Nieuwe partijen willen te snel scoren

Het ontbreekt nieuwe politieke partijen vaak aan een lange adem en een dienstbare houding. Dat maakt ze zo kwetsbaar, volgens Peter van der Heiden.

De val van Henk Krol en de daaropvolgende duikeling in de peilingen van zijn partij 50Plus staan bepaald niet op zichzelf. Wie naar de recente parlementaire geschiedenis kijkt, ziet dat het nieuwe partijen vaak slecht vergaat. Als ze al in de Kamer komen, dan is het vaak snel bekeken. Uitzonderingen zijn eigenlijk alleen de SP, de Partij voor de Dieren en de PVV - al zit die laatste partij zo nu en dan flink in de personele problemen.

Hoe komt dat toch, dat nieuwe partijen in de regel weer net zo snel ten onder gaan als ze opkomen? De eenvoudigste verklaring zou zijn dat de kiezer weer vlot op de nieuweling is uitgekeken - maar ook dat moet weer een oorzaak hebben.

Pim Fortuyn
Het electoraat is wispelturig, zeker. Maar als de 'oude' partijen fluctueren in peilingen en bij verkiezingen, is hun voortbestaan - in tegenstelling tot dat van nieuwe partijen - zelden in gevaar. Bestaande partijen kunnen terugvallen op een achterban, die nieuwe partijen per definitie (nog) niet hebben.

Om het vaak rappe verval van nieuwe partijen te verklaren, is het van belang om te kijken naar de reden van hun opkomst. De ouderenpartijen uit de jaren negentig braken door omdat de bestaande partijen, met name het CDA, twijfel lieten ontstaan aan hun bescherming van de AOW. De LPF kwam op vanwege de magnetische electorale aantrekkingskracht van Pim Fortuyn. En 50Plus vanwege de zorgen over de pensioenleeftijd en de houdbaarheid van het pensioenstelsel. De eerste twee voorbeelden laten zien dat wanneer de oorzaak van de opkomst wordt weggenomen - hoe bruut dat ook klinkt in het geval van Fortuyn - er van de partij weinig overblijft.

Het verval van 50Plus nu laat zien dat er nog een andere oorzaak moet zijn. De reden van de opkomst is immers niet weggenomen, hoewel de laatste cijfers laten zien dat het met senioren gemiddeld beter gaat in Nederland dan met jongere generaties en die reden dus wel aan erosie onderhevig is.

Maar het belangrijkste hierbij - en eigenlijk bij het verval van alle partijen, of ze nu nieuw zijn of niet - is de vraag naar de stabiliteit van de partij en de integriteit en het leiderschap van de frontman.

Nieuwe partijen zijn tegenwoordig vaak aan één persoon gebonden. Dat gold voor de LPF, dat geldt nog steeds voor de PVV en in mindere mate ook voor 50Plus. Maar achter die leider zitten meer mensen, die veelal al een carrière achter de rug hebben, zelfs soms al een - teleurstellende - politieke carrière bij een andere partij. Vaak ook politieke gelukzoekers. In ieder geval mensen die wellicht korte tijd genoegen nemen met een rol in de schaduw van de leider, maar niet op de langere termijn. Dat zagen we bij de LPF, waar na de moord op Fortuyn de aspirant-leiders elkaar de tent uit vochten, dat zagen we bij de PVV in de vorige Kamerfractie, we zagen het bij het AOV en we zien dat nu weer achter de schermen gebeuren bij 50Plus.

Een partij opbouwen en een kieslijst opstellen is één, er een samenhangende beweging van maken is iets heel anders. Dat vergt een lange adem en een dienstbare houding. Juist dat laatste ontbreekt vaak bij leden en vertegenwoordigers van nieuwe partijen, die, met de frustratie van eerdere politieke ervaringen als bagage, hun positie onmiddellijk verzilverd en verzekerd willen zien.

Als er dan ook nog vragen rijzen omtrent de integriteit van de politiek leider, dan is het electorale hek van de dam. Want ook de kiezer op de nieuwe partij wil dat deze onmiddellijk invloed heeft - en zit niet te wachten op gerommel in fractie of partij.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden