Niet meer iets maken voor de vuilnisbelt

Van wieg naar wieg, dat is het ideaal van de circulaire economie. Een product zo ontwerpen dat er na gebruik nog iets nuttigs te doen is met alle onderdelen en materialen. Het kan makkelijk uit elkaar, componenten dienen als grondstof of als onderdeel voor iets anders en de eventuele rest is biologisch afbreekbaar. Van wieg naar graf is nu nog de gebruikelijke manier van iets maken, de lineaire economie. Van gebruik loopt er doorgaans één rechte lijn naar de afvalhoop.

Onder de naam 'cradle to cradle' heeft de Duitse wetenschapper Michael Braungart een stevige impuls gegeven aan de circulaire economie. De chemicus publiceerde in 2002 samen met de architect William McDonough het wereldwijd bekende boek 'Cradle to Cradle: Remaking the Way We Make Things'. Braungart bracht eigenlijk een relatief optimistische boodschap. Geen doemverhaal over de uitputting van de planeet en consuminderen, maar praktische handleidingen hoe producten anders te ontwerpen. Zodat ze niet alleen, deels, te recyclen zijn, maar zodat met de componenten ook weer hoogwaardige nieuwe producten zijn te maken.

Inmiddels is er een voorhoede van bedrijven die de principes van wieg tot wieg, of meer algemeen de circulaire economie, zo ver als mogelijk probeert toe te passen. Tapijtfabrikant Desso bij voorbeeld haalt oude vloerbedekking terug en maakt daar nieuwe tapijten van. Kantoorinrichter Ahrend maakt recyclebaar meubilair, zoals tafelbladen zonder formaldehyde.

Volgens cijfers van verschillende instituten valt er veel te winnen met een circulaire economie. Het Europese bedrijfsleven zou ruim 300 miljard euro kunnen besparen door veel handiger met afval en grondstoffen om te gaan, stelde een Europees bureau een paar jaar geleden. Het Nederlandse TNO berekende dat het beter benutten van kansen voor de circulaire economie Nederland 7 miljard euro zou opleveren.

Nederland heeft een goede uitgangspositie. Internationaal voert het recycle-ranglijstjes aan, constateert het Planbureau voor de Leefomgeving. Van al het afval dat vrijkomt, wordt bijna 90 procent opnieuw gebruikt of nuttig toegepast. Gemiddeld in Europa is dat 40 procent. Er is bovendien veel kennis opgebouwd, onder meer over het uit elkaar pluizen van elektrische apparaten en autowrakken.

De volgende stap naar de circulaire economie - niet alleen nog iets nuttigs doen met afval, maar er hoogwaardige grondstoffen uit vissen - moet Nederland kunnen zetten, denkt PBL. Daarvoor is wel nodig dat het afvalbeleid van verschillende Europese landen meer op elkaar wordt afgestemd. Dat stimuleert concurrentie en vernieuwing. Ook moeten de regels anders. Iets met het stempel 'afval' kan namelijk niet zo maar als grondstof gebruikt worden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden