Nieuw Nederlands talent laat op zich wachten

Met de klassieker Omloop Het Volk begint vandaag het wielerseizoen in de lage landen. De Nederlandse toppers, inmiddels allemaal dertiger, nemen in het peloton steeds meer een dienende rol in. Het wachten is op de doorbraak van die paar talenten die ons land rijk is.

AMSTERDAM - Er was een tijd dat Nederlandse wielerploegen buitenlandse renners in dienst namen voor het vuile werk in de anonimiteit van het peloton. Vooral braveriken uit België waren populair omdat ze zo gedienstig bidons gingen halen of op kop gingen beuken als Raas, Knetemann, Kuiper, Zoetemelk of Blijlevens daar om vroegen. PDM werkte aan het einde van de jaren tachtig weliswaar met een buitenlandse kopman (Delgado, Kelly), de formatie had met Theunisse, Rooks en Breukink altijd ook Nederlandse aanvoerders in de rondte rijden.

Anno 2003 zijn Nederlandse wielrenners vooral dienaren van buitenlandse vedetten. Meer konden ze de afgelopen jaren niet afdwingen. De uitschieters kwamen ook in 2002 op naam van renners die al eerder de status van kopman hadden afgedwongen, Erik Dekker (Tirreno-Adriatico) en Michael Boogerd (koninginnerit in de Tour de France naar La Plagne). Geen landgenoot wist een aansprekende klassieker te winnen. In het UCI-landenklassement zakte Nederland, dat jarenlang stevig op de zesde plaats stond, naar de achtste plaats.

In het transferbeleid van de Rabobank is de afnemende kwaliteit van het vaderlands cyclisme eenvoudig terug te zien. Het Rabo-wielerplan is in 1996 opgezet om hier de wielersport te promoten, maar meer dan ooit heeft het team nu een internationaal karakter. Boerman, Pronk en Duijn moesten plaatsmaken voor Bartko (Duitsland), Rasmussen (Denemarken), Freire (Spanje) en Hunter (Zuid-Afrika). Nederlandse alternatieven trof manager Jan Raas op de markt niet aan.

Freire zal met Hunter de voorhoede vormen in de Vlaamse klassiekers, nu Dekker blijft tobben met een knieblessure. Zonder hem zal de meeste Nederlandse hoop in het voorjaar toch weer op Boogerd worden geprojecteerd, met name in de Waalse klassiekers. In de Tour de France zal, net als vorig jaar, de Amerikaan Levy Leipheimer de kopman zijn. Geen van de andere Nederlandse Rabo's morrelde afgelopen jaar met succes aan de hiërarchie.

In buitenlandse dienst zijn de Nederlanders evenzeer in de rangorde gezakt. Dat geldt voor Tristan Hoffman, die bij het Deense CSC twee matige seizoenen achter de rug heeft. US Postal contracteerde Max van Heeswijk als een goedkope pion in de uitverkoop, een gokje waard. Aart Vierhouten ging ooit weg bij de Rabobank omdat hij meer kansen voor zichzelf wilde, maar zal ook dit jaar bij Lotto-Domo vooral in dienst van Robbie McEwen moeten fietsen. Bij QuickStep-Davitamon heeft Servais Knaven voor de stenenklassiekers de rol van wegkapitein gekregen -een soort regisseursfunctie- en Leon van Bon mag nog rekenen op een vrije rol bij Lotto-Domo.

Opvallend aan dit contingent nationale toppers -inclusief Dekker en Boogerd- is dat ze allemaal tot dezelfde generatie behoren. Allemaal zijn ze de grens van dertig jaar reeds gepasseerd. Bij de tweede Nederlandse ploeg, het bescheiden BankGiroLoterij, zet die trend zich voort. De 34-jarige Bart Voskamp is daar de onbetwiste kopman. Met de sprinters Kemna (34), Blijlevens (31) en Koerts (33) zal hij moeten zorgen voor resultaten buiten de grote ronden en de wereldbekerwedstrijden. Terwijl BankGiroLoterij vooral opvang biedt aan renners die bij grote teams buiten de boot vielen, is bij de Rabobank de eigen kweek niet zodanig doorgegroeid dat de buitenlandse aankopen niet nodig waren. De ploegleiding had het, ook gelet op het chauvinistische uitgangspunt van het wielerplan, graag anders gezien. Karsten Kroon won vorig jaar weliswaar fraai een Touretappe, dat was met recht een incident in een verder pover seizoen. Addy Engels werd tiende in een bergetappe in de Giro maar ondervond dat de Tour van een ander kaliber is.

Komt in 2003 hun echte doorbraak? Kroon en Engels zijn talentvol, zoals Marc Lotz al jaren te boek staat. En de eerste schermutselingen dit seizoen mogen, voorzichtig, bemoedigend worden genoemd. Er fietst talent rond. Bram Schmitz van BankGiroLoterij won de Ronde van Rhodos. In de Gold Race van vorig jaar had hij al blijk gegeven van zijn potentie. Bram de Groot liet ook hoopgevende dingen zien.

Het meeste opzien baarde Remmert Wielinga. De 24-jarige Rabo-renner won ritten in de Ronde van Mallorca en de Ruta del Sol. Wielinga bezit een capaciteit die in Nederland zo zelden is geworden: klimmen. Maar, zoals ploegleider Adrie van Houwelingen al nuanceerde, op vlakke wegen heeft hij soms nog moeite om te volgen.

De opbeurende signalen van de afgelopen weken kwamen uit voorbereidingskoersen in Zuid-Europese oorden. Het echte werk begint vandaag, met Omloop Het Volk waarin de Muur van Geraardsbergen de mannen van de jongens zal scheiden. En anders de Oude Kwaremont wel. Nu hebben de laatste jaren bewezen dat in dit soort zware klassiekers rijpe dertigers het beste tot hun recht komen. Het is precies de categorie die in het Nederlandse wielrennen het best bezet is.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden