Niet blijven zeuren over futiliteiten

De gewichtige politieke discussie over de aanvaardbaarheid van de boerka in bepaalde situaties is nog maar net achter de rug of een nieuw urgent probleem dient zich aan: de boerkini, een zwempak voor preutse moslima’s. Of er commercieel veel in zit, zoals de fabrikant aanneemt, waag ik te betwijfelen maar het oogt niet onaardig en het steekt in ieder geval gunstig af bij de flodderige jurken waarin onze grootmoeders een eeuw geleden te water plachten te gaan.

Maar zo optimistisch zal niet iedereen over deze nouveauté oordelen. In deze krant zag Sylvain Ephimenco de ’achterlijke zwemboerka’, zoals hij het noemde, als het zoveelste bewijs dat de positie van de vrouw in onze samenleving steeds meer onder druk staat. Het kabinet gaat daarbij voorop, volgens de suggestie van Ephimenco onder invloed van de patriarchale islam, zoals zijn zedenschets laat zien: „De vrouw als schaamobject dat geen handen van mannen meer mag schudden, met neergeslagen blik en bedekt de straat op moet en met zwemboerka te water gaat”. Het is nog niet zover maar de ’achterlijke middeleeuwen’ komen eraan.

Om aan de hand van een eerste foto van een dameszwemkostuum de Ondergang van het Avondland te voorspellen, gaat nogal ver maar gelukkig kon meteen een ander grof schandaal aan de kaak worden gesteld: de weigering van sommige moslims om een vrouw een hand te geven. Het is een kwestie die al jaren speelt maar die vorige week een nieuwe impuls kreeg door een uitspraak van burgemeester Job Cohen. In antwoord op de klacht van het CDA dat sommige Amsterdamse straatcoaches vrouwen geen hand wensen te geven, zei Cohen daarvan niet wakker te liggen. Als die coaches daarvoor een religieuze reden hebben, dan zij dat zo. Vooral enkele PvdA’ers in de deelraad van Slotervaart kwamen in opstand, wensten dat Cohen zijn woorden zou terugnemen en dat weigerende coaches zouden worden ontslagen: ’Het geven van een hand hoort bij hun werk en is een uiting van respect in de Nederlandse cultuur’.

Ook in dit geval klommen columnisten onmiddellijk in de gordijnen. In de Volkskrant begon Nausicaa Marbe onder de forse kop ’Een hand voor de vrijheid’ een aanval op Cohen, die door dit gedrag te respecteren, ’een ranzige seksistische moraal met carrièreperspectieven bij de overheid’ beloont. Zo worden ’fundamentalistische aberraties verheven tot nationale norm’.

Op dezelfde 22ste februari ging in NRC-Handelsblad ook Heleen Mees in de aanval, al even alarmistisch; en met dubieuze vergelijkingen zoals met de vraag wat er zou gebeuren als zo’n straatcoach zou weigeren alle Joodse inwoners van Amsterdam een hand te geven. (Dat orthodoxe joden een zelfde ’handdruktaboe’ kennen, is haar blijkbaar ontgaan)

De eerste en vooral praktische vraag is wat men hiertegen wil en kan doen. Maakt men zich niet volslagen belachelijk de boerkini in zwemgelegenheden te verbieden? Het pak is van het juiste materiaal vervaardigd en het laat zwemmen vrijelijk toe. Wie er iets tegen heeft, kan dat aan de draagster kenbaar maken. Dat laatste geldt ook voor de weigering een hand te geven: vrouwen die zich beledigd voelen, spreken de weigeraar aan. Dat heeft meer effect dan een formeel gebod want het zal lastig zijn weigerachtige coaches op heterdaad te betrappen. Moet men trouwens dit gedrag afstraffen indien de betreffende vrouwen er geen moeite mee hebben of het verwachten? Die laatste vraag is van belang omdat het in Amsterdam om Marokkaanse vrouwen ging.

Belangrijker dan deze praktische punten is het bezwaar dat men kan maken tegen het in de publiciteit zoveel mogelijk uitvergroten van wat in wezen kleine incidenten zijn. Het zou nog passabel wezen indien het niet de polemische rafelrand van een veel algemener debat zou betreffen: de eindeloze betogen over wat moslims wel en niet behoren te geloven. Er wordt geen homo uitgescholden, of een leger van commentatoren verwijst naar de Koran die dit goed zou keuren (alsof de Bijbel daarvoor niet evenzo bruikbaar zou zijn).

Het noodlottige gevolg is een versterking van het besef bij vele allochtonen dat zij hun geloof moeten verdedigen. Voelden zij zich voorheen in de eerste plaats vreemdeling, momenteel worden ze geprest zich moslim te voelen en daarmee tegelijk een schuldgevoel te moeten cultiveren.

Het ellendige gevolg is dat de werkelijke problemen die de aanwezigheid in ons land van zovele nieuwkomers heeft veroorzaakt, stelselmatig worden genegeerd en in ieder geval onderschat. Het is niet de Koran die Nederland splijt maar het enorme verschil tussen zij en wij op de gebieden als taalbeheersing, scholing, werkgelegenheid en politieke assertiviteit. Omdat er in de publiciteit dagelijks over pietluttigheden wordt gezanikt, ontbreekt volledig het besef dat allereerst een breed gedragen collectieve emancipatiebeweging nodig is om deze kloof te dichten. Die miskenning kan ons lelijk gaan opbreken.

P.S. Klopt het dat dames vroeger hun handschoenen aanhielden als ze een man een hand gaven?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden