Nog één keer de brand er in

Interessante gebouwen uit het industriële verleden blijven tegenwoordig bewaard als er een bestemming voor is of gevonden wordt. In het jaar van het Industrieel Erfgoed maakt Trouw een zwerftocht langs een aantal monumenten van 'verleden techniek'. Vandaag: de kalkovens bij Enkhuizen.

Vlak voor de drie kalkovens leggen hier lijndiensten uit Amsterdam en Stavoren aan die de bezoekers het loopplankier opsturen zodat ze meteen het met schelpen bezaaide emplacement kunnen opwandelen. De snelle draagvleugelboten die met hun sprinkhanepoten hoog uit het water komen, vormen even een scherp contrast met de drie uit de jaren twintig daterende kalkovens: in 75 jaar is de techniek onvergelijkbaar van karakter veranderd.

De komende twee weken zijn de bezoekers meer dan welkom, maar ook vormen ze een beetje een sta-in-de-weg. Het vullen en vervolgens stoken van de oven vraagt nauwlettende zorg van een paar begeleiders die anders in de beslotenheid van een industriëel proces bezig zijn. Hoe eenvoudig de techniek van het branden van schelpen ook is, de kennis daarvan is bijna helemaal verloren gegaan en berust nog bij een kleine groep mensen die voor dit doel naar Enkhuizen zijn overgekomen.

Met uitzondering van enkele industriële bedrijven, die vrijwel uitsluitend voor de export werken, wordt in Nederland geen schelpkalk meer geproduceerd. De kalkovens die nog in Hasselt, Meppel, Dieverbrug, Katwijk, Appingedam en Zwartsluis zijn te vinden, werden lang geleden buiten gebruik gesteld en deels al afgebroken. Ze zijn het slachtoffer geworden van de na-oorlogse bouwnijverheid, die in de jaren vijftig de overstap maakte van kalk naar cement. Tegenwoordig wordt schelpkalk, dat op de Noordzee wordt gewonnen, alleen toegepast bij restauratieprojecten. Waar in oude gebouwen schelpkalk als voeg werd gebruikt, kan niet voor cement worden gekozen.

De middelste van de drie ovens in Enkhuizen, brandt deze en volgende week voor het eerst sinds hij in 1978 werd afgebroken. Sinds de jaren '20 deden deze ovens dienst bij de firma Ruigewaard in Akersloot, die zich tegengenwoordig toelegt op het leveren van bouwmaterialen.

De wijze van branden is in al die jaren onveranderd gebleven: de konische vorm, die aan de binnenzijde een kegel bevat waarin de schelpen terechtkomen, bezit aan de onderste kant een krans gaten die met nog altijd uit Drente afkomstige turf worden gevuld. Via een opening op de hoogte waar de schoorsteen begint, worden de schelpen met behulp van een Jacobsladder naar binnen gestort. Voor deze gelegenheid zijn ze vermengd met goed brandend antracietgruis. Heel vroeger werd de oven uitsluitend gestookt met turf, waarop steeds wisselend een laag schelpen kwam. Nu zorgt de aanvulling met antracietgruis voor een betere verbranding. Ook de hoogte van de pijp bepaalt de goede trek. De drie ovens in Enkhuizen zijn zo'n 16 meter hoog, de top wordt gevormd door de oven in Katwijk die 25 meter hoog meet.

De schoorsteenpijpen zorgen er ook voor dat de rook - als de schelpen na 24 uur van intensief stoken eenmaal branden, veroorzaakt dat een typische witte pluim - op grote hoogte in het milieu terechtkomt. In Enkhuizen heeft het Zuiderzeemuseum daar ontheffing van de hinderwetvergunning voor nodig, die bovendien alleen nog wordt afgegeven als de wind hetzij uit het noorden, hetzij uit het zuiden komt. Opdat de plaatselijke bevolking van de penetrante geur verstoken blijft.

Na het brandproces dat een paar dagen duurt, zijn de koolzure schelpen ogenschijnlijk nog helemaal heel. Ze moeten dan nog geblust worden en pas dan vallen ze in een fijne poederstof uiteen. In het Zuiderzeemuseum gebeurt dat in het leshuis, een uit de vorige eeuw daterend exemplaar uit Hasselt (Overijssel). Het leshuis beschikt niet over een afvoerpijp; omdat het dak niet is beschoten, kan de damp vrij tussen de dakpannen weglekken. Ook dat gezicht verraadt dat er op deze plek kalk wordt geproduceerd, maar hoevelen zullen zich dat nog kunnen herinneren?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden