'Nieuwe kunstenaars zijn net sprinkhanen'

EMMEN - Rieks (van Hendrikus) Visser (74) kan zich er wel eens druk om maken. Aan het gebrek aan interesse van randstedelingen voor het achterland, dat voor het gemak vaak meteen voor 'achterlijk' land wordt versleten. Terwijl er in Drenthe en Groningen heel wat te doen is op kunstgebied.

PETER SIERKSMA

Visser: “Honderden kunstenaars hebben het Drentse landschap in het verleden geschilderd. En hier om de hoek heb je het atelier van de Toyisten. Dat is een groep van drie jonge kunstenaars. De groep bestaat nu vijf jaar, exposeert in New York en maakt hele moderne schilderijen. Als je ze ziet - een en al kleur. Ik bedoel maar. De jongens hebben ook het omslagontwerp voor mijn lexicon gemaakt. Van A tot en met Z. Ze werken alledrie met een eigen logo. De een verwerkt altijd een computer in zijn werk, de ander een beertje en een derde een raket. Ja, heel bijzonder.”

Trots laat Visser daarop zijn pasverschenen 'Quick-Lexicon Nederlandse beeldende kunstenaars' zien. Daar is de reis tenslotte voor ondernomen. Visser: “Ja, u mag er best een paar superlatieven voor gebruiken. Want zover ik weet is er na Carel van Mander met zijn 'Schilder-boeck' (1604) nooit meer iemand geweest die zo'n poging gewaagd heeft.”

Vijftien jaar lang verzamelde Visser meer dan 43 000 namen van dode en levende kunstenaars om een overzicht te krijgen van alle (althans, zoveel mogelijk) kunstenaars die in Nederland werken of gewerkt hebben.

Namenvreter

De reden was eenvoudig. Visser: “Als ik naar de televisie keek en er weer eens een werk getoond werd, waar verder niets bij vermeld werd, ergerde ik me wel eens. Ik ben een namenvreter. Dus als ik een naam niet ken, ga ik zoeken. Waar komt dat werk vandaan? Wie is de kunstenaar? Van de topkunstenaars kun je vaak wel wat vinden. In encyclopedieën, kunstbladen of biografieën in bibliotheken. Maar van de groep daar net onder, van de subtop zal ik maar zeggen, weten we eigenlijk niets. Nergens een volledig naslagwerk waar je ze tegenkomt. En toen dacht ik, waarom leg je zelf geen bestand aan?”

“Aan een boek dacht ik helemaal niet. Het was pure hobby, voor eigen gebruik. Maar na een tijdje vroeg iemand: 'Zou je jouw bestand voor mij willen kopiëren?' En daarna nog een, en nog een. En zo ontstond dat boek. Blijkbaar was er behoefte aan. Zeker bij mensen die een kunstwerk willen kopen.”

Net als het door hem beoogde lezerspubliek is Visser geen kenner, maar een liefhebber, een geïnteresseerde leek. “Als kind al was ik geïmponeerd door kunstboeken en plaatjes. Ik was een beetje een apart figuur binnen het gezin, want verder was er niet zoveel belangstelling voor kunst. Wij hadden een familiebedrijf, een groothandel in chemisch-pharmaceutische - en tabaksartikelen.”

“Toen mijn vader relatief jong overleed, heb ik een tijdje in de zaak gewerkt, maar later ben ik als salesmanager overgestapt naar een ander bedrijf, een groothandel in bouwmaterialen. Op pad in Nederland, later in dienst van Rath & Doodeheefver, maakte ik regelmatig van de gelegenheid gebruik om exposities te bezoeken. Na mijn pensionering in 1988 ben ik ook kunst gaan verzamelen.”

Het resultaat is te zien. In de kamer hangen uiteenlopende werken van uiteenlopende schilders in uiteenlopende genres, zoals een klein havengezicht van Streefkerk (Jacob 1908, blz. 300), een Drenths heidelandschap met hunebed van L.A. Roessingh (1873-1951, blz. 261) en een herfstgezicht van Kornelis Winkel (1921-1990, blz. 350).

Zomergezichten

Visser: “Winkel was directeur bij Philips en schilderde in zijn vrije tijd. Een interessante kunstenaar. Van hetzelfde landschap heeft hij ook twee zomergezichten gemaakt. Die zijn, dat weet ik toevallig, in bezit van Willem Duys en Ina van Faassen.”

Aan de hand van bestaande standaardwerken en databanken als de 'Scheen', de Franse 'Bénézit', de Weense 'Würzbach' en het Rijksbureau van Kunsthistorische Documentatie in Den Haag, verzamelde Visser zoveel mogelijk namen van kunstenaars, hun geboorteplaatsen en -data en soms ook een plaats waar zij een expositie hebben gehad. Zoveel mogelijk, want echt een complete verzameling bleek in praktijk onmogelijk. Visser: “Van veel jongere kunstenaars die na 1940 geboren zijn, heb ik niet alle gegevens kunnen achterhalen. Soms mis ik een geboorteplaats, soms een jaartal, soms heb ik alleen maar een naam en een verwijzing naar een bron. Ja, dat zou je een tekortkoming kunnen noemen, maar waar het mij vooral om gaat, is het idee dat wanneer je een naam en een daarbij behorende bron gevonden hebt, je zelf verder kunt zoeken. Bovendien zit er in ieder exemplaar een antwoordkaartje waarop kunstenaars hun juiste gegevens of verbeteringen kunnen intikken en opsturen. De nieuwe gegevens worden verwerkt met het oog op de volgende druk.”

Om de toegankelijkheid te vergroten verdeelde Visser zijn lexicon in twee afdelingen. Het eerste deel omvat vrijwel alle Nederlandse kunstenaars vanaf de middeleeuwen tot 1950, terwijl in het tweede deel de na-oorlogse generatie is opgenomen. Vooral het tweede deel was een lastige onderneming. Visser: “Die nieuwe kunstenaars, dat zijn net sprinkhanen. Dan exposeren ze weer eens hier en dan weer daar. Dat is moeilijk te achterhalen. Meestal heb ik één expositie vermeld. Maar soms ook alleen een bronvermelding, zonder verdere gegevens. Ja, dat is dan wat weinig. Dan moet je kiezen onder het mom van 'beter iets dan niets'.”

Een ander praktisch probleem was de afronding van het boek. Visser bekent dat hij steeds de neiging had door te verzamelen, omdat de stroom aan informatie nooit ophield. Uiteindelijk hakte hij de knoop door bij januari 1997. Of hij het hele bestand zal bijhouden weet hij nog niet. In overleg met de uitgever hoopt hij snel een opvolger te vinden om het werk voor te zetten.

Maar helemaal afscheid nemen van zijn hobby? Dat is nog moeilijk. Visser: “Als ik een naam van een kunstenaar zie, kruip ik nog altijd even achter de computer en kijk of hij erin staat. Dat kan ik nog niet laten.”

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden