Niet-roken is kopzorg wetgever

De Nederlandse rechters gunnen werknemers een rookvrij klimaat, blijkt uit recente vonnissen. Prachtig. Nu de Tweede Kamer nog. Alleen met een sterke wettelijke rugdekking kan de niet-roker de slag om frisse lucht op de werkvloer in zijn voordeel beslechten.

Waar blijft het wettelijk rookverbod op de werkvloer? Na het vonnis van de president van de Bredase rechtbank in de zaak-Nooijen tegen PTT Post was de algemene verwachting dat een wettelijk verbod op het roken op de werkplek op korte termijn in het verschiet zou liggen. In het voorstel voor de nieuwe Tabakswet is echter nog geen rookverbod op de werkplek opgenomen.

Minister Borst heeft naar aanleiding van de uitspraak op 30 november van de president van de Haarlemse rechtbank in een zaak tegen de epilepsie-instelling Cruquius Hoeve ferme uitspraken gedaan over een wettelijk rookverbod, maar dat deed zij na de zaak-Nooijen/PTT Post ook.

Uit de behandeling van het voorstel voor de nieuwe Tabakswet medio dit jaar in de Vaste commissie van Volksgezondheid, bleek dat er in de Kamer onvoldoende steun is voor een wettelijk rookverbod. Er wordt, zoals het er nu naar uitziet, volstaan met het opnemen van een grondslag in de wet, op basis waarvan een algemene maatregel van bestuur kan worden genomen. Dat is echter zeer vrijblijvend. Zolang een verbod uitblijft zullen werknemers om een verbod af te dwingen, tegen hun eigen werkgever moeten procederen. De reden dat de uitspraak van de rechtbank Breda niet heeft geleid tot een hausse aan procedures van werknemers die hetzelfde willen bereiken als Nanny Nooijen, is de grote drempel die het procederen tegen de eigen werkgever nu eenmaal met zich meebrengt. Een dergelijke procedure zal over het algemeen niet bevorderlijk zijn voor de verdere carrièrekansen.

Het overlegmodel met als uitgangspunt: 'Roken, dat lossen we samen wel op', werkt niet voor iemand die allergisch is voor tabaksrook. Op dit punt wringt in veel bedrijven dan ook de schoen. Vaak wordt -naar goed Hollands gebruik- gezocht naar een compromis en wordt het rookbeleid ingevuld op basis van consensus.

Gezondheid laat echter geen compromissen toe. Zou een verbod op roken op de werkplek wettelijk zijn vastgelegd, bij voorkeur in de Arbeidsomstandighedenwet, dan kan een werknemer, zelfs anoniem, de Arbeidsinspectie inschakelen. De Arbeidsinspectie kan dan met allerhande maatregelen het rookverbod afdwingen.

Zoals het er nu echter uitziet, zal een werknemer die rookvrij wil werken deze sterke wettelijke rugdekking nog lange tijd moeten ontberen en naar de rechter moeten stappen. Gelukkig voor deze werknemer, zijn de argumenten die hij of zij heeft om voor de rechter een rookverbod af te dwingen sterk. In de eerste plaats wees de rechtbank Breda in de zaak-Nooijen/PTT Post op het in de Grondwet neergelegde recht op bescherming van lichamelijke integriteit en gezondheid. Werknemers hebben echter nog een sterkere troef in handen. Zij kunnen namelijk een beroep doen op het Burgerlijk Wetboek en de Arbeidsomstandighedenwet. Daarin is een vergaande zorgplicht neergelegd voor de werkgever voor de veiligheid en gezondheid van werknemers.

De Gezondheidsraad heeft in 1990 al gezegd dat er voor een kankerverwekkende stof als tabaksrook geen veilige ondergrens is te geven. Ook de regering heeft dit inmiddels onderkend.

De zorgplicht die een werkgever heeft voor de veiligheid en gezondheid van zijn werknemers laat geen compromissen toe. Aan de zorgplicht op dit punt kan alleen worden voldaan als de tabaksrook op de werkvloer wordt uitgebannen. Werknemers die toch willen roken, zullen dat in een bepaalde rookruimte moeten doen.

Indirect zijn er op basis van de wet voldoende aanknopingspunten te vinden om een rookverbod af te dwingen via de rechter. Dat zou echter niet nodig moeten zijn. Het zet de arbeidsverhouding onnodig onder druk. Anderzijds durven veel werknemers die stap ook niet te nemen en haken daardoor ziek af. Een onnodige toestroom tot de WAO is daarvan het gevolg.

De Tabakswet kent nu voor de overheidssector wel een rookverbod. En dat betekent dat een incidentele bezoeker van het gemeentehuis wel een rookverbod kan afdwingen met de Tabakswet in de hand, maar dat een werknemer die de hele dag in de rook zit niets kan met de Tabakswet. Het is dan ook hoog tijd dat de overheid daadkracht toont.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden