Nieuwe cijfers lerarentekort stellen niemand gerust, ook de ministers niet

Beeld ANP

Het tekort aan leraren blijft maar toenemen. Leerlingen krijgen daardoor ook geregeld les van iemand die niet bevoegd is voor dat vak.

Zo groot is het lerarentekort inmiddels, dat de verantwoordelijk ministers Arie Slob en Ingrid van Engelshoven twijfelen of er in de nabije toekomst wel genoeg leraren zijn om goed onderwijs te leveren. Ze verwachten over vijf jaar een tekort van 4200 voltijdbanen. Dit kan in de toekomst nog verder oplopen, schrijven de twee bewindslieden aan de Kamer. 

Slob kondigde eerder al aan dat hij extra geld uittrekt voor zij-instromers die docent willen worden, en voor regio’s waar het lerarentekort extra groot is, zoals in de Randstad.

Vooral basisscholen hebben moeite om docenten te vinden. Op 70 procent van de vacatures reageerden afgelopen schooljaar minder dan vijf kandidaten. Een vijfde van de vacatures was na drie maanden nog steeds niet vervuld.

Met pensioen

De hoge leeftijd van veel meesters en juffen is een van de oorzaken van de verwachte tekorten. Een kwart van hen is 55 jaar of ouder en veel daarvan gaan de komende jaren met pensioen. Het aantal afgestudeerde pabo-studenten daalde de afgelopen jaren, al schreven zich dit studiejaar wel 10 procent meer studenten in dan vorig jaar.

Ook in het voortgezet onderwijs steeg het aantal vacatures, maar de situatie is daar minder nijpend dan op basisscholen. Het is vooral lastig om docenten te vinden voor vakken als wiskunde, informatica, natuurkunde, scheikunde, Latijn en Grieks. Daarnaast loopt het tekort aan docenten Duits en Frans steeds verder op.

Onbevoegd

Daarom krijgen leerlingen geregeld les van iemand die niet bevoegd is om dat vak te geven. In 2017 werd 4,3 procent van de lessen door een onbevoegde gegeven. “Gemiddeld krijgt een middelbare scholier dus afgerond vier lesuren per week les van iemand die niet bevoegd is voor dat vak”, zegt SP-Kamerlid Peter Kwint. “De kwaliteit van het onderwijs holt zo achteruit.”

Kwint stoort zich er ook aan dat scholen steeds meer geld kwijt zijn aan personeel van buitenaf. Basisscholen besteedden in 2017 4 procent van hun personeelskosten aan mensen die niet op hun loonlijst stonden, zoals uitzendkrachten. Dat is een verdubbeling ten opzichte van vijf jaar eerder. “Daardoor wordt de druk op het vaste team nog hoger”, zegt Kwint. “Uitzendkrachten helpen niet bij de ouderavond, het rapportoverleg of de sportdag.”

Basisscholen willen zelf liever ook geen uitzendbureaus inzetten, meldt de PO-raad, de organisatie voor het primair onderwijs. “Maar de arbeidsmarkt is zo dat scholen ­geregeld met acute problemen ­zitten. Ze werken al samen met poules voor invallers, maar die zijn leeg.” 

Het kabinet stelde 430 miljoen euro beschikbaar voor het verminderen van de werkdruk en 270 miljoen voor het verhogen van salarissen van leraren. Daar moet geld bijgelegd worden, zegt Liesbeth Verheggen, de voorzitter van de Algemene ­Onderwijsbond. “Die investeringen zijn mooi, maar ze zijn duidelijk niet genoeg om de problemen op te ­lossen.”

Lees ook: 

Alleen het westen komt leraren tekort, de rest van het land heeft er meer dan genoeg

Het lukt niet om basisschoolleraren op de plek te krijgen waar ze het hardst nodig zijn. Dus zit een basisschool in Rotterdam met onvervulde vacatures, terwijl er in Limburg een lerarenoverschot is.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden