Noeste arbeid voor de armen

Enkele Drentse en Friese gemeenten hebben een route uitgezet rondom de vrijwillige veenkoloniën Fredriksoord, Willemsoord en Wilhelminaoord en het gevangenisdorp Veenhuizen. Het Pauperpad voelt de tijdgeest goed aan.

Waarom deze tocht?
Horeca
Openbaar vervoer
Paupers zijn in. Volgens Van Dale zijn het 'mensen die door maatschappelijke omstandigheden niet in staat zijn zich enige welstand te verwerven'. Dat lijkt iets uit de 19de eeuw, maar anno 2011 wordt er dagelijks bericht over wereldwijde protesten tegen de groeiende hebzucht van de machtigen der aarde, die ervoor zorgt dat steeds meer mensen in financiële problemen komen. Ze worden weliswaar (nog) geen paupers genoemd, maar het nieuwe egoïsme brengt ons weer twee eeuwen terug in de geschiedenis.

Enkele Drentse en Friese gemeenten hebben met hun zojuist geopende Pauperpad de tijdgeest goed aangevoeld. Deze gecombineerde wandel- en fietsroute langs de Drents-Friese grens voert naar een aantal landbouwkoloniën voor 19de eeuwse armen, zoals Frederiksoord en de strafkolonie Veenhuizen waar landlopers en bedelaars uit die tijd met tucht en discipline werden klaargestoomd voor reïntegratie.

Het eerste deel van deze driedaagse is een wandelpad dat meandert van Norg naar Veenhuizen. Bij het beginpunt is van paupers niet veel te merken. Norg oogt als een welvarend brinkdorp met opgeknapte Saksische boerderijen en kunstgaleries. Buiten het dorp ontvouwt zich een oorspronkelijk esdorpenlandschap met oude akkers, heidevelden en houtwallen. Het Norgerholt met wat kleine waterpartijen heeft nooit een andere bestemming gehad dan natuur. Het is daarmee een van de oudste bossen van Nederland, waarschijnlijk stammend uit de 9de eeuw.

Voorbij een klein hunnebed blijkt ook het dorpje Westervelde nog niet de pauperstatus te hebben. Integendeel, ook hier verschaffen gerestaureerde boerderijen het dorp een patina van welvarendheid. Achter Westervelde fascineren verruigde velden de blik. Deze voormalige akkers en weiden zijn door Natuurmonumenten opgekocht om er weer natuur van te maken. De houtwallen, ooit aangelegd als veekering, vormen de basis van dit coulissenland. De Lakervelder koeien staan er te schuilen voor de hoosbuien en geven met hun zwart-witte en bruin-witte verschijning het landschap extra kleur.

Even verderop, tussen De Brul en het Hulsebosch, wordt het nog ruiger. Voor de wandelaar zeker, want een pad is er amper. Je moet goed kijken waar je loopt. De voeten en enkels zwikken alle kanten op door de gaten die het veen achterlaat. Typisch land waar grote Galloway-runderen de begroeiing in toom houden. Ze laten zich niet zien, maar de verse vlaaien wijzen wel degelijk op hun aanwezigheid. Hier krijg je een beetje het gevoel te staan in een waarlijk ongerept land dat ooit Hollands Siberië werd genoemd.

Aangekomen bij het riviertje de Slokkert is nog goed te zien hoe dit ooit is gekanaliseerd voor de landbouw. Natuurmonumenten wil er snel weer een bochtige stroom van maken, die moeiteloos past in de verruigde akkers. Let op: ga hier links van het water lopen. De rechterkant oogt even beloopbaar, maar er is geen bruggetje die de benodigde afslag naar links mogelijk maakt.

Na de Slokkert worden de ruige velden verlaten. De rechte wegen en bomen in het gelid geven al aan dat een productiebos van Staatsbosbeheer gaat opdoemen. Ook het gevangenisdorp Veenhuizen kondigt zich al aan door een begraafplaats die met gevoel voor de juiste verhoudingen het Vierde Gesticht is genoemd. Hier liggen, veelal anoniem, de gevangenen uit de strafkolonie, die ooit drie gestichten omvatte. Ook dorpsbewoners zijn er begraven, maar dat waren tot voor kort altijd personeelsleden van de strafinrichting.

Aan de andere kant van dat productiebos ligt het Spaanse kerkhof. Dat is een cirkelvormige heuvel, waarschijnlijk de resten van een klooster en kapel. Ook zijn er botten en schedels gevonden, hetgeen leidde tot het vermoeden dat hier ooit mensen begraven lagen. Waarom het kerkhof Spaans is genoemd weet echter geen mens. Een mysterieuze plek dus.

Zoals Veenhuizen dat ook wel is op zijn manier. Bij het binnenlopen vallen de gelijkvormige gebouwen op met elk een opschrift in gelijke letters zoals: Bitter en Zoet, Werk en Bid, Flink en Vlug, Werken is Leven. Het zijn de huizen van de leiding van dorp en inrichting: directie, dokter, onderwijzers, apotheker. Veenhuizen kende tot twintig jaar terug geen burgemeester. Het dorp viel rechtstreeks onder het ministerie van justitie. In dit soort gebouwen waren ook het eigen ziekenhuis, scholen en kerken gevestigd, want de gemeenschap werd geacht los van de buitenwereld te functioneren.

De moderne geschiedenis van het dorp begint in 1813. Het na-Napoleontische tijdperk kenmerkt zich door grote armoede. Tien procent van de Nederlandse bevolking kan niet zelfstandig het hoofd boven water houden. Als gouverneur-generaal Johannes van den Bosch terugkeert uit Nederlands-Indië trekt hij zich het lot van die verpauperde massa's aan. Hij sticht in 1818 de Maatschappij van Weldadigheid. De tot dan toe aan de kerk overgelaten armen zouden door de heilzame werking van noeste arbeid hun weg in de maatschappij op den duur wel gaan vinden, dacht Van den Bosch.

De Maatschappij van Weldadigheid stichtte daartoe in de Drentse veengebieden de vrijwillige landbouwkoloniën Frederiksoord, Willemsoord en Wilhelminaoord, waar de armen van Nederland zou worden bijgebracht hoe in de landbouw een eigen bestaan op te bouwen. Het experiment mislukte, vooral omdat de bewoners begonnen met een schuld aan de Maatschappij die slechts weinigen met eigen inkomsten konden aflossen.

Daarnaast kwamen er dwangkoloniën voor degenen - bedelaars en landlopers - die niet pasten in de vrije koloniën. Veenhuizen was daarvan de bekendste. Het harde leven maakte er veel slachtoffers. Het ziekte- en sterftecijfer lag er hoog. Misoogsten, financiële problemen en veranderende opvattingen over armenzorg brachten de Maatschappij van Weldadigheid op de rand van een faillissement. Veenhuizen werd overgedragen aan de rijksoverheid.

Nog steeds is Veenhuizen een gevangenisdorp, dat lange tijd vanuit Den Haag is bestuurd. Naast de overgebleven gestichten, die nu dienst doen als museum, staat er een aantal nieuwe gevangenissen. Het dorp telt zelfs net zo veel gevangenen als bewoners: duizend om duizend. Maar sinds Veenhuizen een burgemeester heeft en het dorp is ontsloten voor de buitenwereld wil het zijn unieke geschiedenis uitbaten. Het staat al hoog op de voorlopige Werelderfgoedlijst en hoopt aan het eind van dit decennium ook werkelijk op de echte lijst terecht te komen.

Voor de vermoeide wandelaar is Bitter en Zoet gelukkig van een hospitaal omgetoverd in een horecagelegenheid, waar dorst en honger kunnen worden bestreden met veel meer dan armeluisvoedsel. En welk dorp kan zijn gasten nou een ritje in een echte boevenbus aanbieden?

www.trouw.nl/natuurtochten

De grootste verzameling wandel- en fietstochten

Herinneringen aan de sociale geschiedenis
Naast de bekende hunnebedden en middeleeuwse kerkjes heeft het Drents-Friese grensgebied een unieke sociale geschiedenis te bieden, waarvan de tastbare herinneringen nog volop aanwezig zijn. Ook het zich verruigende landschap en de stilte geven de tocht een speciaal gevoel mee.

De wandeling is het eerste onderdeel van een driedaags Pauperpad. De overige twee dagen bestaan uit fietstochten en eindigen in de voormalige landbouwkolonie Frederiksoord. De routes worden in een boekje gebundeld samen met alle informatie over natuur, cultuur en historie van het gebied.

Het Pauperpad is ook als driedaags arrangement te boeken à €254, waarbij overnachtingen en maaltijden zijn inbegrepen. Meer informatie bij Stichting Veenhuizen Cultuur & Toerisme, mw E. Schriever tel.: 06 - 5372 5300 of elzaline@obveenhuizen.nl

De route is nu te volgen via een GPS-apparaat dat wordt meegegeven bij het arrangement of onderdeel daarvan. Eind november is de route ook als applicatie te downloaden op een smartphone. Deze applicatie biedt naast de route veel informatie over de te passeren bijzondere plekken.

Bij het beginpunt in Norg en bij het eindpunt in Veenhuizen is horeca voorhanden.

Met de trein naar Assen. Vanaf het trein/busstation in Assen vertrekt bus 18 van Qbuzz (richting Heerenveen) naar Norg. Terug vanuit Veenhuizen (halte Kerklaan) rijdt bus 14 van Qbuzz naar NS-station Assen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden