Nieuw toeristenreservaat: de Pijp

TOERISME | REPORTAGE | Toeristen moeten niet in de binnenstad blijven hangen, vindt Amsterdam. Maar als ze zich verspreiden, worden andere buurten daar dan beter van?

Hij staat zijn klanten in vijf talen te woord. Frans leerde hij op school, Spaans maakte hij zich al werkend eigen. Dat hielp hem in z'n werk. John Bakker verkoopt al 48 jaar kaas op de Albert Cuypmarkt midden in de Pijp in Amsterdam - aanstaande zaterdag voor het laatst. "Ik ben zeventig, dus..." In die tijd heeft hij de buurt en ook zijn klandizie zien veranderen: minder gezinnen en vooral meer toeristen.

"Kaas, dat trekt altijd toeristen", zegt hij, "al was het maar om foto's te maken. Ik heb weleens promotiemateriaal toegestuurd gekregen uit China, met foto's van mijn kraam erin." Dat trok weer nieuwe toeristen naar de markt.

En naar de Pijp. De buurt is eind negentiende eeuw uit de grond gestampt, verloederde in de jaren zeventig, maar is nu populair vanwege de levendigheid van de markt, vanwege al z'n cafés, kleine winkels en bedrijfjes. Ook toeristen hebben de buurt nu ontdekt.

Dat is goed nieuws voor het stadsbestuur. De almaar groeiende toeristenstroom zorgt her en der in de binnenstad voor overlast en daarom wil Amsterdam de drukte spreiden. Onder het motto 'Amsterdam zien, Holland bekijken' worden toeristen verleid ook Amsterdam Castle (Muiden) en Amsterdam Beach (Zandvoort) te bezoeken. Dat werkt wel én niet: er trekken meer toeristen naar buiten, maar de drukte in de binnenstad neemt niet af. Ook in de stad zelf moeten toeristen daarom gespreid worden, vindt het stadsbestuur. Amsterdam is tenslotte groter dan de grachtengordel.

In de Pijp, net buiten de grachtengordel, is te zien hoe dat een buurt beïnvloedt. Op de markt worden steeds meer souvenirs verkocht - sloffen in klompvorm, T-shirts met hennepprintje - en tickets voor toeristische attracties. Ook de belangrijkste winkelstraat, de Ferdinand Bolstraat, verandert rap. De rijwielonderdelenwinkel ('Heus, Cito heeft 't'), de videotheek, de winkel voor werkkleding, ze zijn verdwenen. Ervoor in de plaats komt horeca, horeca, horeca. Die draait voor 40, 50 procent op toeristen.

De bewoners zien het voor hun ogen gebeuren. "Er is niets tegen toeristen", zegt Gertrude van der Ven van Bewonersplatform de Pijp. "Zolang het niet alleen die ene soort toeristen is die ook de binnenstad bevolkt. De Pijp is een mengelmoesje, er zitten nog heel veel leuke winkeltjes. Het moet divers blijven."

"Nee zeg, verschrikkelijk", zegt ook Guido van der Meijden over de binnenstadstoerist en het eenvormige horeca- en winkelaanbod dat zich daarop richt. "Al die zaakjes met wafels met Nutella, al die kaaswinkeltjes. Vreselijk." Van der Meijden is eigenaar van Dim Sum Now, een van die nieuwe zaakjes in de Ferdinand Bolstraat die mede dankzij toeristen vanaf dag één vol liepen. "Hier zitten geen ketens, alleen bijzondere restaurantjes met verantwoord eten." Ja, die fietsonderdelenwinkel is weg, die had kennelijk geen bestaansrecht meer. Nee, dat is geen verschraling. "Al die nieuwe restaurants hier zijn juist een verrijking." Een verrijking?

Uiteindelijk niet, voorspelt toerismedeskundige Stephen Hodes. Hij ziet een trend. "De binnenstad is een reservaat voor toeristen geworden. Amsterdammers vinden het daar niet leuk meer, die zoeken tegenwoordig hun vertier in de buurten eromheen, zoals de Pijp. Vooral dáárdoor zijn die al veel drukker. Maar echt, het is een kwestie van tijd dat ook de grote toeristenstroom die buurten bereikt."

En dan gaan buurten als de Pijp de binnenstad achterna: die worden net zo eentonig, met al die gelijksoortige winkels voor die ene soort toeristen. Zie die bijzondere horeca dan nog maar in stand te houden.

"Massatoerisme maakt uitgerekend dat kapot wat bezoekers ooit aantrok: het unieke van een stad", stelt Hodes. Nee, het is niet zo dat de wal het schip keert omdat toeristen wegblijven zodra dat unieke verdwenen is. "Dat unieke komt nooit meer terug, en dat kan de massatoerist niets schelen. Die ziet een stad als decor, meer niet."

Amsterdam: 13 miljoen hotelovernachtingen

Balans is het sleutelwoord in de Amsterdamse aanpak van de drukte in de stad. Vorig jaar boekte Amsterdam bijna 13 miljoen hotelovernachtingen. Wereldwijd blijft het toerisme groeien en Amsterdam zal ongetwijfeld meedelen in die groei. Dat vergt evenwicht tussen de belangen van bewoners, bedrijven en bezoekers.

Ook stadsdeel Zuid (waarvan de Pijp deel uitmaakt) is daarmee bezig. Het overweegt een stop op nieuwe horeca in het noordelijkste (en drukste) deel van de Pijp. Behalve aan de westkant. Want daar ligt het Rijksmuseum en het stadsdeel wil de museumbezoekers niet mislopen. Eetcafés 'met een uitnodigende uitstraling' kunnen hen verleiden de Pijp in te lopen. Buurtbewoners zijn beducht voor een concreter plan. De Heineken Experience, een attractie op de noordrand, wil een nieuwe uitgang aan de buurtkant. Die zou 900.000 bezoekers per jaar de buurt in laten stromen, precies het soort toerist dat veel bewoners liever zien gaan dan komen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden