Nuchtere liedjes

Arthur Umbgrove is een van de spaarzame Nederlandstalige singer-songwriters. Op zijn cd ’Vlak voordat’ ontleedt hij de tijdgeest.

Rinske Wels

Op zijn nieuwe cd – zijn vierde sinds ’Twee straten verder’, dat in 1998 verscheen – laat zanger en (liedjes)schrijver Arthur Umbgrove duidelijk zijn mening horen over de huidige tijd. ’Vlak voordat’ gaat over zijn angsten en twijfels en de eeuwige zoektocht naar geluk.

Umbgrove (42): „De plaat gaat over nu, geeft een tijdsbeeld. Het vlak-voordat-gevoel, die dreiging spreekt eruit. Mijn angsten lijken door mijn werk groter dan ze in werkelijkheid zijn, want ik schrijf juist over dingen die niet in de haak zijn. Alles wat wringt, de zaken die net niet lekker lopen. Over iets wat goed gaat, kan ik niks interessants schrijven. In een liedje als ’Alles voor haar’ zit de twijfel in de ondertoon: het gaat een keer voorbij, ze zal weggaan. Er staat ook een nummer op , ’Al Qaida’, maar dat is een parodie. Ik kwam op het idee na de aanslagen in Madrid. Ik betrapte mezelf erop dat ik liever de trein niet meer in ging. En als er dan toevallig een man met een jurk zat, ging ik een coupé verderop zitten. Rationeel weet je dat het onzin is, maar toch.”

Umbgrove windt zich in het lied ’Wij zeggen het niet’ op over mensen die zo nodig moeten trouwen. Alsof ze zo het geluk kunnen afdwingen. „Je belooft dingen die je niet kunt beloven. Daarom pleit ik ervoor om laag te blijven, blij te zijn als het lukt om het een tijd met elkaar vol te houden zonder dat het al te problematisch wordt. Ik zing: ’Laat ons maar niets beloven/Laat ons maar eigenwijs/Anders wordt elke ruzie/een val uit het paradijs’. Ik denk dat het hele geluksgevoel sterk overdreven wordt. Het wordt ten onrechte opgehemeld. Daardoor hebben we zulke hysterische verwachtingen. Terwijl: het leven is gewoon ploeteren, klaar.”

Umbgrove behoort tot een kleine groep Nederlandstalige singer/songwriters. Op ’Vlak voordat’ koos hij – samen met zijn onafscheidelijke muzikale kompaan Alberto Klein Goldewijk – bewust voor een kleine bezetting van instrumenten: zang, gitaar, toetsen, bas en drums/percussie. Hij wil daarmee meer aandacht vragen voor het lied, met name voor de tekst. „De opzet was om de nummers eerst in het theater te spelen. Je kunt honderd keer droog in een studio repeteren, maar als je voor publiek speelt, wordt het anders. Je krijgt reacties, maar je gaat ook over bepaalde grenzen heen. Zo ’ontdek’ je het liedje meer voor jezelf.”

Arthur Umbgrove schreef hiervoor een roman, ’Midden op de weg, zo hard mogelijk’, over zijn grootvader die tijdens WO II spioneerde voor de geallieerden. Arthur, zijn kleinzoon, erft zijn Brabantse boerderij en vindt op zolder brieven van zijn grootvader. Aan de hand van die brieven reconstrueert hij het verleden en de mythe en trekt eveneens een lijn naar de tegenwoordige tijd. Umbgrove won de Libra debutantenprijs en werd genomineerd voor de Anton Wachterprijs. Op dit moment is hij weer genomineerd, voor de Selexyz debuutprijs.

„Ik doe over een cd even lang als over een boek. Twee, tweeënhalf jaar. Gek, hè? Bij een boek kun je het je veel meer voorstellen. Het zijn vijftien liedjes, maar ik doe er lang over. Ik schaaf eindeloos tot ik tevreden ben. Op een hele cd kun je evenveel kwijt als in een boek, vind ik. Een lied is dan een hoofdstuk, maar het heeft een dwingender vorm. Zowel het boek als de liedjes liggen heel dicht bij mij. Ik ben niet iemand die gaat zitten en een verhaal verzint. Het begint met de werkelijkheid en dan komt de verbeelding erbij.”

„Op de cd staat een nummer, ’Vrienden’. Het gaat over Walter, die ziek is. Hij heeft aids. Ik heb geworsteld met die tekst. Ik wilde niet melodramatisch of pathetisch worden. De woorden ’ziekte’ en ’dood’ mochten er niet in voorkomen, je moet dat niet uitspreken. Dat luistert echt nauw. Daarom doe ik er zo lang over. Ik wil de grote woorden vermijden: ’pijn’, ’hart’, ’verdriet’. Het woord ’hart’ zou trouwens echt verboden moeten worden in Nederlandse songteksten. Ik noem concrete details, beelden en als het goed is, begrijpt de luisteraar wel hoe het zit. Ik ga dat niet alvast invullen.”

Vier cd’s, een boek, een tweede in de maak: Arthur Umbgrove bouwt gestaag aan een oeuvre. Toch ziet hij zijn werk niet als vak. „Ik vind het geen zwaar vak wat ik doe. Ik doe leuke dingen, maar er zit ook iets calvinistisch in mij: volgend jaar maar eens een echte baan zoeken. Iets met een kantoor, een bureau en dossiers. Ik voel me geen zanger of schrijver, maar ik ben het kennelijk wel. Het voelt meer alsof ik nog steeds aan het rommelen ben.”

„Het rare van dit werk is: je begint zonder dat er vraag naar is. Je doet het maar. Niemand vroeg of ik een theaterprogramma wilde maken, een cd of een boek. Ik ben het gaan doen. Als het af is, vinden mensen het goed of niet. Daarna is het moment weer voorbij. Maar ik geloof heel erg dat je als mens ergens een paaltje moet slaan en zeggen: dat ga ik doen. Als je dat niet doet, verzand je. Dan wordt het een leven van losse eindjes.”

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden