NOC: centrale aanpak doping

AMSTERDAM - Na het IOC en de Nederlandse overheid heeft nu ook NOC-NSF aangekondigd de dopingproblematiek intensiever te zullen gaan aanpakken. Waar het internationaal Olympisch Comité de wereldwijde bestrijding en bestraffing via een centraal bureau wil gaan regelen, daar streven overheid en NOC-NSF binnen de Nederlandse grenzen naar een sluitender controle-netwerk.

Van onze sportredactie

Het ministerie van VWS liet vorige week al weten dopingcontroles centraal te willen gaan regelen en het aantal te verhogen. Gisteren kwam NOC-NSF naar buiten met een plan dat daar direct op aansluit. De sportkoepel wil in overleg met de nationale sportbonden het dopegebruik in de topsport centraal gaan aanpakken en jaarlijks zo'n 2500 controles laten houden. Het Nederlands Centrum voor Dopingvraagstukken (Necedo) gaat het anti-dopingplan van NOC-NSF uitvoeren. Het centrum wil voor de controles een onafhankelijk instituut oprichten.

De twee grote sportbonden die al het meest op doping controleren, de wielren- en de atletiekunie, reageerden positief op de plannen. Nu houden de Nederlandse sportbonden jaarlijks vijfhonderd controles. De KNWU en de KNAU juichen de vervijfvoudiging (geschatte kosten: twee miljoen gulden) toe. Ze vinden dat het NOC-NSF-voorstel zelfs verder zou moeten gaan. “Het plan voorziet in de komende drie jaar. Daarna zou het niet moeten ophouden”, aldus directeur Arie Kauffman van de Nederlandse atletiekunie.

“Het aantal is voor de complete topsport niet genoeg”, meent Joop Atsma, voorzitter van de KNWU. “Eigenlijk zouden in de breedtesport ook verrassingscontroles nodig zijn.” De KNWU en de KNAU stellen dat Nederland over een eigen, door het Internationaal Olympisch Comité geaccrediteerd,laboratorium zou moeten beschikken om goede analyses uit te kunnen voeren. Enkele jaren geleden verloor het laboratorium in Utrecht de IOC-licentie. “De overheid, de sportbonden en het bedrijfsleven moeten daar veel energie in steken. Het voorstel staat of valt met een betrouwbaar lab”, aldus Atsma.

Volgens Cees Vervoorn van NOC-NSF, één van de opstellers van het plan, worden de controles niet aangekondigd. Ze zullen vooral uitgevoerd worden in de opbouwfase naar het seizoen. Hetzelfde wil het IOC wereldwijd gaan doen via een nog op te richten bureau. IOC-preses Samaranch legt plannen daartoe tijdens een wereldcongres tegen doping, op 2 en 3 februari, aan de 35 sportfederaties voor.

Vervoorn stelt dat veel atleten zitten te wachten op een gezamenlijke aanpak tegen het doping vanwege het slechte imago van de topsport. Hij verwijst daarbij naar de affaire in de Tour de France en die rond de Limburgse arts Sanders.

De financiering van de voorstellen komt voor gezamenlijke rekening van NOC-NSF en regering. Staatssecretaris Vliegenthart van VWS reageert verheugd en noemt het plan “een goede zaak”. Vliegenthart verwacht dat de centralisering zal uitmonden in een effectiever beleid. “Lang niet alle bonden zijn momenteel actief in de strijd tegen doping.” Ze benadrukt dat een goed antidopingbeleid voorwaarde is voor een sportbond om subsidie te ontvangen.

De voorstellen van het NOC-NSF zullen volgende week aan de nationale bonden worden voorgelegd. Het comité gaat ervan uit dat het plan in 1999 in werking zal treden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden