Nog even en Amsterdam stoot Den Haag van troon

ballet

'Corps' Het Nationale Ballet ***

Na afloop van een voorstelling van Het Nationale Ballet (HNB) klinkt het applaus voor een sneeuwvlok of zwaantje lang niet zo hard als voor de prima ballerina. Toch is de staat van het balletgezelschap bij uitstek af te meten aan het balletleger achter de voetlichten. In de jaren zeventig en tachtig stelde artistiek leider Rudi van Dantzig persoonlijkheid van een danser boven techniek. Dat werkte uitstekend voor de nieuwe balletten die aan de lopende band werden gecreëerd, maar een klassieker als 'Zwanenmeer' kwam nogal wiebelig over. Huidig directeur Ted Brandsen heeft qua techniek de wind er goed onder.

Het corps de ballet als ruggegraat van een balletgroep; hierom draait het programma 'Corps', dat komende weken is te zien in het Amsterdamse Muziektheater. Een woord dat meteen opborrelt na het zien van dit programma is: 'samen', want de saamhorigheid op het toneel is bij HNB groot. En de kracht die eruit spreekt is niet mis.

Dit uit zich vooral bij de twaalf mannen in Hans van Manens 'Corps' (1985), een ballet over drie fases in het leven van een vrouw. De mannen ademen als één lichaam een en al viriliteit, met flink wat onderliggende agressie of juist een zacht soort mannelijkheid, waardoor de duetten met drie vrouwen als middelpunt onontkoombaar worden. Dit stuk op het vioolconcert van Berg, een van Van Manens beste, is door het corps waarschijnlijk zelden beter opgevoerd.

Hiernaast is Michel Fokines 'Les sylphides', het eerste echte non-narratieve muziekballet uit 1909 op muziek van Frédéric Chopin, een programmatisch logische keuze. Het corps bestaat hier uit louter vrouwen en hun functie in dit 'ballet blanc' is sferisch van aard. In prachtige romantische tableaus, als lelies die open en weer dichtgaan, maken ze gevoelens van verlangen en melancholie invoelbaar.

Waarom 'Corps' hierboven toch geen vier sterren krijgt, is het niet helemaal overtuigende 'Het lichaam van het nationale ballet' van gastchoreografen Emio Greco en Pieter C. Scholten, het duo achter het nieuwe stadsgezelschap ICKamsterdam. Het is fantastisch dat HNB met deze belangrijke makers uit het contemporaine danscircuit een Amsterdamse alliantie is aangegaan. Hierdoor zou Den Haag weleens van de troon kunnen worden gestoten als dansstad van Nederland.

Het duo vitaminiseert het klassieke ballet met een hedendaagse dansaanpak. Maar het thema - wat is de plek van het individu in een (dans)groep - is matig uitgewerkt. De dertig dansers in huidkleurige (halve) bodysuits, afgezet met glitters, verbergen hun gezichten als een zwijgend leger, om met een schreeuw los te breken en hun eigen plek op te eisen in woeste groepsdansen. Een enkeling kan soleren, maar dan wel met pijnlijke ondertoon. Er zijn referenties naar bekende balletten, zoals de grand pas de deux uit 'De notenkraker', wat het werk iets onsamenhangends en pretentieus geeft.

Gevaarlijk is het ook om werk van Greco en Scholten, die kitsch als stijlmiddel niet schuwen, naast Hans van Manen te zetten, een choreograaf met het adagium less is more. Maar dat het corps de ballet van HNB stáát, is evident.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden