Niksige zakpalen

Het Utrechtse bericht dat er geen geld was voor een ingrijpende herinrichting van het Domplein bracht me naar het Domplein. Op een bepaalde manier was het passend dat het stormde. Het Domplein is eigenlijk een gat in de stad dat door een storm is gemaakt. Het Schrickelik Tempeest van 1 augustus 1674 deed het middenschip van de Domkerk instorten. Het puin bleef er meer dan een eeuw liggen.

Het was een zomerstorm geweest, met hevig onweer, na een hete benauwde dag. Die van gisteren was fris en Atlantisch en lang aanhoudend; hij bulderde over grote delen van Europa, orkaanachtig in Duitsland. Zo groot was hij dat je je afvroeg wanneer hij buiten adem zou raken en waar hij zou gaan liggen.

Het is niet zo gek om een open ruimte in een oude binnenstad een plein te noemen, maar anders dan in Italië zijn niet alle pleinen ook ruimtes om te vertoeven. Het Domplein is een ongelukkig plein. Voor een deel is het een straat met verkeer. Voor een deel is het alleen maar ruimte. Men heeft er een oorlogsmonumnent geparkeerd, een haast aandoenlijk lelijk wit geval dat een vrouw met een toorts voorstelt. Het doet aan lelijkheid niet onder voor die zuil op de Dam, die ook elk jaar weer geduldig en zachtmoedig het gedenkverdriet opneemt.

De vrouw met de toorts staat voor de blinde muur van de Domkerk, het oude dichtgemetselde litteken welbeschouwd, in steen gevatte fantoompijn, die men maar verluchtigde met een getekende voorstelling van het interieur, een soort halfbakken trompe l'oeuil. In het plaveisel van het plein zijn de contouren van de kerk nog terug te zien, en de plaats van de zuilen.

Ook is in de bestrating een gedenksteen uitgespaard, ter herdenking van de homoseksuelen die zich vaak troffen bij de puinhoop van de Dom, tot ze werden vervolgd en in 1730 ter dood veroordeeld in zogenaamde sodomietenprocessen. Men wurgde ze.

Verder staan er platanen geplant, en is er een gat in de grond, met een trap naar beneden, naar het Domunder-museum, een ondergrondse archeologische rondgang. Die keldertoegang is afgezet met een soort spalier van roestbruin ijzer - ook hier was schoonheid geen criterium.

Het plein dijt nog uit in de richting van de Pandhof en het Academiegebouw. Op een hoge sokkel kijkt graaf Jan van Nassau in brons op ons neer. De straat is hier geblokkeerd met betonnen plantenbakken. Voor ingrijpend herinrichten was geen geld, zei de wethouder, maar er zouden wel zakpalen komen tegen het sluipverkeer; een 'dynamisch afsluitsysteem' heet dat. En de boomspiegels rond de platanen hadden duurzame hardstenen banden gekregen.

De storm bulderde woedend langs de muren van de Dom, sloeg een hoek om en keerde terug via de onderdoorgang van die wereldberoemde toren, die nu al 350 jaar met dat tochtige gat leven moet. Een groep Duitse toeristen hield zich, maar half geamuseerd, onder de toren aan de muren vast: 'Ist ja wie ein Windkanal!'

Geen geld. Miljoenen zou men opzij moeten zetten voor die ene ware verbetering van dat plein: de historische reconstructie van de kerk.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden