Niet zo vertrut als Amsterdam

Berlijn is ook vijftien jaar na de val van de Muur nog spannend en biedt duizenden kunstenaars de ruimte. De stad staat vol leegstaande fabrieken en oude industriecentra uit de DDR. Nederlandse kunstenaars en cultuuractivisten brengen er leven in de brouwerij.

In een oude autospuiterij in de Oost-Berlijnse wijk Friedrichshain bedrijft Joep van Liefland (38) zijn galerie Autocenter. Van buiten is niet direct zichtbaar dat het kale industrieterrein een plek voor kunstliefhebbers biedt. Alleen als je de grijze poort opent, openbaart zich de Geheimtip.

Van Liefland bouwde onlangs zijn 'Video Palace' in een nieuwe cocktailbar vol socialistisch design op de KarlMarxAllee weer op. In de zelfgebouwde bioscoop liet hij smeuïg videowerk zien en tegelijkertijd verkocht de Utrechtse fotokunstenaar achter een stand zijn filmpjes. De White Russian drinkende – een cocktail van wodka, room en koffielikeur – bezoekers keken verwonderd toe.

,,Nederland was me te klein, te vol, te druk”, zegt Van Liefland over zijn vertrek naar Berlijn. En dus pakte hij in 1996 zijn spullen en kwam naar de Duitse metropool. Het Autocenter was voor nop te krijgen, zijn andere 120 vierkante meter grote atelier kost Van Liefland twee euro per vierkante meter. De kunstenaar vindt dat een voorbeeld voor Nederland. ,,Ze moeten ons de ruimte en vrijheid geven, letterlijk en figuurlijk.”

Ook Remco Schuurbiers is een Nederlander die Berlijn beweegt. Hij organiseert al jarenlang de Club Transmediale, het goedbezochte festival voor elektronische muziek en visuele kunsten dat rondom het filmfestival Berlinale plaatsvindt. In 1998 kwam hij naar Berlijn vanwege 'menselijke' redenen: de liefde, de relatief makkelijke taal, de lage huur en het feit dat het in Berlijn niet zo vaak regent.

Met hun argumenten staan ze niet alleen. Ruim honderd Nederlandse kunstenaars en cultuuractivisten hebben Nederland achter zich gelaten om in Berlijn de creatieve vrijheid te genieten. De 36-jarige Schuurbiers liet de Koninklijke Academie in Den Haag achter zich omdat in Nederland 'alles alleen met subsidie gebeurt'. Hij vond voor zijn projecten te weinig animo en spontaniteit. ,,Hier kun je mensen nog motiveren om samen iets op poten te zetten.” Zo organiseert Schuurbiers regelmatig het event pingpongcountry: daar wordt in verschillende clubs tafeltennis gespeeld onder het genot van countrymuziek. En zo komen al jarenlang Nederlanders af op de nog steeds werkzame mythe van het dynamische Berlijn, waar alles mogelijk zou zijn. Vanwege de relatief lage prijzen, het ruime atelieraanbod, de industriële charme van vervallen fabrieken en de grote interesse voor experimentele kunst en cultuur worden gelukzoekers als een magneet tot de metropool aangetrokken. Een van hen is Maarten de Jonge, die in Zurmöbelfabrik allerlei culturele activiteiten aanbiedt. De Hollander bedrijft in de 400 vierkante meter grote kelder een galerie, laat club-tv met Nederlandse comedyseries als Jiskefet en Koot en Bie zien, alsmede ondergrondse lezingen en theatervoorstellingen, waar ook Nederlandse bands optreden. Deze week organiseert hij weer Hit and Run Kino, waarbij bezoekers zich bij een metro-uitgang verzamelen en 'onbekende films op onbekende plekken' te zien krijgen. Dat kan een verlaten DDR-hal zijn maar ook een bunker of een penthouse aan de Spree.

,,Door de geringe vraag naar en prijs van onroerend goed kan ik hier doen wat ik wil”, zegt De Jonge (36). ,,In mijn eigen ruimte betaal ik slechts 2,50 euro per vierkante meter.” Met bierverkoop bij feesten in de catacomben van een oude brouwerij uit de Kaiserzeit financiert hij andere activiteiten zoals een festival voor performancekunst. ,,In het overgereguleerde Nederland wordt alles direct ontwikkeld; hier is nog ruimte voor tussentijds gebruik van leegstand.”

De voormalige grensstad Berlijn mag dan wel failliet, de werkloosheid torenhoog en de economische crisis op veel plekken zichtbaar zijn, anderzijds is hier nog ruimte om te experimenteren, zijn mensen bereid tijd vrij te maken om elkaar te helpen bij kunstprojecten en worden 'broedplekken' en honderden andere culturele vrijplaatsen niet door uitsterving bedreigd.

De Kalenderpanden in Amsterdam, de Blauwe Aanslag in Den Haag en het Poortgebouw in Rotterdam kunnen er nog een puntje aan zuigen. In Nederland worden deze initiatieven vanwege de woningnood de nek omgedraaid. Natuurlijk kent ook Berlijn het verschijnsel gentrification, waarbij kunstenaars een leegstaand gebouw interessant voor investeerders maken, waarna de eersten moeten vertrekken om plaats te maken voor welgestelde huurders. Maar de door oorlog en deling geplaagde stad biedt nog altijd honderdduizenden vierkante meters leegstand.

Onlangs kwamen twee delegaties van de gemeente Amsterdam op bezoek. De ambtenaren van Kunst en Cultuur en Stadsontwikkeling bekeken ateliers van Nederlandse kunste-De naars, zagen de positieve gevolgen van kunst in leegstaande panden en de opgeknapte buurten in Berlin-Mitte, vertelt voorlichtster Marieke Hoekstra. Ook bezochten zij de toenmalig cultureel attaché George Lawson. Die roemde de herontdekking van Duitsland, 'dat lange tijd niet sexy was'. ,,Nederland moet zuinig op zijn kunstenaars en broedplaatsen zijn. In Berlijn heeft nog niet elke ruimte een bestemmingsplan”, meent Lawson.

Ferdinand Dorsman, de nieuwe cultureel attaché op de Nederlandse ambassade in Berlijn, zegt dat Nederlandse kunstenaars in Berlijn in de smaak vallen. ,,Ze hebben de naam grappig, speels en locker te zijn.”

door architectuurtoeristen overspoelde Nederlandse ambassade in de nieuwe kubus van Koolhaas houdt een lijst bij waarop zo'n tachtig kunstenaars staan. Omdat niet elke artistiekeling zich netjes aanmeldt kunnen dat er zeker twee keer zoveel zijn, vermoeden ingewijden. Op de 3100 Berlijnse Nederlanders betekent dat zo'n vijf procent Hollandse kunstenaars.

Waling Boers biedt hun met zijn project space BüroFriedrich al jarenlang een platform. Direct aan de Spree, onder de metro gelegen organiseert hij exposities, discussies en andere kunstprojecten met niet de minsten: Aernout Mik en Rineke Dijkstra, Marijke van Warmerdam en Erik van Lieshout. De 2,5 ton subsidie die hij daar voor kreeg is door staatssecretaris Van der Laan stopgezet. ,,De Raad voor Cultuur vindt Berlijn kennelijk niet meer belangrijk”, foetert de tentoonstellingsmaker in pak met sportschoenen.

Ook het Fonds voor Beeldende Kunst, Vormgeving en Bouwkunst (BKVB) ondersteunt Nederlandse kunstenaars. Iris van Dongen (29) werkt nu met een beurs een jaar in het oude Bethanien-ziekenhuis in de Berlijnse wijk Kreuzberg. Zo kan zij ongestoord aan haar schilderijen werken. Momenteel toont ze haar zwartromantische zelfportretten in heel Europa.

Haar man Marc Bijl had al eerder de BKVB-subsidie voor Bethanien gekregen. Met talloze interrupties in de openbare ruimte speelde het enfant terrible zich internationaal in de kijker. Berlijn diende als springplank. ,,Hier is niet alles zo vastgeroest en aan het vertrutten zoals in Amsterdam. Hier is nog genoeg Lebensraum”, lacht Bijl, die tevens bassist is in de gothic-band Götterdümmerung.

Inmiddels stelt de geboren Gorku-mer tentoon in Athene, Istanbul en New York. Bijls werk hing net in het Amsterdamse SMCS. Zijn kunst is confronterend: in zijn performances zoekt hij in de metro met kalasjnikovs naar massavernietigingswapens, fouilleert hardhandig argeloze museumbezoekers en beschiet kunstwerken vanuit een rijdende Oldsmobile met oranje verf.

Het Rotterdamse TENT is daar wel van gecharmeerd. Zij tonen begin november 'Foreign Affairs', een expositie over Nederlandse kunstenaars in Berlijn. Tentoonstellingsmaker Roelant Otten selecteerde onlangs de betrokkenen. Hij is enthousiast over de stad in ontwikkeling:,,Het is fantastisch te zien wat er hier allemaal mogelijk is. In Rotterdam kun je de expositieplekken op één hand tellen.”

Verscholen in de zijruimte van een leegstaande Berlijnse tramremise staat een auto te glimmen. Het is een verchroomde Rolls-Royce met daarin een aquarium en vijf hongerige piranha's. Een lokvis heeft al wat vinnen verloren. ,,Dit is een antwoord op de statussymbolen van de consumptiecultuur”, zegt kunstenaar Dirk Krechting, die 350 000 euro voor zijn installatie wil hebben.

De 35-jarige Hagenaar werkte drie jaar aan dit kunstobject. Nu staat zijn 'Immobile Progress' op de eerste Berlijnse Kunstsalon en trekt drommen verbaasde bezoekers aan. Krechting voelt zich in zijn atelier Ostpost, een Oost-Duits postkantoor, als een vis in het water. ,,Als kunstenaar ben je buitenstaander en die houden zich per definitie met het vreemde bezig. In Nederland worden we soms als een probleem gezien. Terwijl de beste koppen bij migratie altijd het eerst vertrekken.” Krechting ondervond in Berlijn meer waardering voor zijn werk en merkte dat de afzetmarkt in Duitsland sowieso veel groter is. En: ,,Pas toen hier woonde, werd ik in Nederland serieus genomen.”

Dat geldt ook voor Iepe Rubingh. Amsterdam ademde volgens de gesjeesde student geschiedenis te weinig verandering. Hij trok op goed geluk naar Oost-Berlijn, bouwde als een eerste performance de Muur weer op, liet een boom regenen – Het Wonder van Berlijn – en heeft er net de eerste schaakboksclub ter de wereld opgericht.

Schaakboksen? Jawel, de nieuwe sport waarbij een ronde schaken wordt afgewisseld met een ronde boksen. Schaakmat, knock-out of het aflopen van de tijd beslist de partij. Op een bouwplaats in Berlijn-Mitte vond de vuurdoop van de 'World Chess Box Organization' plaats. Later bespeelde Iepe The Joker een vol Paradiso in Amsterdam en vocht hij ook in Tokio.

,,Vechten doe je in de ring en oorlog voer je op het bord”, grijnst de 30jarige Iepe.

D e blonde Rotterdammer met de kenmerkende houten bril – 'door mijn vader zelf getimmerd' – is al jaren goed voor spectaculaire kunstacties in Berlijn. Iepe the Joker is een selfmade man zonder vaste galerie. Samen met een stevig netwerk van helpers kan hij wereldwijd flexibel zijn hobby uitvoeren: het propageren van de narrenvrijheid.

Niet alle Nederlandse kunstenaars in Berlijn blijven ook. Sommige pendelen nog, zoals Marc Bijl, en andere gaan weer terug. Florentijn Hofman leefde in 2001 een jaar in Berlijn. ,,Het bood mij inspiratie.” Die gebruikt hij nu in Rotterdam om reusachtige konijnen uit wrakhout en metershoge herdershonden uit stro te maken. ,,Maar Berlijn gaf me ruimte om te denken.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden