Obama en de teloorgang van de zwijgende meerderheid

Obama verlaat donderdag een kantoor in Chicago. (AFP)

Decennialang richtten de Republikeinen zich op de ’zwijgende meerderheid’. Met groot succes. Intussen verzuimden ze om een coherente politieke identiteit uit te werken. Met als resultaat dat ze nu de jongste generaties zijn kwijtgeraakt.

De context en de timing van de Amerikaanse presidentsverkiezingen maken het moeilijk om tot stevige conclusies te komen over de betekenis ervan, en over de gevolgen op de lange termijn. Het was van meet af aan duidelijk dat de mislukking van Bush’ presidentschap de uitkomst van deze strijd zou bepalen. De geringe waardering die een substantieel deel van het electoraat vandaag de dag heeft voor Bush, zorgde ervoor dat zowel McCain als Obama een debat over diens presidentschap zinloos vond.

Bovendien viel de laatste fase van de verkiezingen samen met het ineenstorten van de financiële markten, waardoor het publiek nog verder van de Republikeinen vervreemd raakte. Onder zulke omstandigheden was het voor hen al bijna onmogelijk om te winnen. De laatste jaren lijken de uitdagers het trouwens niet zozeer van de zittende partij ’te winnen’, maar is het de zittende partij die tot verliezer moet worden bestempeld. Wat deze verkiezing interessant maakt, is niet alleen dat de zittende partij overduidelijk verloor, maar dat Obama onmiskenbaar op eigen kracht won.

De verkiezing van Barack Obama laat de erosie zien van de strategie waarmee de Republikeinse Partij zich richtte op de zwijgende meerderheid, en maakt tegelijkertijd een einde aan een belangrijk hoofdstuk in Amerika’s culturele strijd. Het was de vroegere president Richard Nixon die de term silent majority introduceerde. In november 1969 hield hij een toespraak waarin hij dit begrip verbond aan mensen die respect hebben voor de Amerikaanse instituties, die niet meededen aan anti-Vietnamdemonstraties en die walgden van de tegencultuur van de jaren zestig.

Het begrip ’zwijgende meerderheid’ had een duidelijk populistische connotatie. Dit waren de mensen over wie de culturele elite schamperde en wier gevoelens en belangen door Hollywood en de media genegeerd werden. De term bevatte connotaties die raakten aan de raciale angsten van de blanke, voornamelijk uit de voorsteden afkomstige lagere middenklasse. Het begrip onderstreepte dat het in orde was om onzeker te worden van de burgerrechtenrevolutie en om tegen de ’onredelijke’ eisen te zijn van zwarte Amerikanen die een beter leven wilden.

Het cultiveren van de zwijgende meerderheid bleek de afgelopen veertig jaar een zeer succesvolle strategie om de basis van de Republikeinse partij te consolideren. Hoe effectief die was bleek wel in de jaren tachtig, toen zelfs Democraten uit de arbeidersklasse zich hiertoe aangetrokken voelden.

Toch kenmerkte het beroep op de zwijgende meerderheid zich altijd door een defensieve houding. Het richtte zich op mensen die zich zorgen maakten over de gevolgen van veranderingen voor hun leven en die de neiging hadden om verandering gelijk te stellen aan iets negatiefs, iets vijandigs. In een wereld van snelle en permanente verandering geeft een dergelijke visie maar heel weinig houvast aan mensen die dagelijks met allerlei praktische problemen te maken hebben.

Tot voor kort maakte het niet zoveel uit dat de voor deze achterban zo aantrekkelijke ideeën nogal onsamenhangend en oppervlakkig waren.

Maar juist het stille en vanzelfsprekende karakter van de meningen en gevoelens van deze achterban zorgde ervoor dat de zwijgende meerderheid geen werkelijke politieke, intellectuele en culturele invloed en samenhang verwierf. Van buitenaf werd de zwijgende meerderheid door vriend en vijand gezien als een stabiel blok met vaststaande ideeën. Maar het feit dat het hier om onuitgesproken sentimenten ging, in het bijzonder waar het het thema ras betrof, maakte dat ze de macht ontbeerde om de Amerikaanse samenleving werkelijk te beïnvloeden. De zwijgende meerderheid raakte integendeel – en er was bijna geen commentator die dit zag – zélf beïnvloed door de opvattingen die het onderwijs, de media en andere dominante culturele instituties uitdroegen.

Het feit dat de zwijgende meerderheid haar passies niet openlijk kon uiten, gaf ook een gevoel van verwarring, wantrouwen en zelfs van schuld. Daardoor zwakten zelfs de raciale angsten af. En al werden mensen nog steeds gedreven door hun individuele vooroordelen, de publieke en politieke betekenis van het thema ras nam geleidelijk af. Het werd veel minder belangrijk dan de meeste analisten en commentatoren dachten.

De overwinning van Obama is daar een bevestiging van. Hij heeft geen meerderheid behaald onder de blanke kiezers. Maar zijn aanhang onder blanke Amerikanen is gelijk aan het aantal stemmen dat de voorgaande drie presidentskandidaten vergaarden, en laat ten opzichte van de Democratische presidentskandidaat van 2004, John Kerry, een lichte verbetering zien. De exit polls laten zien dat Obama veertig procent van de stemmen van de blanke mannen kreeg, en een grote meerderheid verwierf onder de jongere generatie blanke Amerikanen. Opmerkelijker nog is dat hij het heel goed deed bij diegenen die voorheen tot de zwijgende meerderheid werden gerekend. Hij slaagde erin veel steun te krijgen van blanke arbeiders en ook in veel belangrijke blanke voorsteden. Hij won in een gebied als Cambria County in Pennsylvania, een regio die gedomineerd wordt door de blanke arbeidersklasse. En hij slaagde er zelfs in om te winnen in Virginia.

De politisering van culturele verschillen werkt niet meer. Die strategie is ontploft in het gezicht van degenen die de zwijgende meerderheid stem gaven. Waar vroeger kritiek op de linkse media en op de culturele elite op veel steun kon rekenen, schoot ze nu tekort. Ze heeft de Republikeinen geen enkel politiek momentum kunnen bezorgen.

De linkse elite is daarentegen het afgelopen decennium in de aanval gegaan en ze heeft die strijd met verve gevoerd. Succesvol heeft ze de regering-Bush – een al te makkelijk doelwit – in diskrediet gebracht. Ook heeft ze effectief campagne gevoerd tegen Sarah Palin en is het haar gelukt om Palins invloed op het electoraat in te dammen.

De onuitgesproken ideeën van de zwijgende meerderheid konden niet op tegen de krachtige culturele waarden die de anderen uitdroegen. Decennialang deden de Republikeinen weinig meer dan de strategie van de zwijgende meerderheid cultiveren; ze deden geen moeite om zélf een coherente politieke identiteit uit te werken die het publiek zou kunnen inspireren. Het resultaat was dat ze de jongste generaties zijn kwijtgeraakt. Hun steun onder Hispanics – het snelst groeiende electoraat – is ingezakt. De Republikeinen verloren de steun van de traditioneel rode staten in het Zuiden, de Midwest en de Rocky Mountains. Obama heeft een groter mandaat dan enige Democratische president sinds Lyndon Johnson in 1964.

De verkiezingen laten ook zien dat Amerika geen land is voor Oude Mannen. De enige groep waar Obama géén voet aan de grond kreeg waren de senioren. Dit is het electoraat dat zich het meest geïntimideerd voelt door veranderingen en dat het minst bereid is afstand te doen van de stille waarden van de zwijgende meerderheid. Hun opstandige houding tegenover de tijdgeest kun je zien als een in memoriam voor de zwijgende meerderheid.

De desintegratie van het populisme is op zichzelf een positieve ontwikkeling. Het publieke debat kan daardoor een opener en bedachtzamer karakter krijgen.

De enige schaduwzijde van deze ontwikkeling is dat die deels in gang werd gezet door het benepen antipopulisme van de Amerikaanse culturele elite. Haar succesvolle demonisering van het kleinsteedse Amerika en zijn achterlijke rednecks is te danken aan vooroordelen die de vooroordelen van de gedemoniseerden weerspiegelen. Hopelijk bieden de recente ontwikkelingen nieuwe kansen om belangrijke thema’s te bespreken, in plaats van ze te verstoppen achter culturele karikaturen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden