Nieuw orgel van Orgelpark door Latry briljant ingespeeld

Afgelopen week werd in drie concerten onder grote publieke belangstelling het Frans-symfonische Verschueren-orgel van het Amsterdamse Orgelpark ingewijd. Donderdag sloot Olivier Latry, een van de beroemdste en meest virtuoze Franse organisten van dit moment, dit minifestival af. Met veel bravoure, zeldzame trefzekerheid en gevoel voor dramatiek imponeerde hij zijn publiek en demonstreerde hij dat Amsterdam een briljant concertorgel rijker is.

Orgelspelen lijkt voor Latry een fluitje van een cent, niet alleen als hij de moeilijkste literatuur speelt, maar ook als hij binnen enkele seconden een complete symfonie moet improviseren. Tegelijk moet worden vastgesteld dat hij niet de grootste poëet onder de organisten is. Met name het Choral nr. 2 van César Franck zou met wat meer adem gespeeld een weldaad geweest zijn in het verder sterk op virtuositeit gerichte programma.

In de hoge, maar compacte zaal krijgt het publiek de klank van het nieuwe orgel – gebouwd naar voorbeelden van de Franse symfonische orgels van Aristide Cavaillé-Coll – nogal direct over zich uitgestort. Bovendien is het een gegeven dat dit orgeltype van nature een sterker en extraverter klankbeeld heeft dan bijvoorbeeld het Duitse of Engelse uit dezelfde periode. Wat dat betreft sloten het temperament van organist en orgel donderdag volledig op elkaar aan. Dat leidde tevens tot het voornaamste bezwaar van deze avond: het spectaculaire concert kwam ietwat overdadig over. Wellicht zou een ingetogener spelende organist de lyrische kwaliteiten van het Verschueren-orgel beter over het voetlicht hebben gebracht.

Nadat Latry geopend had met Saint-Saëns’ Prélude en Fuga in Es, waarin hij al heel wat registers had opengetrokken, was mijn eerste conclusie: dit orgel schreeuwt om een aanzienlijk grotere zaal. Omdat dit niet mogelijk is, zal het vooral een taak voor organisten zijn om met wijsheid te registreren.

Het is onmogelijk om een pas opgeleverd orgel definitief te beoordelen. Orgelpijpen ’zetten’ zich in de loop van de tijd en gaan dan vanzelf milder en muzikaler klinken. Tegelijk krijgt de orgelbouwer de kans door intonatie en aanpassingen aan het klankconcept te sleutelen na de eerste concertervaringen. Voorlopig moeten we vaststellen dat het instrument imponeert, maar dat het op de lange duur meer boeit als de klank getemperd wordt. Wie houdt van subtiele, impressionistische mezzotinten kan voorlopig beter terecht bij het Sauer-orgel, dat tegenover het Verschueren-orgel staat. Maar, het Orgelpark is een bijzondere aanwinst rijker.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden