Review

Niet Marieke, maar haar stoute schóenen schoppen!

Arno's allereerste schooldag.

Er melden zich die avond zeventien gegadigden en tante keurt ze allemaal af. Nu eens ruiken ze naar olie, dan weer naar teer en een moeder met twee kinderen wijst zij af vanwege te verwachten snottebellen aan de neus en 'hondenpoepjes' aan de schoenen. Maar opeens is daar het spook, die níet kruimelt met de beschuit en dol is op spelletjes. Met hem wil tante Thee het wel proberen. Dan breekt er een heerlijke tijd aan, waarin ze veel touwtje springen, verstoppertje spelen en van de trapleuning naar beneden glijden. Ze hebben altijd pret en gaan altijd lekker laat naar bed.

Totdat -het is inmiddels weer april- tante Thee weer eens aan de jaarlijkse groteschoon maak begint en het hele huis in het sop zet. Zelfs de kelder, het rommelige en van lekker veel spinrag voorziene privé-vertrek van het spook, moet eraan geloven. Van schrik valt het spook twee kilo af ('Dat is véél hoor, voor een spook'). Als de schoonmaak klaar is, is hij vertrokken. Pas weken later verschijnt hij weer ten tonele. Vanaf dat moment spelen tante Thee en het spook weer heerlijk samen. En zo gaat dat nu al jaren. Maar elk jaar in april ontvlucht het spook de schoon maakwoede van tante Thee en neemt hij enkele weken vakantie.

Het verhaalgegeven is heel bescheiden, zoals meestal in prentenboeken. Toch werkt Elisabeth Tolenaar het leuk uit. De frisse illustraties van Georgien Overwater voegen er bovendien allerlei grappige details aan toe.

Ook in 'Stoute schoenen' van Bette Westera krijgt de (kinderlijke) fantasie het volle pond. Ditmaal wordt die fantasievolle component niet verzorgd door een spook, maar door twee schoenen die zelf kunnen lopen. Stoute schoenen! De fantasie wordt in dit geval echter met een komisch-realistische knipoog in stelling gebracht. Want die geheimzinnige schoenen zijn van de kleine Marieke en ze doen 'toevallig' steeds precies wat het meisje wil en haar goed uitkomt. Als Marieke ze aandoet lopen ze vanzelf naar de snoepkast en blijven daar net zolang staan tot zij een handvol dropjes heeft gepakt. En als ze boos is omdat ze spruitjes moet eten of op tijd naar bed moet, beginnen haar schoenen 'vanzelf' te schoppen en te stampvoeten. Daarentegen 'verzetten die dekselse schoenen geen stap' wanneer Marieke tegen haar zin naar tante Mathilde moet. Als mama dan boos wordt, zegt het slimme meisje 'gedwee': 'het komt door mijn schoenen, díe willen niet mee!' Zelfs een kleuter voelt hier natuurlijk nattigheid. Marieke heeft wel erg veel profijt van deze (pseudo-)fantasie!

De expressieve tekeningen van Anton Feddema houden de illusie echter voorbeeldig in stand. Hij brengt de schoenen steeds pontificaal en levendig in beeld, met van die ondeugende (veter)oogjes en van die lange, als olijke tentakels krioelen de veters die van alles doen wat eigenlijk niet mag. Zijn illustraties nemen de fantasie van de levende schoenen als het ware in bescherming tegen de tekst die die fantasie juist stiekempjes ontmaskert. Of kleuters deze oppositie tussen tekst en beeld ook zullen aanvoelen waag ik overigens te betwijfelen.

In tegenstelling tot de vorige twee boeken is 'Een bijzondere dag' van Yvonne Jagtenberg puur realistisch. Op het eerste gezicht tenminste. Het beschrijft de allereerste schooldag van de kleine Arno. Het is een dag vol onzekerheid en kleine verdrietjes. Wat mij direct voor dit boek innam zijn de tekeningen, eveneens van Yvonne Jagtenberg. Met hun robuuste perspectivische vlakverdeling en de bewust wat stijf uitgevoerde figuurtjes op de voorgrond (Arno houdt z'n armen meestal strak langs het lichaam) zetten ze meteen de toon: Arno is geïmponeerd en bang.

De dag verloopt dan ook niet zoals hij het zou willen. Als een meisje zijn hand pakt en hem vriendelijk naar zijn plaats brengt, is hij daar niet blij mee. Hij wil geen hand. Hij moet een ketting maken terwijl hij eigenlijk liever zou tekenen. En met gym doen ze spelletjes waarbij hij zich evenmin senang voelt. Schuchterheid en onwennigheid spelen hem voortdurend parten. Maar als ze ten slotte het lied van Roodkapje gaan zingen en Arno, met het wolfsmasker op, voor wolf mag spelen, is hij opeens in zijn element. Want de andere kinderen, wier fantasie op hol slaat, vinden het eigenlijk nogal eng, dat wolfsmasker, en nu zijn zíj het die geïmponeerd zijn.

Het aardige is dat ook dit realistische boek in de kern dus een fantasievolle knik bevat. Yvonne Jagtenberg heeft maar een vleugje fantasie nodig -geen levende schoenen en zeker geen spook- om de werkelijkheid zo op te rekken dat haar lezertjes er zich in thuis zullen voelen. Vanwege die economie en elegantie vind ik haar boek -en dat is typisch het oordeel van een volwassene, vrees ik- interessanter dan 'Stoute schoenen' en 'Laat naar bed'. Maar die laatste twee zijn, eerlijk is eerlijk, veel grappiger, en dat weegt voor kleuters weer zwaar.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden