O.J.: een Amerikaans product

TV-serie | De gevallen sportheld O.J. Simpson blijft zelf ongrijpbaar in de documentaireserie 'O.J: Made in America'. True crime op z'n best.

Voor wie O.J. Simpson niet meer helemaal paraat heeft: de man zorgde voor hét tv-moment van de jaren negentig. Op 17 juni 1994, in een tijd dat we Amerikaanse politieachtervolgingen alleen nog kenden van 'Hill Street Blues' of 'Thelma and Louise', bood de jacht op O.J. Simpson reality tv in optima forma. Op CNN konden televisiekijkers urenlang live mee genieten hoe de Los Angeles Police Department (LAPD) op de snelweg onder LA op een witte Ford Bronco jaagde met daarin de voormalige American football- en B-filmster O. J. (Orenthal James) Simpson, verdacht van de moord op zijn ex-vrouw Nicole Brown Simpson en een vriend van haar, Ron Goldman. Het tweetal was op 12 juni dood gevonden op het bordes buiten haar huis in Brentwood, een dure wijk in LA, bruut afgeslacht. De kinderen van O.J. en Nicole lagen boven in huis te slapen.


Bloedsporen, een gebrek aan een alibi en eerdere incidenten van huiselijk geweld, maakten van ex-echtgenoot O.J. de hoofdverdachte. Meer nog toen hij op het moment dat agenten hem kwamen halen verward het hazenpad koos, met medeneming van een pistool en achterlating van een zelfmoordbrief. Een heilloze vlucht want de camera's van alle Amerikaanse tv-stations zaten hem rap op de hielen, net als een colonne politieauto's en massa's joelende fans. O.J. gaf zich diezelfde avond alsnog over waarna 'de rechtszaak van de eeuw' volgde (maandenlang live op tv - ook hier) plus de uiteindelijke, onwaarschijnlijke vrijspraak die de natie verdeelde. 72 procent van de zwarte Amerikanen was overtuigd van zijn onschuld, zo vertelt de zeven en half uur durende documentairereeks 'O.J.: Made in America' die de VPRO volgende week uitzendt. 77 procent van de witte Amerikanen wist zeker dat hij het wel gedaan had.


De meer dan twintig jaar oude rechtszaak heeft al de nodige tv-films opgeleverd maar stond dit jaar opnieuw in de belangstelling, niet voor niks kort na de opkomst van BlackLivesMatter. In mei was er de geprezen tiendelige dramaserie 'The People v. O.J.' (volgende week genomineerd voor verschillende Golden Globes) maar dieper nog graaft deze fascinerende documentaire-serie van voormalig sportfilmer Ezra Edelman.


Rassenwaan


Een serie die de vraag of O.J. het gedaan heeft niet meer stelt, en die het waarom ook min of meer in het midden laat, maar die via archiefmateriaal en interviews met talloze betrokkenen een onthutsend portret tekent, niet alleen van de gevallen sportheld, maar vooral ook van de samenleving die hem 'maakte'. Het van beroemdheidgekte en rassenwaan doortrokken, diep verdeelde Amerika: waar de politie onschuldige arme zwarten zonder pardon in elkaar trapt of neerschiet, maar de rijke, zwarte sportheld in bescherming neemt. En waar een goed betaald dream team van topadvocaten immorele middelen niet schuwt in het streven naar vrijspraak.


Anders dan andere recente true crime-successen ('Making a Murderer', 'The Jinx') doet filmmaker Edelman geen poging om nieuwe twijfel te zaaien aan schuld of onschuld. Het gaat hem om geschiedschrijving, om het leggen van verbanden tussen deze ene misdaad en de historische context van tijd en plaats.


Beklemmend ongrijpbaar blijft in dat grotere geheel de figuur van O.J. Simpson zelf die we in de eerste beelden even zien waar hij nu is (grijs, dik en in de gevangenis) maar in de film verder alleen indirect in archiefbeelden aan het woord komt. Hij neemt in de verhalen van vrienden, familieleden, collega's, aanklagers, advocaten en agenten in zijn opportunisme en drang naar roem en succes literaire proporties aan: een 'American Psycho', een zwarte 'Zelig'. Eerst is hij de razendsnelle nr. 32, topscorer van de Buffalo Bills, dan de niet zo getalenteerde Hollywood-acteur in films als 'Capricorn One' en 'Naked Gun 33 1/3', dan de welvarende zakenman die bijklust in Hertz-commercials, de geslaagde echtgenoot van de jongere blonde schoonheid Nicole Brown.


Edelman plaatst het levensverhaal en de sport- en filmcarrière van Simpson steeds tegen de achtergrond van de rassenstrijd in Amerika, een strijd die hevig is op het moment dat O.J. zijn eerste football-successen viert maar waar hij zich, anders dan een sportheld als Cassius Clay, de latere Mohammed Ali, verre van houdt. Als hij door civil rights-activisten benaderd wordt om hun antiracistische acties op de Olympische Spelen van 1972 te ondersteunen, weigert hij met een smoes. Simpson droomt van de roem, eenmaal gefortuneerd als football-speler integreert hij - charismatisch, smooth talker - in het welvarende witte Brentwood in L.A. 'waar nooit iemand vermoord wordt' (zoals aanklaagster Marcia Clark later zal verzuchten).


Als hij op een feest een keer aanzit aan een tafel met alleen zwarte sporters en een vrouw zich hardop afvraagt wat O.J. toch moet bij al die negro's, reageert hij niet geschokt maar opgetogen. Het is dé bevestiging dat hij gearriveerd is: 'I'm not black, I'm O.J.'.


De ironie wil echter dat hij in 1994, verdacht van dubbele moord, in de beklaagdenbank belandt, kort na de Rodney King-rellen in LA, en dat zijn duur betaalde dream team van topadvocaten, onder wie de gevierde zwarte advocaat Johnny Cochran, dan niet schroomt om de race card te trekken. Zo wordt O.J., als verdachte van een misdaad, alsnog wél zwart 'gemaakt'.


Zijn advocaten ondermijnen de getuigenis van een racistische rechercheur. In O.J.'s huis worden voor het rituele jurybezoek aan het begin van de rechtszaak de vele foto's van hem, waarop O.J. omringd is door witte mede-beroemdheden, aangevuld met foto's waarop hij wel met zwarte verwanten staat. En de strategie werkt. Aanklaagster Marcia Clark vergist zich als ze er te makkelijk vanuit gaat dat de jury met een meerderheid aan zwarte vrouwen zich wel zal afkeren van deze onverbeterlijke wife beater. Ras is belangrijker dan onderlinge vrouwelijke solidariteit.


Ook wie denkt dat hij alles al wist over O.J.'s zaak houdt Edelman zo zeven en half uur aan het scherm gekluisterd. En dan is het verhaal nog niet helemaal verteld. Van alle paradoxen en tegenstellingen die deze rijke documentaire blootlegt is misschien wel de schrijnendste dat ook anno 1995 politieke winst al zwaarder woog dan de waarheid, zelfs in de rechtszaal. Dat ook daar de emotie het wint van de rede. Een geïnterviewd jurylid geeft het nu ronduit toe: het was 'payback time'. Tijd voor wraak na de onbestrafte politiemishandeling van Rodney King, de slechts met taakstraf bestrafte moord op de zwarte tiener Latasha Harlins, het gewelddadige regime ('hammer, hammer, hammer') van LAPD-chef Darryl Gates.


En het mooiste is dat je verbijsterd kennisneemt van de gerechtelijke dwaling, maar dat Edelman het je ook moeilijk maakt om die te veroordelen.


Zondag 1 t/m woensdag 4 januari, elke dag om 22.45 uur, Vpro, NPO 2.


Edelman plaatst het verhaal van O.J. steeds tegen de achtergrond van de rassenstrijd in Amerika

True Crime populair

True Crime is hot op de televisie. Wat is er spannender dan de dramatische ontrafeling van een echt gebeurde misdaad? Zeker als die ontrafeling op tv ook nog haar invloed uitoefent op de zaak van al dan niet veroordeelde misdadigers in het echt. Documentairemakers treden op als 'advocaten' die door jury's of rechters eerder gedane gerechtelijke uitspraken ondermijnen. Veel rumoer creëerde vorig jaar bijvoorbeeld de Netflix-serie 'Making a Murderer' waarin documentairemakers Laura Ricciardi en Moira Demos aan de hand van opnames van te sturende politieverhoren en achtergrondinformatie over mogelijke vooringenomenheid van rechercheurs, de veroordeling van Steven Avery en zijn neef Brandon voor de moord op fotografe Teresa Halbach, in twijfel trokken. Was er niet gesjoemeld met bewijsmateriaal? Leed de politie aan tunnelvisie? Werden er oude rekeningen vereffend? Gesteund door de film ging Steven Avery in hoger beroep. Zijn neef Brandon Dassey krijgt een 'retrial'.


Ook de documentaire-serie 'The Jinx' van Andrew Jarecki oefende invloed uit op de rechtspraak in het echt. De vrijwillig meewerkende miljonairszoon Robert Durst, verdacht van drie onopgeloste moorden, bekende voor een verborgen camera zijn daad, en werd alsnog opgepakt, nog voor de laatste aflevering van de reeks werd uitgezonden.


Reuze spannende televisie natuurlijk.


Vraag is alleen wel of documentairemakers, die geacht worden de werkelijkheid te analyseren, ethisch verantwoord handelen als zij gelijk advocaten belastende feiten bagatelliseren, en verdachtmakingen richting de tegenpartij opkloppen, zoals de makers van 'Making a Murderer' deden. Iets wat achteraf pas duidelijk werd toen geïnterviewden protesteerden over de eenzijdige presentatie van Steven Avery's zaak.


Aan zulke eenzijdige bewijsvoering doet 'O.J.: Made in America' niet. Juist niet, gezien de betwistte vrijspraak van O.J.. Simpson zit inmiddels sinds 2007 in de gevangenis voor iets anders, en daar zal deze film niets aan veranderen.


Edelmans reconstructie van de zaak-O.J. Simpson biedt misschien weinig hoop wat betreft de vooringenomenheid van jury's en publiek (zwart én wit) maar wel meer hoop wat betreft de kracht van een goede documentaire: een die de werkelijkheid in al haar complexiteit recht doet en aan het denken zet.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden