Noors verzet tegen 'eenzijdige matiging'

Plotseling stonden ze in de rij voor de supermarkt, de Noren. Hamsterden ze meel en eieren, vis in blik en luiers. Reden is de staking, die vorige week dinsdag in Noorwegen uitbrak. 86000 leden van de grootste vakcentrale legden het werk neer.

Vandaag had de actie een nieuwe fase in moeten gaan, met deelname van nog eens minstens 16000 collega's. Daarmee zou het aantal stakers de 102000 uit 1986 bereiken en wordt het arbeidsconflict het grootste in het land sinds de Tweede Wereldoorlog. Overleg te elfder ure om dat te voorkomen was gisteravond nog gaande.

Het heeft iets onwerkelijks: de economie draait als een tierelier en toch wordt er in één van de rijkste landen ter wereld gestaakt. De conflictstof biedt op het eerste gezicht ook geen aanknopingspunt: de werknemers verwerpen een loonsverhoging van 3,5 tot 4 procent per jaar voor 2000 en 2001. En het aanbod van een vijfde vakantieweek vinden ze onvoldoende.

Het Noorse Verbond van vakverenigingen had dat wel geaccepteerd, maar verkeek zich op zijn 800000 leden. Die zeiden in meerderheid (64 procent) 'nee' tegen de overeenkomst tussen hun voorzitter, Yngve Haagensen, en de werkgevers.

Haagensen had het misschien kunnen zien aankomen. Zelf beschreef hij de vijfde vakantieweek als het belangrijkste resultaat. Maar blijkens opiniepeilingen willen de Noren liever meer loon dan meer vrije dagen -en die extra week krijgen ze ook nog eens pas in 2002.

De top van het Noorse bedrijfsleven leverde echter ook een belangrijke bijdrage aan de stakingsbereidheid. Excessieve zelfverrijking wordt daar net als elders in het Westen steeds gewoner. Kjell Inge Roekke, het hoofd van de investeringsmaatschappij Aker RGI; Harald Norvik, het voormalige hoofd van de het Noorse staatsoliebedrijf Statoil; Erik Toenseth, topman van het Brits-Noorse ingenieursbureau Kvaerner: ze kwamen in het nieuws door een buitenproportionele salarisverhoging, een wel zeer lucratieve optieregeling of afspraken over een absurd hoge gouden handdruk.

De schanddaalpers dook erop: Toenseth krijgt bijvoorbeeld 169 miljoen Noorse kronen (47 miljoen gulden) als hij opstapt. En dat in een land waar meer nog dan in Nederland iedereen eigenlijk gelijk is.

Premier Jens Stoltenberg riep op tot soberheid, maar het was al te laat. 'Nee tegen eenzijdige matiging' heette het vorige week maandag, tijdens de traditionele marsen op de Dag van de Arbeid.

De staking heeft ook de olie- en de autoindustrie, twee Noorse industriesectoren van internationaal belang, getroffen. Sleepboten die tankers van en naar de olie- en gasterminals in het westen van het land manoevreren, varen niet. Een gasterminal en twee olieterminals, goed voor 1 miljoen van de 3,2 miljoen vaten Noorse olie per dag, liggen stil, een situatie die nog maar enkele dagen kan duren.

In Zweden staakte automobielfabrikant Saab gisteren de productie bij gebrek aan onderdelen die in Noorwegen worden gemaakt. Datzelfde dreigt te gebeuren bij BMW in Duitsland.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden