Obsessie voor de vrouw

(Trouw) Beeld
(Trouw)

Het Van Gogh Museum toont het werk van Alfred Stevens, tijdgenoot van Van Gogh. Maar de mijmerende vrouwen die hun ziel niet bloot geven, konden Vincent van Gogh destijds nauwelijks inspireren.

Afgezien van een enkel strand- en zeegezicht bevolken vrouwen vrijwel elk olieverfdoek van de negentiende eeuwse schilder Alfred Stevens (1823-1906). In het Van Gogh Museum in Amsterdam hangen ze verdeeld over twee niveaus in lange rijen, ruim honderd keer in een herkenbare en dus realistische stijl met voorkeur voor de perfecte weergave van stof en huid. De vrouwen zijn bovendien keurig gegroepeerd per thema, omdat de meester niet zo zeer door de psyche van zijn onderwerp was geraakt als wel dat hij ze graag in categorieën onderbracht.

Stevens moet geobsedeerd zijn geweest door ’de vrouw’ maar hij sprak zich niet uit over persoonlijke voorkeuren. De verschillende types vrouw die hij heeft verbeeld, blijven steken in een onpersoonlijke en vooral oppervlakkige karakterschets: de ontegenzeglijk fraaie kledij waarin ze zich hullen, verwijst uitsluitend naar het feit dat ze met een goede partij zijn gehuwd. Leegheid is dan ook troef bij het overzien van zijn oeuvre dat voor het eerst zo uitgebreid in een groot museum te zien is.

Het Van Gogh Museum koos voor deze tentoonstelling, die eerder in Brussel te zien was, omdat het graag de tijd waarin en de omstandigheden waaronder Vincent van Gogh leefde en werkte, in beeld brengt. Om die reden werd eerder ook gekozen voor schilders als Alma-Tadema, Millais en Rossetti. Ook zij kozen graag vrouwen als hoofdmotief voor hun heel wat spannender portretten.

Stevens leefde in dezelfde tijd als Van Gogh, hij was alleen een stuk ouder (geboren in 1823, Van Gogh in 1857) en stierf ook veel later (Van Gogh in 1890). Maar daarmee houdt de vergelijking op. Stevens was toen Van Gogh werd geboren al een gevestigde schilder die een reputatie had in bourgeois-kringen genoot. De eerste roem scoorde Stevens in 1855 op de Wereldtentoonstelling in Parijs, een periode waarin hij het politiek-maatschappelijke aspect van de schilderkunst niet schuwde.

Het succes in Parijs betekende ook een omslag in zijn werk, Stevens liet zijn sociale betrokkenheid varen, interesseerde zich voortaan alleen voor het thema ’de moderne vrouw’, zoals dat destijds heette. In zijn ogen was de vrouw niet minder dan een kostbaar object dat ook een objectmatige waardering moest krijgen. Die houding zou in de 20ste eeuw niet worden geapprecieerd, maar in de tijd van het Tweede Keizerrijk waarvan Stevens wel eens de belichaming van wordt genoemd, waren zijn opvattingen niet ouderwets.

Stevens liet zich tegelijk door zijn omgeving voeden. De salon van zijn weelderig ingerichte huis werd een ontmoetingsplek voor de beau-monde, voor mensen als de actrice Sarah Bernhardt en de schrijver Baudelaire, componisten (hij raakte bevriend met Offenbach) en schilders als Dupré, Troyon en Daubigny die later als voorgangers van het impressionisme werden beschouwd. Getuige schilderijen die zijn invloed aantonen, moet Stevens met dankbaarheid hebben teruggekeken op zijn contacten met een schilder als Manet, wiens ruwe verfstreken hij enkele keren behoorlijk heeft gekopieerd.

Misschien dat Van Gogh wel eens die salon heeft bezocht, maar hij zal toch nauwelijks onder de indruk van Stevens’ schilderskwaliteiten zijn gekomen. Toch putten beide schilders uit dezelfde bron, namelijk het realisme zoals Courbet dat voorstond. Maar Van Gogh had een broertje dood aan het stijve en vormelijke milieu waarin Stevens zijn onderwerpen vond. Bij Van Gogh ging het veel meer om de landman die hij met even veel compassie bezag als zijn grote voorbeeld Anton Mauve.

Stevens is de vrouw als allesoverheersend thema in zijn werk vanaf 1855 tot zijn dood trouw gebleven. Hij situeerde zonder uitzondering de mondaine en altijd in luxueuze kledij gestoken vrouwen in al even weelderige interieurs. Ze hangen mijmerend op de bank of in een stoel, bekijken zichzelf in een spiegel of zijn in gedachten verzonken na het lezen van een epistel.

De kijker wordt niet in staat gesteld om een relatie met de afgebeelde personages aan te gaan. Ze zijn niet in hun blik te vangen, en echt opwindend zijn ze niet. Stevens heeft enkele keren een poging gedaan om tot dé uitbeelding van de femme fatale te komen, maar je ziet duidelijk dat het hem niet goed afging.

Vrouwen in een exotische sfeer – het was de tijd van de opkomst van de japonaiserieën die ook Van Gogh niet vreemd waren – en vrouwen in het atelier, vrouwen als liefhebbende echtgenotes en vrouwen als zorgzame moeders, dat waren onderwerpen die hem veel beter lagen.

Let wel: het was de eeuw waarin de man op het eerste plan stond en de vrouw hooguit een dienende en aanvullende rol speelde. Stevens schilderde zijn vrouwen zodanig dat ze een rolbevestigend karakter mee kregen. Hij vermeed het zorgvuldig om tot een zedenschets te komen. Zelfs vrouwen als prostituees, actrices en schildersmodellen degradeerde hij tot anoniem object.

Een sprekend voorbeeld is het portret van een onbekende baadster die zo juist te water is gegaan, gehuld in een onderhemdje dat een glimp van haar boezem geeft. Laat er geen misverstand over bestaan, zo moet Stevens hebben geoordeeld, hier is geen sprake van een gevallen vrouw. Hij voorziet de jongedame in kwestie als teken van haar maagdelijkheid van een dubbele witte roos die pal onder de tot zwaan gevormde kraan wordt gehouden.

De weergave van de blote huid van de vrouw blijft zeer beperkt, er rustte vanuit de academie een groot taboe op. Schilders die dat wilden omzeilen, kozen historische en mythologische voorstellingen of situeerden hun vrouwen in sprookjes van-duizend-en-een-nacht. Voor Stevens waren dergelijke sprookjes, in de trant van Ali Baba op de slavenmarkt met vers aangevoerde blanke vrouwen, geen alternatief. Daarvoor was hij te zeer verbonden met het in- en in keurige Brussel van zijn tijd.

(Trouw) Beeld
(Trouw)
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden