende rekstok, anders lazer je naar beneden. Een acrobaat kan niet al te kritisch zijn. Het komt erop neer dat ik ook in een reddingsboot zit. Mijn Titanic is gezonken. Maar wat zeuren we? Ik heb net euro’s gepind. Ik kom naar deze afspraak in een auto. We zitten lekker te eten. En files vind ik helemaal niet erg, want ik kan het best met mezelf vinden.

Waar ik wil sterven? Dat maakt me nou echt niks uit. Maar ik word liever in Afrika begraven, want daar gebeurt er nog eens wat na je dood. De doden zijn daar echt tegenwoordig en er spelen kinderen op je graf. En daarna? Dat zie ik als Sinterklaasavond: ik zie wel wat er in het pakje zit. Maar het wordt zeker iets feestelijks.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden