Niet doorvertellen, maar Wroclaw is net Praag

Wroclaw is dit jaar een terechte culturele hoofdstad. Is het nu gedaan met de rust?

Toegegeven, deze tekst komt met licht ongemak op papier. Niet omdat Wroclaw de woorden niet waard zou zijn, of de juiste woorden niet te vinden zijn. Nee, de reden is dat ik hoop dat Wroclaw, dit jaar een van de twee culturele hoofdsteden van Europa, door alle aandacht en oprukkende toeristen niet te veel zal veranderen.

Bij toeval ontdekte ik Wroclaw anderhalf jaar geleden. Ik kende Polen vooral van een pijnlijk oorlogsverleden, de oude paus en de zogenaamde Polenhotels in de polder. Een schamel rijtje dat snel uitgebreid moest worden. Wroclaw, in het zuidwesten, bleek de goedkoopste en voor mij minst bekende bestemming, en zo liep ik een paar dagen later in de nazomer door de stad. In principe had ik drie dagen lang rondjes kunnen lopen op het enorme marktplein, zo mooi en levendig is het. Midden op de kasseien staat het stadhuis, aan de randen zijn middeleeuwse patriciërswoningen strak tegen elkaar aan gebouwd. Ze hebben meer of minder versierde gevels, maar allemaal in zomerse pasteltinten. Alsof je rondloopt in een snoepjeswinkel, zeker als de zon schijnt.

Verlaat je het plein toch, dan blijkt de rest van de stad ook de moeite. Achter de markt zigzag je door straatjes vol gezellige cafés, antiekzaakjes en restaurantjes, om via het oude deel van het universiteitscomplex bij de oever van de Oder uit te komen. Rechtsom over brug, eiland en brug loop je als vanzelf richting de gotische kathedraal die teruggaat tot de dertiende eeuw.

Niet dat die oorspronkelijke kathedraal er nog staat: inmiddels is nummer vier er verrezen. Net zoals zoveel ander moois in de stad in de loop der eeuwen bij herhaling met de grond gelijk is gemaakt en weer opgebouwd. Makkelijk was dat herstel niet. Na de laatste oorlog werden miljoenen bakstenen naar hoofdstad Warschau versleept voor de wederopbouw daar. Wroclaw moest het zelf maar uitzoeken.

Zo trok de Tweede Wereldoorlog meer sporen in Wroclaw. De nazi's wisten de Joodse geschiedenis grotendeels uit. Daarna volgde een Sovjetbewind waaronder Duitsers en allerlei Duitse verwijzingen uit het straatbeeld verdwenen. Polen die door nieuwe grenzen rond het Oekraïense Lviv waren komen te wonen, trokken juist naar de stad toe. Een stad die pas na de Sovjettijd echt Pools kon worden.

Wat u in die kathedraal trouwens beslist moet doen: u met de lift boven in een van de kerktorens laten afzetten. Het lijkt alsof klein Praag aan je voeten ligt met al dat water, die bruggen en de rode dakpannen. En dat zonder die ellendige toeristenmenigtes die achter omhooggestoken paraplu's de stad doorkruisen.

Ze zijn er wel, backpackers en weemoedige Duitsers, maar niemand loopt elkaar voor de voeten.

Hoe kan het dat zo'n mooie, ontspannen stad zo onbekend is, spookt het door mijn hoofd. Natuurlijk, al die naamsveranderingen helpen niet. Wroclaw kende onder meer Tsjechische, Oostenrijkse, Hongaarse, Duitse en uiteindelijk Poolse heersers en heette al Wrotizlava, Vratislavia, Breslau en nu dus Wroclaw - spreek uit als Wrotswaf. Klanken die niet meteen de pracht van Praag of romantiek van Rome oproepen, al vind je het er allemaal wel.

Niet zo gek dus dat Wroclaw klaar was met zijn eigen onbekendheid en streed om de sjerp met 'culturele hoofdstad van Europa' erop, die ze dit jaar samen met het Spaanse San Sebastian mag dragen. De doelen zijn helder: het aantal toeristen verdubbelen en herkenbaarder zijn binnen Polen en Europa. Oftewel: meer concurreren met populair Krakau een paar uur verderop. Dat is Wroclaw van harte gegund. Dus gaat u, alstublieft. Vertelt u het alleen niet aan te veel mensen verder, goed?

Psst, vijf tips:

1. Joods district

Het oude Joodse district van Wroclaw is nu een hip kruip-door-sluip-door-wijkje met eigentijdse eettentjes, een New Yorkige bagelzaak, fietscafé en sfeervolle omgebouwde melkfabriek die dienstdoet als hostel, café en restaurant met riante binnenplaats.

2. Kabelbaan

Tussen het oude centrum en de dierentuin loop je bij de Technische Universiteit van Wroclaw tegen een kabelbaan aan, de Polinka, die je voor een paar zloty naar de andere kant van de Oder brengt. Altijd goed voor een mooi uitzicht.

3. Spoormarkt

Niet populair bij het stadsbestuur, wel bij koopjesjagers en fotografen: de eindeloos lange zondagse vlooienmarkt achter het Swiebodzki-treinstation. Spullen liggen uitgestald op de sporen, en alles wat je maar kunt bedenken is er te koop.

4. Kabouters

Het protest tegen het communisme had in Wroclaw een absurd symbool: de kabouter. Als eerbetoon aan het verzet heeft zich gaandeweg een kolonie van naar schatting 150 tot 300 kabouterbeeldjes in de stad genesteld. Zie ze maar eens te vinden.

5. Zwemmen

Klaar met alle historie? Pak dan de tram of bus naar Wroclaw Aquapark, een riant zwemparadijs met véél glijbanen en véél zwembaden. Chiquer en centraler is het negentiende-eeuwse gemeentebad aan de Teatralna.

WizzAir vliegt vanaf Eindhoven in anderhalf uur direct naar Wroclaw. LOT Polish Airlines doet er vanaf Amsterdam via Warschau een kleine vier uur over.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden