Nieuwe ABN Amro-topman

Rijkman Groenink (50), het jongste en meest agressieve lid van de raad van bestuur van ABN Amro, volgt Jan Kalff in mei 2000 op als topman.

De aanstelling van Groenink is niet wat de financiële wereld had verwacht. De gezaghebbende zakenkrant Wall Street Journal noemde gisteren bestuurslid Jan Maarten de Jong als gedoodverfde opvolger van Kalff die met pensioen gaat. De Jong zit al bijna even lang in de raad van bestuur en is onomstreden. Analisten vermoeden echter dat hij te zachtmoedig is bevonden om de grote ambities van het concern waar te maken.

Bij het vervullen van een van de grootste wensen van ABN Amro - een tweede Europese thuismarkt - is Groenink altijd intensief betrokken geweest, maar alle pogingen daartoe strandden. Zo mislukte het bod van ABN Amro op de Franse staatsbank CIC, waarschijnlijk mede vanwege de Franse weerzin tegen buitenlandse overnemers. Later beet ABN Amro nog eens in het stof, en opnieuw omdat de beoogde partij - in dit geval Generale Bank in België - het concern niet lustte. De manier waarop ABN Amro zijn concurrent Fortis uitdaagde, werd door de financiële wereld als begrijpelijk, maar door de agressieve handelwijze ook als 'niet-Europees' beschouwd.

Ook op andere fronten, bijvoorbeeld bij het streven naar een leiderspositie in het internetbankieren, kiest ABN Amro voor een felle opstelling, en Groenink lijkt daarvan een van de drijvende krachten te zijn.

Evenals Kalff bouwde Groenink zijn carrière geheel binnen de bank op. Hij begon bij de Amro-bank, waar hij al bij aanvang hoog werd ingeschaald. In 1975, nog maar een jaar na het afronden van zijn studie, werd hij assistent van de raad van bestuur. Op 33-jarige leeftijd werd hij hoofd van de afdeling Bijzondere Kredieten van het inmiddels tot ABN Amro gefuseerde concern. Als voorman van, wat wel werd genoemd, 'de wrakkencentrale' was hij regelmatig kop van jut. Als de reddingspoging van een bedrijf mislukt, levert dat immers vaak negatieve publiciteit op.

Van alle huidige bestuursleden van ABN Amro is de naam van Groenink het meest verbonden geweest met ophefmakende schandalen waarin hij weliswaar niet als verdachte, maar wel als getuige moest optreden. Zo moest hij voor de rechter getuigen als kredietbeheerder tijdens de ABP-affaire. Ook moest Groenink zich in de rechtbank verweren tegen de kritiek van obligatiehouders die vonden dat ABN Amro de afwikkeling van het faillissement van vrachtwagenfabrikant Daf in eigen voordeel had uitgevoerd.

Helemaal persoonlijk werden de criticasters van Groenink tijdens de affaire rond het faillissement van het automatiseringsbedrijf HCS in de zomer van 1991. ABN Amro was de grootste schuldeiser in deze zaak, en Groenink werd verweten dat hij zou samenspannen met Joep van de Nieuwenhuyzen. Via manipulatie van de koers van HCS door onder meer Van den Nieuwenhuyzen en Eric Albada Jelgersma moest een uitgifte van aandelen voor nieuw kapitaal zorgen voor het noodlijdende bedrijf. Van den Nieuwenhuyzen kwam daarvoor in de verdachtenbank terecht.

Groenink droeg zijn takenpakket over aan zijn collega De Jong, maar leek er niet onder te lijden. In zijn ogen is de bank nooit de oorzaak van problemen bij bedrijven. Wie de bank de schuld geeft, zo zei hij ooit, probeert slechts zijn eigen mismanagement te versluieren.

Nu is het opnieuw De Jong die Groeninks werkmoet afmaken. Hij wordt hoofd van de divisie Europa, die Groenink als hoofd van de divisie Nederland aan het opbouwen was. Op de aandelhoudervergadering op 11 mei wordt de opvolging bevestigd.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden