Odessa is geen tweederangs Amerikaanse stad

We werden in de trein voorzien van koffie en thee door deze wagonbegeleider, hier op station Simferopol (Krim), gereed met zijn werk. Beeld George Harinck

Voor een IKON-documentaire en een boek maakt historicus George Harinck een reis om de Middellandse Zee met als reisgids Abraham Kuypers. Hier doet hij verslag van zijn belevenissen.

24 november
In de ochtend filmen we op diverse plekken in Vylkove, in de Oekraïense Donau delta in een waterig zonnetje: bij de kerk, aan het water en in de hoofdstraat. Ik lees in de kou Kuyper-teksten over de oudgelovigen en over Rusland. We lunchen in ons pension, dat Venetië heet, omdat Vylkove het Venetië van Oekraïne wordt genoemd, en daarna reizen we in ruim drie uur naar Odessa - ook door een transitzone aan de zuidpunt van Moldavië. Na het geïsoleerde dorp is het een warm bad door een levendige stad te rijden. Kuyper vond Odessa met zijn rechtlijnige stratenplan lijken op een tweederangs Amerikaanse stad, maar ik zie langs al die straten hoge platanen staan voor negentiende-eeuwse huizen. Ze zijn niet hoog, maar wel oud en ik proef de poëzie. Hier woonde Babel, hier Achmatova: mooie stad met een mooie naam.

25 november
In Odessa is tien procent van de bevolking joods, zo'n 100.000 - zo'n grote groep joden hebben we op reis nog niet ontmoet, buiten Israël dan. Overal kwijnen de joodse gemeenschappen, hier bloeit ze. Ook Kuyper ontmoette op zijn reis nergens zoveel joden als in Odessa: 40 % van de bevolking, zo'n 200.000 joden woonden hier in 1905.

Daarmee was het, na Warschau en New York, de stad met de meeste joodse inwoners. Dat was meteen het joodse probleem, waaraan Kuyper een groot hoofdstuk wijdt. Hij omschrijft dit probleem als de vraag hoe samenlevingen om moeten gaan met grote minderheden in hun midden die zich, zoals met name de joden, door hun sterke identiteit afzonderlijk gedragen. Dit is dus niet het probleem van de joden - elk volk dat een sterke identiteit heeft zou zich evenzo gedragen - maar van die samenlevingen.

In het westen van Europa waren de groepen joden in Kuypers tijd veel kleiner en leefden ze veel minder sterk geconcentreerd dan in Oost Europa, met name in het zuidwesten van Rusland en in landen als Roemenië. Dit probleem werd urgenter door het opkomende nationalisme - volken beseften hun eigenheid sterker, ook het joodse volk - en het opkomende antisemitisme. Die twee hingen met elkaar samen, maar het antisemitisme werd bovendien gevoed door de afkeer van religie - de geest van de Franse revolutie, om met Kuyper te spreken.

Veel joden assimileerden, maar Kuyper was er van overtuigd dat het joodse volk niet zou verdwijnen: daarvoor was het nationale gevoel te sterk, juist omdat het in de religie geworteld was. Het joodse probleem was dus volgens hem een permanent probleem. Volgens een deel van de joden ook. Samenlevingen zochten een oplossing, maar vonden die niet - Kuyper suggereerde migratie van de joden naar het oosten van Rusland, waar nog veel plek was. Deze suggestie stuitte en stuit op kritiek, die echter feitelijk niet zoveel verschilt van de oplossing die joden zelf aandroegen: een eigen land, in Oeganda, in de VS misschien? En natuurlijk in Palestina.

Kuyper staat sympathiek tegenover het zionisme, maar vraagt zich wel af of joden en masse naar Palestina zullen trekken en of het land die toevloed aan zou kunnen. Ondertussen veroordeelt hij antisemitisme, religieus of racistische gemotiveerd, maar heeft hij ook kritiek op de houding van de joden, die zich vaak superieur gedragen (uitverkoren volk) en te weinig beseffen dat hun handigheid in de handel en met geld kwaad bloed zet en dat ze daarom juist op dat punt een hogere moraal zouden moeten tentoonspreiden dan alleen hun slimheid - dit geldt volgens Kuyper trouwens ook voor christenen en ieder die zich materieel weet te bevoordelen ten opzichte van zijn omgeving. Vooral de rabbi's zouden hier hun verantwoordelijkheid moeten nemen.

Er is veel voor de huidige lezer dat aanstoot geeft in Kuypers hoofdstuk over het joodser probleem, maar dat heeft vooral te maken met de holocaust - wij weten hoe het afliep met grote en kleine joodse minderheden in Europa. Kuyper wist dat niet en schrijft vanuit zijn sympathie voor het joodse volk een hoofdstuk waarvan destijds ook joden vonden dat het aanvaardbaar was - al waren er ook joden die met name de suggestie van een deportatie van zuidwest naar Oost Rusland als antisemitisch veroordeelden.

We maken de pogrom van 1905 in Odessa - waarvan Kuyper het begin meemaakte - tot ons thema in deze stad en trekken met gids en historica Anastasia de stad door, naar het monument voor de pogrom, naar een straat met joodse winkel, waar het pogrom uitbrak en naar de synagoge, om te eindigen in hotel London met uitzicht op de haven, waar Kuyper verbleef. Op het monument stonden Russische teksten, maar die zijn verwijderd omdat men niet wil lezen van de schuld die Odessa in 1905 op zich laadde: het antisemitisme is alive and kicking.
's Avonds nemen we de nachttrein die ons over de spannendste grens van Europa (Oekraïne/Rusland) naar Simferopol op de Krim voert.

26 november
Het landschap waar de trein door heen trekt is eentonig - een fysisch-geografische reden om de Krim te annexeren had Moskou dus in elk geval. Rivieren zijn bevroren en de lucht is grijs. De trein dendert niet, maar rolt in een vaartje van zo'n 80 km en dat geeft een ontspannen gevoel. Op papier is de reis lang, maar we zijn ineens in Simferopol.

27 november
We rijden in lichte sneeuw naar Sebastopol. Kuyper bezocht er het geschilderde panorama van de slag om Sebastopol in de Krimoorlog in 1855. Het schilderstuk is in een apart gebouw dat in mei 1905 geopend is, een half jaar voor Kuyper kwam. Het lijkt op panorama Mesdag, is groter, maar net zo indrukwekkend.

We zijn alleen als we filmen en de staf is behulpzaam en zeer te spreken over Kuypers boek: de buitenkant en de bladzijde over het panorama worden grif gefotografeerd. Een gastenboek uit 1905 is er helaas niet. De Krim ligt op de grens van invloedssferen of culturele entiteiten: oost-west, Russisch-Ottomaans, Russisch-Engels/Frans, Sovjets-Westen, christendom-islam. In de Krimoorlog ging het om het afbakenen van die sferen, op de conferentie van Jalta 1945 in het Livadia paleis ging het daar om en ook vandaag weer.

In Kuypers dagen ging het om het instorten van het Ottomaanse rijk, de zieke man van Europa. Het was zaak deze ineenstorting zonder kleerscheuren te laten verlopen en de resten naar tevredenheid te verdelen onder de grootste belanghebbenden: Rusland, Oostenrijk-Hongarije, Frankrijk en Engeland. Duitsland speelde soms de rol van scheidsrechter in wat Kuyper omschreef als de 'definitieve bereddering van des Sultans boedel'.

In deze geopolitiek speelde naast macht en invloed nog een element mee: religie. Het Ottomaanse rijk was islamitisch, maar liet de volken die het regeerde tamelijk vrij in hun cultuur en godsdienst. Het ging de Ottomanen alleen om onderwerping en om de belastingen. Maar de groeiende belangstelling van westerse machten voor het door Ottomanen beheerste gebied zorgde voor spanning.

Naast imperialistische overwegingen speelde ook de opeising van Palestina als christelijk erfgoed mee. Daar doorheen vlocht zich dan nog de draad van het opkomende zionisme, onderdeel van het oplevende nationalisme. Deze opleving kreeg ook vat op christelijke volken onder Ottomaans beheer als de Armeniers, terwijl omgekeerd de moslims onder de uitbreidende Russische invloedssfeer zich niet veilig voelden. Zij trokken al dan niet gedwongen naar Turks gebied, terwijl de Ameniers leden onder Ottomaanse onderdrukking en de joden overal een bedreigde minderheid vormden, vooral in het zuidwesten van de Russische wereld. Deze onderdrukking en verplaatsingen ten gevolge van de uitbreidende christelijke invloedssfeer in de Zwarte Zee, de levant en Arabie leidde in de islamitische wereld tot een herleving van de islam, het panislamisme. Deze opleving was niet politiek-militair, maar boezemde toch het westen ontzag in, al was het maar omdat de islam vreemd was en daar vaak als fanatiek werd getypeerd.

We zien het voormalige gebouw van hotel Kist, van waaruit de alerte journalist Kuyper zijn tochten ondernam door duister en revolutionair Sebastopol, dat in de dagen dat hij er verbleef van post-, spoor- en telegraafverbindingen verstoken was en waar toen doden vielen. Hij moest er wel blijven, omdat de wekelijkse boot naar Constantinopel juist vertrokken was op de zondag dat hij er aan kwam.

's Middags bezoeken we de Griekse opgraving te Chersonesus, net buiten Sebastopol en de Russisch-Orthodoxe kerk aldaar. Kuyper bezocht deze plek, ik vermoed een beetje uit verveling. Haast niemand sprak iets anders dan Russisch (dat is nog zo), zodat de communicatie beperkt moest blijven en bovendien was er in Sebastopol weinig te doen, hij vond het een stad van niks. Kuyper had naar het Livadia paleis in Jalta gewild, maar de woelingen verhinderden dat, en dan moet je wat. De opgraving was in zoverre interessant, dat ze aan de eens hier Griekse cultuur herinnerde. Nu zag Kuyper alleen maar toekomst voor de Krim als het Russisch werd. Die cultuur had het vermogen om andere volken in zich op te nemen, zoals ook de Amerikaanse dat kan. Dat verklaart voor Kuyper waarom de Russische cultuur van Engheni tot Wladiwostok kon heersen.

Aan de randen was die cultuur natuurlijk minder gemakkelijk te vestigen, omdat daar andere invloeden om de gunst dingen. Dit is in het kort het huidige probleem van Oekraïne. Maar op de Krim verwachtte Kuyper het meest van russificatie, een gedachte die Putin en velen in Rusland - en op de Krim de helft van de bevolking - delen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden