Niet langer een marine-stad Den Helder moet nog wennen aan nieuw toeristisch imago

DEN HELDER - Vooraf schoven de veelal bedaarde wijze heren met speldjes op hun revers en goedgekapte dames aan bij een royale lunch. Daarna schreden ze over de rode loper voor de Helderse schouwburg naar de bus, voor een uitgebreide rondleiding in de oude rijkswerf Willemsoord.

JASPERIEN VAN WEERDT

Bij terugkomst hielden de hoogwaardigheidsbekleders een reeks toespraken die gepaard gingen met het over en weer uitdelen van cadeautjes en complimentjes. En ten slotte proostten de genodigden bij de uitgebreid aangeklede borrel op het prettige verloop van de middag.

De presentatie van het 'masterplan' van Den Helder, een miljoenen verslindend project dat voorziet in een grote toeristische attractie, werd omkleed met trots en mooie woorden.

Maar in werkelijkheid is het plan bittere noodzaak. De marine krimpt voor een kwart in, goed voor een verlies van vierduizend arbeidsplaatsen. Om die afslanking te compenseren pompt het rijk bijna zeshonderd miljoen gulden in grote projecten met als doel de toerist naar de kop van Noord-Holland te lokken. En zo moet Den Helder van een marinestad veranderen in een plaats waar toerisme één van de belangrijkste economische peilers vormt.

Wie Den Helder binnenkomt, merkt dat daar de marine in alle poriën aanwezig is. Het Marinemuseum, imposante grijze oorlogsschepen en havens. Dit Gibraltar van het noorden, zoals keizer Napoleon de vestingstad eens poëtisch betitelde, heeft trekken van een monocultuur. Twee derde van de bevolking van Den Helder is afhankelijk van de marine. De meerderheid hiervan is rechtstreeks in dienst van Defensie. Een ander deel is werkzaam in één van de vele toeleveringsbedrijven die de marine in Den Helder heeft aangetrokken.

Afslankingsoperatie

Maar de Prioriteitennota van 1993 voorziet in een grote afslankingsoperatie van de Koninklijke Marine. In het jaar 2000 moet het personeelsbestand van 16.500 zijn afgenomen tot 12.500. Anderhalf duizend mensen zijn inmiddels vertrokken, nog los van de hiervoor genoemde toeleveringsbedrijven die worden meegetrokken. En los van de marine zit ook de off shore in een economisch dal.

Als gevolg van de economische recessie vreest de gemeente Den Helder volgens voorlichtster H. van der Sluys een vergrijzing van haar bevolking. Jongeren trekken immers uit de stad weg, door de slechte perspectieven op een baan.

Den Helder heeft vier jaar de Artikel 12-status gehad, die in januari verloopt. Dit hield in dat het rijk de tekorten op de gemeentelijke begroting van Den Helder aanvulde onder voorwaarde dat de gemeente alleen nog met toestemming van het rijk geld mocht uitgeven. Deze status werd onder meer aangevraagd omdat Den Helder steeds hogere lasten kreeg door stijging van de werkloosheid en de decentralisatie.

Om deze ontwikkeling een halt toe te roepen, heeft de gemeente Den Helder drie grootse projecten op stapel staan die van de stad in de kop van Noord-Holland een paradijs voor toeristen moet maken. Zo is er Fort Kijkduin, een project dat het gelijkgenoemde militaire fort uit de Napoleontische tijd in ere moet herstellen. Begin volgend jaar kunnen een nieuw gebouwd zeeaquarium en een restaurant door het publiek bezocht worden. Den Helder hoopt als dit project over ongeveer twee jaar af is, ongeveer honderdvijftig- tot tweehonderd duizend extra toeristen te trekken. Deze actie vergt twintig miljoen gulden. Het tweede grote project werd in november vorig jaar gepresenteerd: Port Poseidon. Op een pijlerdam voor de kust wordt een wandel-, woon- en recreatiepier gebouwd. Kosten: bijna tweehonderd miljoen gulden.

Kaapse klokgeveltjes

En vrijdag is dan het derde plan gepresenteerd. Op de voormalige rijkswerf Willemsoord van de Koninklijke Marine wordt een cultuurhistorisch themapark gebouwd: 'The Dutch Overseas'. Dit houdt in dat het terrein in vier stukken wordt verdeeld. Elke afdeling vertegenwoordigt een continent waar ons land in het koloniale verleden een rol heeft gespeeld. In het attractiepark worden replica's gemaakt van gebouwen die Nederlanders in overzeese gebiedsdelen hebben neergezet. Hierbij wordt gedacht aan VOC-pakhuizen op Ceylon en Kaapse klokgeveltjes in Zuid-Afrika. Het plan voorziet verder in de bouw van vier- tot zeshonderd woningen, een even groot aantal parkeerplaatsen, tientallen winkels, restaurants en cafés en tweehonderd ligplaatsen in een te bouwen jachthaven. De combinatie van wonen en recreëren moet ervoor zorgen dat bewoners het park veilig houden en tegelijkertijd gebruik kunnen maken van de voorzieningen in het gerestaureerde Willemsoord. Het park verwacht 350 duizend bezoekers per jaar te trekken en structureel 260 arbeidsplaatsen op te leveren. Voor de bouw moet 300- tot 350 miljoen gulden worden opgehoest, waarvoor nog investeerders worden gezocht. Het zogenaamde masterplan komt uit de koker van oud-directeur van de Efteling Ten Bruggencate, vertegenwoordigers van het Stafbureau van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg, de directeur van het Nederlands scheepvaartmuseum en de directeur van een bureau van architecten en stedebouwkundigen in Maastricht.

Voor met de bouw van het park kan worden begonnen, moeten eerst nog wat zaken worden afgehandeld. De voormalige scheepswerf Willemsoord is nu nog eigendom van de Koninklijke marine. De marine is inmiddels al verhuisd naar een nieuwe Rijkswerf. Willemsoord ligt er nu praktisch werkloos bij. In januari moet het beheer van het terrein worden overgedragen aan de gemeente. Maar de bodem is door de werkzaamheden in de loop der jaren enorm vervuild. Een rigoureuze bodemsanering is dan ook onvermijdelijk. Den Helder moet nu met de marine uitvechten wie de bodemreiniging voor rekening neemt. Verder moet er nog een bestemmingsplan komen.

Redelijk zonnig

Directeur Jong van het arbeidsbureau ziet de toekomst van Den Helder redelijk zonnig in. “Als de grote projecten doorgaan, wordt een groot deel van de ontstane werkloosheid opgevangen. Er komen banen bij in de horeca. We moeten alleen nog even geduld hebben. Het zal nog wel even duren voordat de projecten zijn uitgevoerd.” Wat volgens hem ook nog wel enige tijd in beslag zal nemen, is de cultuuromschakeling. Den Helder zal moeten wennen aan een toeristisch imago, ten koste van de naam van marinestad. “Een maritieme cultuur die in een paar honderd jaar is opgebouwd, verandert niet zommar. Den Helder is en blijft een marine-stad.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden