Nijmegen kiest uit Guusje, Ien en veel gefröbel

nijmegen – Guusje ter Horst kijkt vanaf een portretschilderij naar stellingen vol kunst. Doeken leunen tegen elkaar in het mudvolle kunstdepot onder het Nijmeegse stadhuis. „Zo hoort het niet natuurlijk”, zegt cultuurwethouder Henk Beerten (D66) in de gasbetonnen gewelven. Hij wil de collectie hedendaagse kunst rigoureus inkrimpen en de rest beter beheren.

’Ontzamelen’ noemt de gemeente Nijmegen deze grootscheepse reorganisatie van de collectie moderne schilderijen, tekeningen, keramiek en andere objecten. Voor het merendeel van de 3.100 kunstwerken van 660 makers is simpelweg geen ruimte. Alles staat rijp en groen door elkaar.

Binnen een jaar brengt Nijmegen deze collectie terug tot zo’n duizend werken. Eerst bepaalt een externe commissie van kunstkenners wat tot de stedelijke kerncollectie behoort. Daarna begint het uitventen van de rest.

Beerten pakt er een setje portretschetsen van Ien Dales (PvdA) bij, een oud-burgemeester van Nijmegen. Die staan achterin een volle tweede depotruimte waardoor ook grote buizen lopen. Klimaatbeheersing is er niet. „Dit zijn voorstudies van het geschilderde portret dat van haar is gemaakt voor de burgemeestersgalerij”, zegt hij. „Ik ontdekte ze onlangs. Mooi, hè?”

Beslist geen collectiewaarde heeft een portret van Rembrandt. Stefan Grond, projectleider ontzamelen, pakt het erbij: een kopie op hardboard. Waarom het in depot staat? Niemand die het weet. Het is goed dat een commissie adviseert over de rest, meent Beerten. „Is dit kunst?” vraagt hij terwijl hij een houten staketsel op wielen heen en weer rijdt. Wel waardevol is een werk van Robert Terwindt dat tussen allerhande – vermoedelijk – gefröbel staat.

Veel objecten zijn ooit op verzoek van de gemeente Nijmegen gemaakt. Tussen 1956 en 1987 ontvingen lokale kunstenaars een maandelijkse vergoeding in ruil voor kunst in het kader van de Beeldende Kunstenaars Regeling. Het leverde Nijmegen 2.300 werken op. Als een van de laatste gemeenten haalt Nijmegen nu de bezem door de bonte verzameling hedendaagse kunst. Sommige kunstenaars reageerden boos op het ontzamelen, merkt Grond. „Maar dat verandert als we vertellen hoe zorgvuldig we dat doen”, zegt hij.

Zorgvuldigheid was er voorheen minder. In de jaren dat de depots zich vulden, werden steeds weer anderen met het beheer belast. Vanwege de uitleen is de registratie op orde, maar toch groeide het beheer de beheerders boven het hoofd, verklaart Grond. Nu de collectie de depots uitpuilt, is het tijd voor sanering.

Ruim tweeduizend kunstwerken verdwijnen uit de catacomben. Eerst krijgen de makers hun werken aangeboden. Daarna zijn de Nijmeegse instellingen aan de beurt die al kunst van de gemeente in bruikleen hebben. Wat dan nog overblijft wordt vervolgens via een internetveiling aan de bevolking aangeboden. De restanten worden vernietigd.

De Nijmeegs kerncollectie wordt niet meer uitgeleend aan jan en alleman. Stadsbestuurders en ambtenaren mogen er nog wel uit lenen. Zo staat een enorm, knalrood schilderij van Marten Hendriks klaar. Het is gereserveerd, maar de rode lijst is stuk. „Het beheer moet echt beter”, zegt Beerten als hij het ziet.

Eén depot wordt heringericht voor de kerncollectie. Veel nieuwe schilderijen, objecten en wandkleden zullen er niet meer bijkomen. Sinds 2002 doet de Gelderse stad het rustig aan met het aankopen van kunstwerken. Beerten: „We richten ons op kunst in de openbare ruimte.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden