Nu al zwart

Afgelopen weekend heb ik een tijdje naar kokmeeuwen zitten kijken. De zon scheen en uit de wind viel het in warme kleren uit te houden op het bankje. Sneeuw schoof uit de kruinen en plofte op de grond. In de stadsvijver dobberden meerkoeten, twee futen, parkeenden (tamme wilde eenden), kuifeenden, tafeleenden en een krakeend. Er klapwiekte af en toe een woeste knobbelzwaan door de eenden, andere knobbelzwanen verjagend. Dan stoven koeten en eenden uiteen. En de meeuwen vlogen op. Een kleine mantelmeeuw, twee stormmeeuwen, op de achterhoede een rij zilvers. En natuurlijk kokmeeuwen. De jonge kokken zijn nog grijzend en hebben gelige poten. Volwassen meeuwen hebben poten, zo rood, dat het bloeddoorlopen aders lijken. Dat wit-zilveren lijf erboven met zwarte vleugelpunten – het zijn zulke gewone vogels maar ik vind ze schitterend. En behendig dat ze zijn! Er was er één die een poot miste. Naast de ene poot hing een bloedrood stompje. Dat was alleen te zien als de meeuw uit het water opvloog. Hij hinkte er niet mee rond, maar was er het eerste bij om vliegend een stukje brood van de grond te kapen. De stadsvijver trok mensen met brood aan, kinderen zowel als volwassenen. Kuif-, tafel- en krakeenden malen niet om brood, parkeenden, zwanen en kokmeeuwen des te meer. De kokmeeuw die het minst bevreesd was, ging reeds getooid in een bijna zwarte kap. Zo vroeg heb ik nog nooit een kokmeeuw met kap gezien. Na het broedseizoen verbleekt hun kop, op een oortje na. Deze zomerende kop is nog niet helemaal zwart, en zijn snavel nog niet helemaal bloedrood. Er zit nog een zwart, winters puntje aan.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden